Zoeken

Nieuwe verhalen van vroeger

“Ga je erover schrijven?”, vroeg ze. “Ik weet het niet”, zei ik. Wat schrijf je over een familiereünie, zoals mijn nicht me vroeg. De verhalen die verteld werden? Toch was er iets. Het was een tante die het quasi achteloos zei. Het voelde ongeveer zoals een verrassingsfeest, waarbij de genodigden verstopt zitten en plots tevoorschijn komen. Ik zag het niet aankomen. “Ge lacht helemaal zoals uw vader”, zei ze. Ik weet eerlijk gezegd niet meer wat ik heb geantwoord, maar wel dat ik er even later over nadacht. Hoe lachte hij alweer? Zoals ik dus. Maar hoe is dat? Mensen nemen soms stemmen op, om later te horen hoe de stem van hun geliefde klonk. Dat snap ik. Voortaan kan ik dus lachen zoals vader. Het gaat vanzelf. We hadden voor placemats gezorgd, met daarop een foto van de stamvaders en -moeders. Alle acht met een voorzichtige glimlach op hun gezicht. Het moet een foto van eind jaren '60 geweest zijn. Ik was er toen nog niet. Wie heeft de foto genomen? Wat zeiden ze tegen elkaar, alvorens de fotograaf de knop indrukte? Besliste iemand waar ze moesten staan? Gingen ze achteraf terug aan het werk? Of was het op een zondag? Het zijn vragen waar we de antwoorden niet van weten. Wat ik wel weet, is dat in elk kind of kleinkind een ander familieverhaal schuilt. Iemand vertelde dat grootvader haar nog van school kwam halen. Bij mij was hij al enkele jaren ouder. Dat deed hij toen niet meer. Ze vertelde ook dat ze als kind wegens omstandigheden enkele weken bij ons had gewoond. Ik heb het nooit geweten, wegens nog te klein. Daarom luister ik graag naar die verhalen. Het zijn nieuwe verhalen van vroeger. Ik vind ze soms beter dan de oude verhalen van nu.    

Rudi Lavreysen
8 0

Chatbot Marie

Ik was geabonneerd op Keukenprinses. Na enkele jaargangen stopte de papieren bedeling en verscheen het magazine enkel nog online. De lezersvragen werden niet langer beantwoord door de redactrice, maar kwamen in een forum terecht, waar andere lezers konden reageren. Na een halfjaar was er niemand meer om het forum te monitoren en maakten venijnige opmerkingen en zelfs scheldtirades hun ingang. Hierdoor besloot men het forum te sluiten. Een firma gespecialiseerd in AI-software kwam met chatbot Marie op de proppen. Zij zou vragen beantwoorden gaande van ‘Hoe te zoute soep nog redden?’ tot ‘Help, mijn man lust geen quinoa!’ In een vierkant rechtsonder op mijn scherm verschijnt een blonde deerne met geruite schort. ‘Hallo chef! Ik ben Marie, uw online assistente, zeg maar sous-chef. Waarmee kan ik u van dienst zijn?’Ik vraag: ‘Hoe maak ik groentetaart?’Een lijst met een twintigtal taartsoorten verschijnt. ‘Ziehier een overzicht van onze recepten voor heerlijke taarten van alle slag! Klik op de link om door te gaan naar ingrediëntenlijst en bereidingswijze.’Ik overloop de lijst en antwoord: ‘Crumble is geen taart, maar een gebak.’Marie antwoordt: ‘Raadpleeg de tabel op tabblad 4 voor baktijd per recept en ovensoort.’Ik zie geen groentetaart. Ik typ: ‘Rodekool.’Marie vraagt: ‘Bedoel je rode bes?’‘Nee, rodekool.’‘Ik heb je niet goed begrepen, kun je je vraag anders formuleren?’‘Ui.’‘Bedoel je ei?’‘Look.’‘Bedoel je room?’Je bent een ezel, Marie.‘Ia ia ia,’ balk ik naar het scherm.Marie blijft stil.Ik typ: ‘Ia.’‘Bedoel je ei?’Ik typ: ‘Marie-Antoinette droeg haar mooi korset altijd heel koket.’‘Kun je dit anders formuleren?’‘Marie-Antoinette kreeg een omelet op haar mooi korset.’Lange stilte. Ik hoor in gedachten de AI-radertjes werken en in de database graven. Uiteindelijk zegt Marie: ‘Gebruik minder eieren als je zeker geen omeletsmaak wil.’Ik moet er toch om lachen.‘Marie, je bent een kei.’Het duurt weer even voor er antwoord komt, ik hoor de radertjes werken.‘Bedoel je ei?’

Marja Vandekeer
13 0

Stom brood

We hebben een nieuw favoriet brood. Ik vermoed dat iedereen er eentje heeft. Maar na een tijd ben je dat brood beu gegeten en moet je op zoek gaan naar een ander.  Nu hebben we de stomme fout gemaakt om het tegen een paar mensen te zeggen. Een favoriet brood is zoals een onbekend idyllisch dorpje in Zuid-Frankrijk of Toscane, waar eigenlijk geen fluit te beleven valt, maar dat speelt geen rol want het is nog onbekend. Of een stuk strand waar de toerist zijn espadrilles nog niet heeft gezet. Zeg het thuis tegen een paar vrienden en volgend jaar zit de halve wereld er.   Zo verging het ook met ons favoriet brood. Ik zei het tegen dinges, waarna hij het tegen een andere dinges zei en de broodbal was aan het rollen. Het is niet langer een goed bewaard geheim. Het ligt op de straat.  Het moet gezegd, dat rond volkorenbrood is een topper. Ze verkopen het in de supermarkt (nee, ik vertel niet welke) en het is elke dag snel uitverkocht. Ik heb al gevraagd om er eentje te reserveren, maar dan kom ik op de wachtlijst en daar staan al 70 mensen op. Ze kunnen er ook geen extra bakken. Het strafste was dat een vriend afgelopen weekend me vertelde dat, jawel, ons favoriet brood in supermarkt x geweldig lekker was. “Ik heb een exclusieve tip gehad”, zei hij. “Niemand weet het.” Afijn, ik heb me er niet over uitgelaten. Vroeger had je dat niet, favoriete broden. Je had hooguit een favoriete wielrenner of voetballer. Of een favoriete nieuwslezer. Er was ook maar één soort biefstuk. Of één soort kabeljauw.  Nu heb ik geprobeerd om het recht te zetten en een ander favoriet brood in de kijker te zetten, maar dat plannetje is mislukt. Stom brood ook.

Rudi Lavreysen
4 0

Kaasplank

Ze at zo enorm graag kaas. Waarom ze zo graag kaas at, wist ze niet, kon ze niet zeggen. Eigenlijk had ze er ook nooit bij stilgestaan waarom ze zo enorm graag kaas at. Het was gewoon zo, net zoals haar haren blond en haar ogen bruin waren. In elk geval; van haar ouders had ze het niet, die aten liever charcuterie. Of misschien was het net daarom; omdat haar ouders zo ongelofelijk graag charcuterie aten, enkel maar charcuterie in huis haalden, dat ze, bij wijze van opstand, zich volledig overgaf aan alle mogelijke kaassoorten. Elke dag voorzag ze zichzelf een kaasplank. Er waren kazen die vaak de revue passeerden, andere kazen die zich maar eens om de zoveel tijd lieten proeven. ‘Sommige smaken moet je beperken om ze speciaal te houden’, zei ze. Tegen wie zei ze dat? Dat is niet geheel duidelijk, maar ze heeft het in elk geval gezegd. Of dat klopt kon ze niet met zekerheid zeggen zoals ze niets met zekerheid kon zeggen, maar proefondervindelijk bleek wel dat niet al te vaak geproefde smaken een soort aura rond zich creëerden en sommige kazen waren dat aura waard, waren de zeldzaamheid waard, waren het voorzichtig-omgaan-met waard en bewezen dat ook keer op keer. Af en toe stelde een stuk teleur, vaak waren dat nieuwkomers, maar af en toe betrof het oude gezanten waar ze zelf misschien wat te nonchalant mee had omgesprongen, te vaak de kaasplank had opgelegd. ‘Stelt de kaas, de smaak of ikzelf teleur,’ zei ze, ‘of de eindeloze herhaling?’ 

Lorin Clercq
12 0

Augurken met een grauw gemoed

  Wat als ik schraap. Mijn vel bevrijd van donderslagen. Wat als ik schreeuw. Mijn keel mij stikken laat. Hoop en kwaad. Ze dansen in mijn hoofd. Ze zullen enkel vallen wanneer moed vergaat. Beste Dimitri, ongeknoopte koorden zijn er voor de schepen, vaartuigen die wind vertrouwen. Noorderwind, wees kil en koud, durf wil en zout te proeven. Augurken liggen altijd dood in een bokaal.  De wereldbeker wreedheid is gewonnen door een Rus, terwijl Amerikanen zich verzuchten. Waar zijn die brave zielen, burgerdoelen, hebben wij nog bommen om hun onschuld te verdrijven? Leugens kleven op mijn netvlies, uit mijn lies stroomt zuiver bloed. Ik kan niet meer bewegen, gaan naar beterschap. In Dudzele is er een zot die deuken in uw ziel wil repareren voor een schele duit. Voorruit. Achterwaarts. Kelderraam. Ik zie niets meer, dit spookkot is ontvoerd door magere piraten. Zelfs Kaap de Goede Hoop gelooft de oceaan niet meer en in de Varkensbaai rilt er een zeekoe, aangespoeld en uitgeput. Kalfjes willen zalf op tere plekken leggen. Nodeloos want zeer hardnekkig zijn de moordenaars die volkeren bedriegen. Wat als ik schreeuw. Het einde stil aanbid. Wat als ik schraap. Mijn vel op die kadavers leg. Warmte is een teder goed. Ik moet echter gelatenheid aanvaarden. Anders pleegt de nacht een laffe daad en blaat het lam nooit meer. Moeder ooi maakt zich intussen mooi voor nog een slachting. Speld uitgedroogde vlinders op uw vest, meneer de generaal met vaal gemoed. Morgen komt die beul met blinde hoed en vindt weer alles wat nog lief zou willen zijn.     uit de reeks 'Duim voor Dimitri'

Bernd Vanderbilt
7 0

Bim bam boterkoek

  Door een kraanvogel werd ik uit de goot getild. Zo gaat dat want Puk van de Petteflet, hij komt altijd veel te laat met zijn knalrode takeltuig. Intussen blijft het ruige dagen regenen. Enkel die volwassen, grotendeels gestorven zielen kunnen dit nog aan. Bim bam bom. Ballistische raketten en nog vele keren bom boem bam. De zwarte put is in de ban van stollend bloed. Ik wil hier weg. Ik kan dit niet meer aan. Mijn keldertje aanvaardt alleen nog maar kadavers. Spinnen moeten op de zolder broeden. Wrede plannen heersen. Webben vol vergeten vlinders worden vuil naar het verluidt. Er is geen teder noodlot meer. Ik vertrouw nog op mijn linkerpink die al het grauwe snot verwijdert uit die walvisneus en pas toch op, geslagen kind. Proef niet meer van bruine eieren. Mosterdgas is vluchtig en de lach van onze maan is zo oneerlijk als een koekoeksbrein. Mauve folie zit nu rond de lijken in het verre oosten. Dichtbij rot het platteland. Mol en veldmuis, wees gewaarschuwd. De lente met zijn zieke boeren, gif en scherpe ploegen zullen weer proberen overal hetzelfde groen te zaaien. Onraad zal gaan kiemen en de zon zal onverschillig schijnen. Denk maar niet dat echte warmte komt, wanneer je straks die stranden zoekt. Het blijft intussen maar gebeuren. Dood, vernieling en de waanzin heersen over alle grijze wolken. Daaronder botert niets. Schimmel en bedorven geesten zullen zich verspreiden. Intussen staart die kraanvogel me aan met lede ogen. Ik geef hem nog een stuk soldatenkoek en Puk rijdt een zoveelste toertje rond de kerk. Herhaling is het handelsmerk geworden van de gruwel en ik voel het, ruwe tijden willen zwellen in de zwarte klei.       uit de reeks 'Over eelt en zurkelteelt'  

Bernd Vanderbilt
2 0