Zoeken

In de supermarkt.

In een vorig leven, werkte ik voor de GB-groep. Het was mijn eerste job, ik had er verantwoordelijkheden, ik was tweetalig, ik zag er best knap uit in dat uniformpje, presentabel zeg maar, in de lijn van wat verwacht werd van een GB-medewerker. Stiptheid was belangrijk, zeer zeker klantvriendelijkheid en ik heb nog steeds in gedachten de tien geboden naar de klant toe. Het was nog geen tijdperk van ‘de supermarkt beleven’ als in een ‘aah-Erlebnis’, als in een retail-orgasme. Klantvriendelijkheid werd verwacht maar je deed het ook omdat in contact zijn met elkaar des mensens is. Niet alleen tijden maar ook de wereld en de wereld van GB – Carrefour is veranderd en lijkt vandaag op niets meer op wat we vroeger zonder morren deden. De supermarkt heeft zijn mojo verloren en het personeel loopt er wat somber bij. Ik stelde me onlangs de vraag: waarom ga ik naar de kassa waar steevast een oudere kassierster zit? Waarom ga ik naar de kassa waar een vrouw van kleur zit? En waarom ga ik niet meer naar de kassa waar een blonde gespierde jongen of een Kardashian-lookalike werken? Ik ken de antwoorden. De oudere kassiersters hebben het nog. Het wat? Hét? Dat contact met de klant, oogcontact ook, die feeling, een woordje over een product dat je koopt – “lekker, die verse kip curry!”, de vraag of je zegels wil voor de potten en pannenactie, zorg dragen voor de te scannen producten, wachten met scannen als de boodschappen niet snel genoeg opgeborgen gaan, het prettig weekend wensen – mét oogcontact dat een glimlach achter het lichtblauwe masker in coronatijden verbergt. De vrouw van kleur is een oase van rust. Omdat ze tweetalig is, rust uitstraalt en altijd een vriendelijk woord heeft. Een gemeend vriendelijk woord. De blonde gespierde jongen spreekt alleen maar Frans (als hij al spreekt) en de Kardashian-lookalike is meer op de gsm/Whatsapp bezig dan me echt op te merken. Echt waar serieus, tokkelen op de gsm én scannen. Is dat een doorslaggevend op sollicitatiegesprekken? Beide profielen scannen aan een allure dat om snelheidsbeperking vraagt. Alles wordt gescand en gescand en gescand – en alles beland in sneltempo via de rolband tegen elkaar opgepropt aan de andere kant. Een kettingbotsing van eieren, spinazie, Sheeba en cava flessen. Allemaal in, op, over en soms door elkaar.  Het zijn tijden! Het gebeurt ook bij Delhaize, iets minder bij Colruyt, en bij Lidl en Aldi is het nog erger maar daar kom ik niet meer. Carrefour zit ergens in het midden. Ik zal er mijn koopgedrag niet naar aanpassen – hoewel ik wel gemerkt heb dat ik al wat meer naar Delhaize ben gegaan. Dan voel ik me de ontrouwe echtgenoot en hoop ik dat mijn lief me niet betrapt op dat ene slippertje.  We zijn het verloren. Enfin, een generatie heeft het niet meer. Wie een beetje sociologie van het werken studeert, begrijpt de veranderingen. Technologie bestaat ook in de supermarkt en zeker ook aan de kassa. Maar ik kan het niet nalaten te denken dat Carrefour en Delhaize nog weinig investeren in het menselijke dat klanten nog zijn, ondanks apps en boodschappen van op afstand te kunnen doen. Een goede vriend die consultant is bij grote namen, beaamt het. “Het is tijd- en winstverlies om te focussen op de klanten.” Nog nooit heeft hij zoveel medewerkers moeten overtuigen om zin in hun werk te geven, iets wat de supermarkt in huisopleidingen hoort te doen, maar niet meer doet. In situ, op de werkvloer en tijdens de werk- en openingsuren, niet in aftandse opleidingslokalen waar talentvolle orators het vuile werk mogen opknappen. Boodschappen doen is een ergernis. Het is een vervelende wekelijkse sleur die ik zo snel mogelijk afwerk. Als ik dat enkel en uniek moment van vriendelijkheid krijg, maakt het mijn ochtend goed. Ik schat nog een 30-tal jaren zelf mijn boodschappen te doen, dan is het aan mensen die vandaag nog niet geboren zijn om mijn boodschappen te doen. Ik heb een compromis met mezelf gemaakt. Ik zal naar de winkel blijven gaan tot de oude kassiersters op pensioen zijn en tot de vrouw van kleur een andere carrière najaagt. Stuur de blonde gespierde jongen naar de Nederlandse les en vraag aan Kardashian de gsm in de omkleedkamer te houden. Het is irriterend, contraproductief, afstandelijk, snobistisch en zéér onbeleefd.

Erwin Abbeloos
0 0

Prozen

Ik heb af en toe zwarte dagen, alsof de half opgepompte band letterlijk leegloopt en ik blij ben dat ik na een te vroeg ontwaken terug naar bed kan. Dan verstop ik me onder de lakens en kijkt m’n ego bang weg van wat de dagen nog brengen.Ik begrijp het zelf niet zo goed. Ik heb het gevoel dat ik nog maar aan de helft van mijn energie zit en er regelmatig met een voorhamer op m’n hoofd wordt geklopt. Ondertussen heb ik na mijn burn-out nieuwe uitdagingen gevonden die goed aansluiten en zijn er ideeën die concreter worden.Toch, een grote leegte blijft rondspoken. Het zoeken naar warmte, verbinding en uiteindelijk bevestiging staat ondanks alle processen en inzichten nog hoog op de agenda. Het is dat kleine kind wat zich ooit verlaten voelde en angstig wacht tot zijn moeder hem in de armen sluit en troost met zinnen als:‘Kom hier, huil maar. Vertel me waar ben je zo bang voor jongen?’ Dan, na een lange stilte antwoordt het jongetje van de volwassen man:‘Dat alles wat ik dacht te hebben en niet te hebben, niet echt is. Dat het allemaal een illusie is, en ik het pas zal inzien, wanneer ik verlies wat echt was.’   Waarna ze troost, zonder woorden, wiegend in haar armen. Het kleine kind dat dan opkijkt en vraagt, ‘wat is er met mij aan de hand mama?’En dan te horen krijgt: ‘Niets, lieverd. Je mag er zijn. Zoals wie jij bent. Welke keuzes je ook maakt. Ik ben bij je. Mijn hypergevoelige lieve schat.’  Ja zoiets. Niet dat mijn moeder me nooit vastnam toen ik kind was, maar als je volwassen bent is het alsof dat kind in je - en zeker tijdens je puberjaren - zich ver weg verstopt heeft van alle kleine en soms grote kwetsuren. Waarna je hard wegrent van je habitat en je verstopt in de grote wereld, die je afleidt, verleidt en als een lege bel aankijkt als je in je bed kruipt en denkt, wat was er vandaag aan de hand, wat heb ik - buiten die fastfood netflixemoties - nog echt gevoeld?  Het is een droom. Hoe kan ik zulke woorden verwachten van een moeder die ver weg is en ondertussen haar eigen zorgen heeft. Waarvan haar innerlijk kind te vaak klein werd gehouden, ook al is ze groots in wezen. Zoals vele moeders. Terwijl ik dat universum voor mezelf probeer te verbreden of net door mijn eigen bril verkeerd zie, en daardoor vernauw? Want wat is verdomme nog echt? Misschien is het enige dat telt, dat ik nog voel of toch, opnieuw leer voelen? Sorry. Het moet er uit. Af en toe heb ik tijd nodig heb om te prozen, schrijven en verpozen samen zeg maar. Het even afschrijven van me. Het zachtjes klagen in woorden die zoeken naar een waarom. Waarom ben ik wie ik nu ben en waarom ben ik zo bang geworden om te zijn wie ik ben en heb ik zo’n verdomde angst om te falen. Ik zoek verder, elke treinrit naar Brussel wroet ik en dreun hamerslagend op mijn klavier waar ik mijn gedachten met de woorden laat spelen… en proos.

Bart Vermeer
24 1

Afscheid van de Ardennen

Het was een weloverwogen beslissing, ik heb niet in een opwelling afscheid genomen van ons plekje in de Ardennen. Ik vond er gewoon niet meer wat het altijd betekend had. Het was een beslissing die door het jaar groeide. Ik ontdekte dat ik excuses aan het verzinnen was om niet naar de camping te hoeven. Dat is niet goed. Het gevoel van eenzaamheid dat ik daar had, werd alleen maar erger. Dus kwam de caravan te koop. Ach, wat was mijn maatje er trots op en blij mee geweest. Hij heeft dat gelukkig nog wel mee mogen maken. We zijn vorig jaar oktober ook nog vaak geweest. Het weer was mooi, de plek was weer prima, we hebben er heerlijke weekenden gehad. Maar nu is alles anders. En er kwam een koper. Die de caravan zelfs voor me ging ophalen in de Ardennen. Daar hoefde ik zelf helemaal niks aan te doen. Natuurlijk had ik er al wat zaken uitgehaald. Dingen die ik echt wilde bewaren. Maar verder kon ik alles achterlaten. Wat ik niet meer wilde, zou hij afvoeren. Ik was er echt heel blij mee. Het voelde ook als een geruststelling toen alles was geregeld. Ik had afscheid genomen op de camping, afgesproken om in ieder geval in het voorjaar weer terug te komen, om dan in het kasteel te slapen. De papierwinkel was geregeld, alle verantwoordelijkheid was voorbij. Als ik een auto met caravan zie rijden, denk ik alleen maar, pff, dat hoeft gelukkig niet meer.  En toch, ik heb er echt geen spijt van, het is goed zo, maar ik word bijna dagelijks herinnerd aan die plek. Als er een Frans liedje voorbij komt op de radio, als ik zie hoe de herfst de bladeren van de bomen kleurt, als ik de vochtige geur van vallend blad ruik. Het zal ook de tijd van het jaar wel zijn, dat het weer zo binnenkomt, maar ik heb het er eigenlijk best moeilijk mee. Nu is er weer een hoofdstuk definitief afgesloten. En er zijn heel veel mooie herinneringen, we waren daar altijd samen. Misschien dat dat ook de reden is dat ik het zo mis.          

Machteld
5 1

Te nieuwsgierig geweest

Hij was inmiddels wel kind aan huis, op het werk van het vrouwtje. De meeste mensen kenden hem nu wel en hij wist ook precies waar hij moest zijn als hij met de bal wilde spelen. Er kwamen regelmatig nieuwe mensen maar ook die waren prima om mee om te gaan. Natuurlijk mocht hij van het vrouwtje niet overal mee naar toe en mocht hij niemand voor de voeten lopen maar over het algemeen deed hij toch wel waar hij zelf zin in had. Dat was ook regelmatig tukken, want dat is nu eenmaal ook wel heel lekker, maar hij kon toch wel vaak op ontdekkingstocht. Laatst had hij zich alleen wel een beetje vergist. Het vrouwtje zat met een collega in een grote kamer en ze waren samen druk bezig met iets dat op het scherm stond. Hij had wel even gekeken en een dutje gedaan maar op een gegeven moment was hij toch maar eens verder gaan kijken. Er waren best veel mensen dus misschien had er wel iemand zin om met de bal te spelen. Eerst maar eens kijken waar zijn bal eigenlijk lag, dat wist hij niet precies. Toen hij over de gang liep, kwam hij een meneer tegen met een grote tas bij zich. Hmm, die had hij nog niet eerder gezien. De man liep hem voorbij, het leek of hij een beetje haast had, maar hij was er toch maar achteraan gelopen. De man ging dat rare hok binnen, waar het altijd zo warm was. Ze kwamen er niet zo vaak, je kon er ook niet werken. Hij keek eens rond, de man was bij de grote installatie bezig en had helemaal geen interesse in hem. Nou ja. Dan niet hoor, hij kon zichzelf ook wel vermaken. Er was genoeg te onderzoeken in dat hok. Alleen, de man had waarschijnlijk ook helemaal niet in de gaten gehad dat hij er nog was, want toen hij klaar was met zijn klus ging hij weg en deed gewoon de deur dicht. Zonder naar hem te kijken. Daar zat hij nu, opgesloten. En het vrouwtje wist niet waar hij was. Ai, dat was niet handig. Het was wel te hopen dat ze hem zou vinden want het was helemaal niet gezellig in het hok. Stel je voor dat ze hem niet vond en dan alleen naar huis zou gaan. Dan moest hij hier vannacht blijven. En hoe moest dat dan met zijn brokjes, en zijn varkensoor. Tjee, hij had zich toch wel in de nesten gewerkt. Hij werd er toch wel een beetje paniekerig van. Als hij nou eens bij de deur ging staan en ging roepen? Pff, gelukkig, de deur ging open en het vrouwtje keek hem aan. Ze was niet blij, dat zag hij wel. Maar hij kreeg gelukkig niet op zijn kop, waarschijnlijk was ze ook wel blij dat ze hem gevonden had. De rest van de middag was hij heel dicht bij haar gebleven. Volgende keer zou hij toch wat beter uitkijken, dat wist hij wel.  

Machteld
0 0

Dag 4 Novembervers

Freewrite vandaag Sta op. Sta op komaan neen niet wachten tot exact de 10 minuten verzette 3e wekker afgaat terwijl u ogen wagenwijd open zijn STA OP drukke dag. Medicatie ga vista+cal D halen (I didn't) neem lecocentrizine tegen allergieën (I did) kleren aan croptop voor later vergeet u cursus Thermodynamica niet (proceeds to bring that but no noteblock to write in). Eten onbijt insta oh grappig focus eten oh een bericht op Messenger neen eten FOCUS tijd tikt tikt tikt terwijl ik mij haast en te weinig eet zodat ik een half uur te vroeg op school aankom.  Pyhton begint soms wat te knellen maar wurgt nog niet. Thermo is daarentegen een echte boa constrictor. Blijf focussen hou vol motivatie oh **** mijn leven **** thermo mijn neus zit vol met snot DIE GAST ACHTER MIJ MOET NI EERST ZAGEN DA IK NI MOET SNIFFEN TERWIJL SNUITEN MIJN NEUS ENKEL MEER VERSTOPT OM DAN OP DE FUCKING 5E RIJ VAN EEN GIGA AULA VROLIJK ALS EN DOM KALF DE HELE VERDERE LES STOREND LUID OVER ALLES EN IEDEREEN TE ZITTEN LOEIEN Hoe vol. Negeer da. Focus middagpauze eindelijk ETEN hey Zoë catch-up ik voel mij eindelijk eens een middag welkom aan en tafel voor het eerst in maanden. Ohja en ik ga naar Juliette haar optreden, tickets geboekt tijdens de les thermo daarstraks!  Daarna econo vreemd genoeg mijn favoriete vak als schakelende ingenieur in wording maar man kunnen die docenten nog wa leren van Mevr haar lesstijl. Einde lesdag snel vragen het was vlamio (niet vlamjo!) op de fiets met mijn mede student-ondernemer tot ziens ballonsvaartman ik ga mijzekf wat laten zakken in het bos met mijn generatie-genoten van vocals cadansen en tracks om u tegen te zeggen god eleonora is zo'n adhder and I love her for it en fuuuu NOOR GAAT DAAR EFFE UITHALEN waarom ik ni zingen ma ze hrbben gelijk ik ben er klaar voor nu rusten. Naar huis eten bestellen met kip cordon blue in de hand de verschillende visies op veganisme en vleesconsumptiereductie besprekend gaan we de geografisch vergelijkende tour op ik ben op in de zeten naar bed mijn bed nu insta oops afgeleid... bijna 1. Slaapwel

Tijs
3 0

Dag 1, 2 en 3 van Novembervers (2 voorbije dagen ziek geweest, vandaar inhaalmanoeuvre)

1 November: Slijm in mijn keel keel hebben is overweldigend op een sensorisch niveau wanneer ik een micro voor mijn neus zet. 2 November:  "-Hey man, gelukkige verjaardag hé. - Merci, gij ook ne gelukkige!" Conversatie tussen juist 23 jarige ik en juist 12-16 jarige jongen, die door puur toeval in hetzelfde restaurant zijn verjaardag kwam vieren als ik met wie ik samen ervoor gezorgd heb dat het hele restaurant niet 1 maar 2 keer heeft kunnen genieten van hetzelfde 3-delig verjaardagsdeuntje op 1 avond, toen zowel hij als ik tegelijk vertrokken. Comotapas us trouwens echt een aanrader 3 November : Soms heb ik van die momenten waarop ik besef/beredeneer dat sommige zaken in en taal wel/niet/potentieel bestaan, vooral tussen 2 talen (voornamelijk Engels en Nederlands). En dan kan ik gemakkelijk een half uur spenderen aan het uitdokteren hoe dit toch zou werken in beide talen.  2 voorbeelden die ik me vanochtend op de fiets bedacht: - De Engelse taal heeft geen woord dat voormiddag scheidt van ochtend (+ het uitdenken voor welke uren ochtend, vm, nm en av toepasselijk zijn in zowel Engels als Nederlands). Technisch gezien wel eigenlijk (before noon) ma dat is ni 1 woord zoals afternoon en wordt naar mijn weten zelden tot niet gebruikt. - Gekmakend is het Engels is "maddening". Bij gevolg bestaad ook iets met een gekmakkend gehalte (een zekere gekmakendheid) in "maddeningly". Da is al spicy and tickles me in my literary place. Maar wacht, het beste komt nog: gekmakend is het de bijvoegelijk naamwoord geworden vorm van gek maken, wat betekend dat in het engels ook "enmadden" mogelijk moet zijn. EN "enmaddening". EN ZELFS F'ING "ENMADDENINGLY".... en dan vragen mensen zich af waarom ik van taal hou.

Tijs
6 0

Gezelschap

Gezelschap is niet altijd een kwestie van vrije keuze. Een ziekenhuisopname is sowieso al niet iets waar mensen op zitten te wachten maar als je dan nog geconfronteerd wordt met het feit dat je met vier personen op een kamer komt te liggen, dan kun je in jezelf toch wel eens diep zuchten. Het overkwam een lieve vriendin van mij. In eerste instantie lag ze op een kamer alleen. Dat beviel eigenlijk prima. Zij is niet van het kaliber kletskous dus ze vond het niet erg dat ze naast de bezoekuren was teruggeworpen op haar boeken en haar iPad. Toen het, gelukkig, wat beter met haar ging, moest zij haar kamer afstaan aan een patiënt die net terugkwam van de IC. Tja, heel begrijpelijk natuurlijk, maar wel met een beetje schrik en beven. En ze trof het niet. Tegenover haar lag een dame die vanuit de hoek van de kamer het hele speelveld overheerste.  Als de Queen van Sheba zat ze rechtop in haar kussens en bemoeide zich overal mee. Ze ging met de zaalarts in discussie over de medicijnen van haar buurman, gaf de echtgenote van een vertrekkende patiënt goede adviezen mee en had overal een mening over. Het startte ’s ochtends vroeg en eindigde ’s avonds als het licht uit ging. Mijn vriendin probeerde zich stil te houden. Tenslotte wil je geen heisa op zo’n kamer. En zo’n mens verander je toch niet. Maar ze moest spreekwoordelijk gezien op haar handen zitten. Je vraagt je alleen af of het gebrek aan empathie of gebrek aan intelligentie is. Waarom bemoeit iemand zich overal mee. Ik kan me zo voorstellen dat haar bezoek zich af en toe wel geschaamd moest hebben. Ze wist zelfs iets te vertellen over de vele boeketten bloemen die mijn vriendin had gekregen. Terwijl haar eigen bloemen een beetje zieltogend over de rand van de vaas hingen. Op een avond kreeg de dame in kwestie een bananenshake. Dat soort drankjes zit normaal gesproken in een flesje waar je dan uit kunt drinken. Lekker praktisch, zeker in een ziekenhuis waar efficiency belangrijk is. Maar nee, daar was mevrouw niet van gediend. Zij riep de dame die de drankjes verzorgde terug. Zij wilde een beker, een rietje en ijsklontjes. Uiteraard. Tenslotte betaal je er genoeg voor. Waarop de verzorgende ad-rem reageerde, “gelukkig hebt u niet veel noten op uw zang”. Dat noemen ze gerechtigheid.        

Machteld
0 0

Ingroeien

Als een halfeeuwige ouder, kijkend naar de langsgillende basisschoolkinderen, heb ik ingroeivragen.    Kinderkleding past vaak prima. De broek zit vanaf het moment dat het kind op het schoolplein laat zien welke nieuwe, mooie kleuren het aan de kont heeft hangen, perfect. De jasmouwen sluiten netjes aan op de hand en de trui valt netjes over de buik.   Dat was in mijn kinderjaren anders, daar werd kleding ‘op de groei’ gekocht. Je liep maanden met opgerolde broekspijpen rond, niet als modeverschijnsel, maar als noodzakelijkheid. Een trui begon te slobberig en eindigde nét te strak, om later, na een goede wasbeurt en een korte tijd verpozen op de bovenste plank van de kledingkast, aan de schouders van je broertje te slobberen. Indien noodzakelijk aangevuld met stukjes leer of ribfluweel op de ellebogen.   Waarschijnlijk wordt er nog steeds doorgegeven op de hedendaagse schoolpleinen. Dit blijkbaar perfect passend, geen maat wordt ingegroeid en uitgegroeid om tussenmaten over te kunnen slaan.    Naarmate de kinderen richting de basisschooluitgangsleeftijd gaan, lijken de kleren overigens nieuwer en minder doorgegeven. Mode wil ook wat en de Aziatische kinderhandjes Terstaleren en Zeemannen de shirts, broeken en jassen jaarlijks binnen het bereik van de kleinere beurs. Het enige waar kinderen ingroeien is een fiets. Aan het begin of tijdens het laatste jaar van de basisschool staan ze met de teenpunten op te trappers en hupselen ze sprongsgewijs op het zadel. Hier druppelt de hoop van ouders door: laat de tiener voldoende groeien om volgend jaar zonder al te veel zwalken de weg naar de middelbare school te vervolmaken. Een goede tweede is, bij een achtergebleven hoeveelheid groei, het opdoen van zoveel ervaring in fietsen met de zadelhups en teenpunten, dat het nét veilig genoeg is om de brugklasser en zware tas mee te voeren. Laat ze, zo hoopt de ouder, deze puberomspannende schoolcarrière doen met dezelfde, kostbare fiets.   Deze fietsen zijn vaak nieuw, blijkbaar wordt een rijwiel niet van broer tot broer of zus tot zus overgeleverd. Waarschijnlijk komt dit doordat de rijwielmode snel verandert, niet broeks- en truigewijs jaarlijks, maar met een cyclus van een jaar of vijf. Voldoende om van net met de tenen op de trappers, door te groeien naar zadel op zijn hoogst en de knieën tegen het stuur.

MCH
8 1

Wat wij weten, maar beter geen aandacht geven

Ik weet het. Veel mensen weten het. Eerst waren er de gevoelens die aangaven dat er iets niet klopte. Die werden aanvankelijk veelal weggerationaliseerd of onder het tapijt van zelftwijfel geveegd. Maar naarmate er meer puzzelstukken werden vergaard, ervaring werd opgedaan, zat er niets anders op dan die gevoelens voor waar aan te nemen. Zo was ik zelf, in totaal 15 jaar, tegen mijn schreeuwende gevoelens in, een trouwe klant van het medisch systeem waar ik met mijn welvaartsziekte kwam aandraven. De logica omtrent mijn lijden, die mij consequent en systematisch werd ingeprent, hing met haken en ogen aan elkaar. De onderzoeken en behandelingen leken ontworpen om vicieus te zijn. Ik was verzeild geraakt in een spel waarbij symptomen telkens opnieuw de kop werden ingedrukt, om daarna op een andere plaats en in een andere vorm weer te verschijnen. De mythe ging de ronde dat de onderliggende oorzaak onbekend was. Wie was ik om de specialisten in vraag te stellen? Wie ben ik in godsnaam? Het heeft veel tijd, diepgaand empirisch onderzoek en een kettingbotsing aan trials and errors gekost, maar vandaag noem ik mezelf een ervaringsdeskundige. Ik ben, zoals zoveel zelfstandig denkende mensen, geruisloos uit dat systeem verdwenen. Mijn medisch dossier is een lijvige thriller die abrupt eindigt bij een zoveelste cliffhanger. Het was meer dan duidelijk dat het handelen naar mijn gevoelens en moeizaam verworven inzichten veel meer zou opbrengen dan de verantwoordelijkheid door te schuiven naar zogenaamde specialisten die de diepgaande wanhoop van een chronische aandoening nooit zelf hadden ervaren. De mensen die mij het meest geïnspireerd hebben tijdens mijn lijdensweg zijn dan ook mensen die min of meer gelijkaardige wegen hebben bewandeld. Ik zeg het al jaren: herkenning  is helend, voedend, troostend en zoveel meer. Uiteraard doet het mij iets, wetende dat er op dit moment zoveel mensen wanhopig verstrikt zitten in het medische kluwen. En het worden er alsmaar meer. Ook vandaag zijn er mensen die een diagnose aangepraat krijgen die ze meteen zullen Googelen, wat vaak het begin betekent van een ellelange externe zoektocht die pas in vraag zal worden gesteld als er een gitzwart breekpunt wordt bereikt. Dan pas, misschien, zal het innerlijke kompas weer geraadpleegd worden. Het veelkoppige (educatief, economisch, medisch, politiek, technologisch, … )  systeem waarin we als mens opgroeien en dienen te passen, is ontworpen om ons weg te houden en af te leiden van onze essentie. Van onze scheppingskracht. En die is niet van de minste, al zeker niet op collectieve schaal. Benoemen wie of wat de mens systematisch probeert weg te houden van zijn ware potentie is een netelige zaak. Alleen nog maar suggereren dat deze mogelijkheid bestaat, kan onaangename gevolgen hebben op sociaal vlak. Het mag geen naam hebben. We worden met een onzichtbare, doch wel harde, hand aangemoedigd om vertrouwen te hebben in hogere machten. Want er zijn alleen maar goede intenties. En als iedereen zijn steentje bijdraagt, dan kan het best aangenaam worden. Meer is er niet. Maar mijn ervaringen en gevoelens, die telkens opnieuw gerangschikt en kritisch geanalyseerd worden door ratio, zeggen al heel mijn leven dat er wel meer is. Dat er wel degelijk krachten actief zijn die mensen klein, beperkt en afhankelijk willen houden. Ik heb nog jarenlang gedacht dat onwetendheid aan de basis van het kwaad lag, maar nu ben ik er toch wel behoorlijk zeker van dat het om moedwillig, zelfs ingenieus uitgekiend, werk gaat. Ik ben niet alleen, veel mensen zijn tot deze conclusie gekomen. De laatste jaren heeft er een versnelling in het zogenaamde ontwakingsproces plaatsgevonden. Bij ontmoetingen herkennen we elkaar aan de hand van details zoals woordgebruik en gedragingen. Ook de blik in iemands ogen kan boekdelen spreken. We lijken in de minderheid te zijn, er openlijk voor uitkomen is dan ook niet evident, toch heb ik het vermoeden dat we met veel meer zijn dan we denken. En als we elkaar ontmoeten, zouden we dan één ding kunnen afspreken? Zouden we kunnen inzien dat het geen zin heeft, dat het zelfs vermoeiend is, om de donkere krachten in de wereld telkens te vernoemen en dus te bevestigen in hun bestaan? Telkens opnieuw wanneer gelijkgestemden het verontwaardigde klaaglied der onrechtvaardigheid van de wereld in koor klaroenen, staat dit gelijk aan een bijdrage van verlaagde frequenties in het collectieve energieveld. Ik haal veel meer vreugde en energie uit het negeren van de beperkende krachten in de wereld, dan ertegen te strijden of ze telkens te gaan verwoorden. Het is heerlijk om iemand te ontmoeten, in alle openheid en vrij van opgelegde voorschriften, en bij afloop te constateren dat er geen enkel woord gerept werd over de heersende onderwerpen die horen bij de collectief opgedrongen angstpsychose. Soms voelt dat zelfs als een overwinning. Mijn verzet huist in persoonlijke keuzes die mijn frequentie en welzijn verhogen, en die vaak haaks staan op voorgeschreven conventionele denkbeelden. Het helpt daarbij om dichtbij de natuur te zijn en geen waarde te hechten aan het op angst gebaseerde narratief dat via verschillende kanalen de wereld wordt ingestuurd. Zelfs als ik mij niet energetisch laat bestralen door de lage frequenties die media en nieuwsbronnen uitzenden, weet ik wat er gaande is in de wereld. Door mijn eigen ogen zie ik klaarder dan door de bril die mij stellig aangeraden wordt. Ik roep jou, gelijkstemde lezer, op om alle externe verhalen die mogelijks angst of onrust opwekken, te negeren en om zonder schroom liefdevol jouw eigen authentiek verhaal neer te zetten. Gevoel is daarbij jouw leidraad. Wees inventief en durf af te wijken van de geplaveide paden. Onthoud dat de beperkende donkere krachten van deze wereld zich voeden met angst en aandacht. Laten we met zoveel mogelijk mensen het ongewenste negeren en focussen op wat goed voelt en waar ons verlangen naar uitgaat. Wat niet hetzelfde betekent als het ontkennen of verbloemen van de moeilijkheden die ons voorgeschoteld worden. Het draait om focus en het maken van bewuste keuzes, al dan niet met niet voor de hand liggende of onzekere gevolgen. Het is belangrijk om je ervan bewust te zijn waar je energie naartoe stroomt, wat aandacht krijgt. En wat dient losgelaten te worden.https://www.karoliendeman.com/blog/2022/10/2/wat-wij-weten-maar-beter-geen-aandacht-geven

KarolienDeman
5 0