Zoeken

Mooie herinneringen

Mooie herinneringen zijn eigenlijk de herinneringen die je terug doen denken aan de kleine dingen. Die brengen een glimlach op je gezicht. Als de lente begon en de zonnestralen aan kracht wonnen, begon mijn maatje weer een beetje zichzelf te worden. Voor iemand die heel veel buiten werkte, was hij een zeldzame koukleum. Op zo’n dag kreeg ik dan een appje, “heerlijk op een muurtje met mijn rug in de zon, lekker een sigaretje roken”. Daar kon hij enorm van genieten. En ik van zijn berichtje. Of de dagen dat we aan het eind van de dag een mand met eten in de boot zetten en nog even een uurtje gingen vissen. Zomaar, een klein stukje varen vanuit ons haventje. Gewoon zitten, luisteren naar de natuur en kijken naar de zon die onderging. We hebben zelfs een keer gebarbecued op de boot op de avond dat Nederland een hele belangrijke voetbalwedstrijd moest spelen. We leken wel alleen op de wereld. Het water was helemaal van ons. Geen idee trouwens wat de uitslag van de wedstrijd was, dat was helemaal niet belangrijk. Ik merk dat deze kleine herinneringen zitten in de dingen die ik dagelijks tegenkom. Het maakt dat ik dan ook dagelijks terugdenk en glimlach. Een romanticus zou het een zoete pijn noemen. Die wordt afgewisseld met het scherpe weten van het gemis. Misschien komt het ooit tot een balans. Nu nog niet, dat is nog te vroeg. Mensen hebben het vaak over ‘de mooiste dag van hun leven’. Ik zou het niet weten. Mijn maatje ook niet, dat weet ik zeker. We hadden het er wel eens over. Maar er waren zo veel mooie dagen. Zo veel mooie herinneringen. En die waren helemaal niet groots en meeslepend. Het zijn de herinneringen van twee mensen die gewoon heel veel van elkaar hielden en graag bij elkaar waren. Oh, en natuurlijk, we waren het niet altijd eens. Er waren zeker dingen en onenigheden. Tenslotte waren we twee heel verschillende mensen. Maar dat lijkt nu allemaal zo onbelangrijk. Want Alfred Tennyson had gelijk toen hij zei; “it is better to have loved and lost than never to have loved at all.” Hoe schrijnend het ook is “to have lost”.      

Machteld
8 0

Wat echt belangrijk is..

Op vrijdag doe ik de wekelijkse boodschappen. Dat doe ik al zo lang als ik me kan herinneren. Eerst samen met mijn maatje. Later ging ik direct na mijn werk naar de supermarkt zodat het weekend kon beginnen als ik thuis was. Dan stond er een glaasje klaar als ik binnen kwam. Dat glaasje is nog steeds de start van het weekend, ook al moet ik het nu zelf inschenken. Stef volgt altijd met interesse de tassen die uit de auto komen. Er is ook altijd een tas voor hem bij, tenslotte eet hij een blik sperziebonen per dag. Ik vraag me nog altijd af wat de kassières denken als ik 7 blikken boontjes in mijn karretje heb staan. En eerlijk is eerlijk, meestal breng ik wel iets extra’s voor Stef mee. In de meeste supermarkten koop je 3 bakjes met worst of kaas voor 5 euro. En een bakje leverworst kan altijd wel mee. Natuurlijk, het is slecht, hij wordt er dik van en eigenlijk moet ik hem alleen hondensnoepjes geven maar ach, ik doe het ook een beetje voor mezelf. Ik kan er stiekem van genieten dat hij het zo lekker vindt. Laatst was het mooi weer op vrijdag. Dus, boodschappen opgeruimd, glaasje ingeschonken en even in de zon. Lekker. Gewoon even zitten voor het weer tijd was om te eten. Stef had gevolgd wat ik had gekocht en had gezien dat het bakje met plakjes worst op het aanrecht was blijven staan. In zijn ogen een goed ding. Dat ik het vervolgens daar liet staan was natuurlijk minder, misschien een vergissing? Hij probeerde me er in ieder geval wel attent op te maken. Strategisch geposteerd halverwege mij en de leverworst, stond hij me aan te kijken. Als hij mijn blik ving, draaide hij zijn kop richting aanrecht. Alsof hij wilde zeggen, hé, je bent echt iets vergeten. Het werd een spelletje, ik keek weg, dan naar Stef en dan richting de keuken. Arme hond, om hem zo te plagen. Nu is het wel zo dat hij moet weten dat hij niet de baas is, al zou hij dat graag willen, maar dat ik bepaal wanneer hij wat krijgt. Dus ik liet me niet dwingen en bleef lekker genieten van de warmte van de zon. ’s Avonds heeft hij zijn deel van de leverworst toch wel gekregen. In opperste aanbidding stond hij naast mijn stoel. Natuurlijk moet ik wel reëel blijven, die aanbidding gold deze keer echt niet mij.            

Machteld
11 1

Havermelk

Ik heb begrepen dat het tegenwoordig not done is om nog koemelk te drinken. Het is slecht voor het milieu, dieronvriendelijk en vooral, en dat is het belangrijkste, niet hip. Want de allerlaatste hype is tegenwoordig havermelk. Nou ben ik niet hip, verre van, maar wel erg nieuwsgierig. Havermelk, wat is dat nou weer. Een rondje internet leerde me het volgende; havermelk is een van de meest populaire zuivelvrije melkalternatieven die momenteel op de markt te verkrijgen is. Het is een notenvrij veganistisch melkalternatief. Het is ook erg milieuvriendelijk, het is niet alleen veganistisch maar het maken vereist minder water en andere middelen dan het maken van vergelijkbare notenmelk. Nou nou, eigenlijk schandalig dat ik het niet dagelijks drink. Dat ik me nog steeds te buiten ga aan koemelk. Volle koemelk zelfs nog wel. Ik heb nl. altijd geleerd dat je op het gebied van eten geen compromissen moet sluiten. Je eet het authentieke product (zo veel als mogelijk dan tenminste) of je eet het niet. De sojamelk die ik ooit eens per ongeluk had meegenomen, heb ik destijds ook griezelend door de gootsteen gegoten. Het zal aan mij liggen, maar ik vond het niet weg te krijgen. Maar goed, havermelk dus. Enorm hip onder de millennials die de vraag naar dit product zo hooghouden dat het op plaatsen al uitverkocht is. Het schijnt zelfs dat er paniek is uitgebroken omdat de door hen veel bezochte horecazaken moeite hebben om aan de melk te komen. “Ze raken geheel van hun melk”, zouden mijn Vlaamse kennissen zeggen. Dus gaan we op zoek naar alternatieven voor het alternatief. Ik zag het fenomeen erwtenmelk al voorbijkomen. Ieder zijn meug. Wat ik wel denk, is dat we dergelijke melk geen melk moeten noemen. Melk komt van een koe, notenmelk is geen melk. Maar dat heb ik ook met vegetarisch vlees. Vlees is van een dier, of je er nou voor bent of tegen om het op te eten. Vleesvervangers zijn prima, maar verzin er in vredesnaam een andere naam voor. En ik vraag ook af hoe de mensen in mijn dorp gaan reageren als ik op het terrasje om een latte met havermelk vraag. En ik vrees dat ze na de uitleg zeggen “oh, un bakske koffie meej melk”. En bij zichzelf denken, “zeg dat dan, dom mens”.          

Machteld
9 1

Back to the Future

De eerste lentezon weerkaatst op de weg waardoor ik een fractie van een seconde niets meer zie. In die flits herinner ik me de autorit naar de dansles op woensdagnamiddag. Waarbij mijn grootvader achter het stuur van de lichtbruine Peugeot een sigaret opstak en het gaspedaal indrukte voor onze reis terug in de tijd. Back to the Future. Ik was negen en te klein om voorin de auto te zitten. De zon scheen onder het zonnescherm in mijn ogen. Ik kneep ze half dicht en zag de weg voor me als in een oude film. Met trillend beeld en zwarte strepen door de schaduw die de bomen op de weg wierpen. Terwijl het landschap – de bomen waren niet ouder dan zeventig jaar want in de eerste oorlog stond hier geen boom meer recht – aan ons voorbij gleed werd ik misselijk door de geur van tabak en benzine. Waardoor ik steeds voor vertrek het raampje aan mijn kant opendraaide. Onderweg speelde mijn grootvader zijn film af. Een avonturenfilm waarin hij de held was. In zijn jonge jaren – de jaren van de tweede oorlog – sliep hij in het kippenhok. Het was een schuilplaats voor nachtelijke invallen op zoek naar de oudste zoon die voor de vijand moest gaan werken. In het dorpscafé ontsnapte hij aan een soldaat die een schot afvuurde om de verboden feestvreugde aan banden te leggen. Hij smokkelde aardappelen en kon aan een bom ontkomen. Eind goed al goed. Trots zat ik naast mijn grote held met in zijn mondhoek de half opgerookte sigaret waarvan de rook langs mijn raam ontsnapte. Ik was nog steeds misselijk en slaagde er niet langer in mijn ogen dicht te knijpen voor de felle zon. Ik zag dat hij er ook last van had. Want nu en dan viel een stilte en kneep hij zijn ogen dicht. Ik sla het zonnescherm omlaag en kan net een duif midden op de weg ontwijken. Dochterlief zet haar zonnebril op en wijst me op de tijd. Eén voor vier. We zijn bijna te laat voor de pianoles.De nieuwslezer kondigt de vreselijke hoofdpunten van het nieuws aan. De geschiedenis herhaalt zich. We rijden back to the future. Ik zet de autoradio uit en ontwijk de vraag van dochterlief waarom ik dat doe. Oorlogsgruwelen hoort een kind niet te ondergaan. Dat wist mijn grootvader ook toen hij zijn ogen dichtkneep voor wat hij me in zijn heldenverhalen niet had verteld.

ZINinZICHT.
5 0

Samen met het vrouwtje

Sinds hij nog maar alleen is met het vrouwtje, moet hij wel wat beter op haar letten. Ook als ze naar haar werkplekje gaat, boven, gaat hij meestal toch wel mee. Dat vindt ze wel fijn, dat merkt hij wel. En natuurlijk is het voor hemzelf ook wel gezellig. Het vrouwtje heeft een vachtje neergelegd en er staat water voor hem. En wat ook wel gunstig is, ze heeft een doosje met snoepjes in de boekenkast gezet. Makkelijk, dan hoeft ze niet naar beneden te lopen. En dan denkt ze er ook eerder aan, dat is zeker. Hij mag nu ook vaker met haar mee. Dan gaan ze in de auto en neemt ze zelfs zijn dekentje mee. Dat wordt in de hoek gelegd en dan heeft hij daar zelfs zijn eigen plekje. Niet dat hij daar veel gebruik van maakt, er zijn veel te veel interessante dingen te ontdekken. Ook zijn er veel andere mensen. Maar die zijn heel aardig en willen meestal ook best even met hem spelen. Als het vrouwtje zijn bal mee heeft genomen, kunnen ze die mooi gebruiken in de lange gang. Hij heeft al wel in de gaten dat de meesten ook boterhammen of zo in hun tas meebrengen. Op zijn gemak maakt hij dan een rondje. Helaas mag dat niet van het vrouwtje en worden de tassen dan dichtgedaan. Hmm. Gelukkig valt er toch wel eens wat af bij sommigen, hij weet inmiddels precies bij wie hij dan moet zijn. Nee, over het algemeen een prima plek om zo de dag door te brengen. Het is ook wel prettig als ze de dag erna weer samen thuis zijn. Dan kan hij op zijn gemak slapen zonder dat hij wordt uitgelachen als hij snurkt. Hij hoort het wel hoor, dat ze het dan over hem hebben. Net of mensen zelf niet snurken, zo! En hij doet er niks aan, zijn neus is nu eenmaal niet langer. Gelukkig is hij nog geen mensen tegengekomen die aan de andere kant van de gang gaan lopen als hij ze wil begroeten. Dat gebeurt op straat nog wel eens. Heel vreemd. Hij heeft nog nooit lelijk gedaan tegen andere mensen. Het vrouwtje trekt hem dan wel mee, zij schijnt er wel begrip voor te hebben. Ach, mensen, soms zijn ze niet te begrijpen. Hij loopt dan maar netjes met het vrouwtje mee. Tenslotte wil hij haar niet voor schut zetten. Want ze moeten er toch maar het beste van maken, zo samen.

Machteld
0 0

Kleine overwinningen

Af en toe voel ik me toch een beetje schuldig richting Stef. Hij is nu natuurlijk toch wat meer alleen dan vroeger. Ik probeer hem zoveel mogelijk mee te nemen of thuis te werken maar ja. De AH is gek op hamsters maar ik kan me niet voorstellen dat ze een enthousiaste Stef ook zo enthousiast begroeten. Ik zie hem al snuffelend langs de rekken gaan. En dan lekker treuzelen bij de hondenvoeding. Nee, dat is geen goed idee. Dus als het in het weekend mooi weer is, trekken we er als het kan samen op uit. Met een groot wandelgebied dichtbij is dat ook niet heel veel moeite. Er is een grote losloop-route voor honden dus hij kan zich maar uitleven. Pas geleden ook, het was lekker weer dus hup, in de auto en op pad. We waren bepaald niet de enige. Ook bij de grote waterplas was het een drukte van belang. Er was een klein meisje met stokken aan het gooien. Haar eigen hond, althans ik denk dat het haar eigen hond was, rende vrolijk het water in en zwom naar de stok. Stef stond het eens aan te kijken en bedacht dat hij ook best achter die stok aan kon. Het meisje reageerde heel sportief en gooide gewoon twee stokken. En toen ze zag dat Stef niet zwom, gooide ze gewoon wat minder ver. We vervolgden de route en liepen richting het eindpunt, een restaurant met een behoorlijk terras. En toen ontstond de discussie in mijn hoofd. Want als mijn maatje en ik deze route liepen, eindigden we altijd met een Trappistenbiertje op het terras. Wat zou ik doen? “Ik ga een biertje drinken. Nee, ik ga naar huis. Maar het is wel mooi weer. Maar ik ben maar alleen. Ik doe het gewoon. Ik doe het niet.” Stef had nergens erg in, die rende de hele route gewoon in drievoud. Gezegende ziel. Toen ik even later bij het terras belandde, had ik mezelf overtuigd. Ik ging het doen. Eén drankje. Gewoon in mijn eentje. En dan naar huis. We moesten even wachten, Stef en ik, maar toen kregen we een tafeltje op een beschut plekje. En een witbiertje, dat was dan het compromis. Niemand keek me raar aan, niemand stelde vragen en ik werd ook niet in een hoekje gestopt of bij andere mensen gezet. Het viel best mee. En zo had ik weer een hobbel(tje) genomen. Ach, er zullen er nog wel veel volgen maar dit was er toch weer één. En ik was ondanks alles best trots op mezelf.    

Machteld
8 1

There are no Russians in Kiev: aflevering 6

Vier hoog in een straat in Kiev wonen Radoyka Rakovich en Oksana Alina al tientallen jaren naast elkaar. Ze ontmoeten elkaar vaak in het trappenhuis om de laatste nieuwtjes uit te wisselen. Oksana: “Onze president Zelensky heeft gelijk. We moeten erkennen dat de Oekraïne geen lid van de NAVO kan worden. Het Westen moet ons andere veiligheidsgaranties geven. Het is voorbij, Radoyka! Het is gedaan met ons land, krayina! Er rest enkel te kijken wie we nog kunnen redden!” Radoyka: “Panikeer zo niet! Vanmorgen is het misschien erger geworden. Misschien… Er is dan twee of drie keer het luchtalarm afgegaan. Syrena dlya povitryanoho nalʹotu! Ik heb doffe knallen van de inslagen gehoord en misschien ook artillerievuur. Er lijkt nu een offensiefje bezig. Er gebeurt wel iets, maar laat dat niet zorgen voor onrust.” Oksana: “Drie miljoen mensen zijn op de vlucht in het buitenland en drie miljoen in ons krayina, verdreven uit hun huizen! Zovele vrouwen en kinderen hebben afscheid moeten nemen van de mannen. Ze zijn op de laatste treinen gekropen voor de hoofdstad leeg liep. Een hand tegen het treinvenster en dan met een zakdoek vechten tegen de vele tranen. Slʹozy, slʹozy. Een plastieken zak of een rollator is alles wat de vluchtende vrouwen bij hebben. Ze wilden, maar konden niet blijven. Huizen zijn kapot of volledig afgebrand. Zlamanyy, z·horiv… “ Radoyka: “Hiernaast was een Vlaamse reporter aangekomen, in de flat van dat meisje dat naar Tsjechië is gevlucht.” Oksana: “Die man, die met een bestelwagen met hulpgoederen is aangekomen? Ik vroeg mij al af ‘wie is die man met die furhon, wat doet die hier?’ Hij had geen toegangskaart tot het appartement en een soldaat met een kalashnikov heeft hem in de parkeergarage nog aangesproken. Volgens mij is het een Russiche spion!” Radoyka: “Geen spion, dat is die zhurnalist. Er zijn gelukkig vrijwilligers die dapper genoeg zijn om van Lviv naar Kiev te rijden in zo’n busje om legerhelmen tot hier te brengen. Die hebben hem meegebracht” Oksana: “Gelukkig zijn de Belgen de file gewoon, dus wat is een reisje bij nacht over hobbelige binnenwegen, twintig uren langs allerlei blokposten waar je je paspoorten dan moet tonen.” Radoyka: “Nu, die Vlaamse reporter, die репортер, was maar aan het filmen en foto’s nemen in de buurt gaan ons appartement. Dat schoot mij toch wel in het verkeerde keelgat, weet je Oksana!? Ik heb de eigenares met hem contact laten opnemen. Toevallig had zij nog een andere leegstaande flat. Ze heeft hem naar dat gebouw doorverwezen. Veel mensen brengen nu de nacht door in onze parkeergarage. Maar niks voor mij hoor, de nacht doorbrengen op een harde vloer.” Oksana: “Het zijn de laatste dagen van Kiev! Ons leven is voorbij!” Radoyaka: “Wanhoop niet, pani Oksana! De opmars van de rosiyany is gestopt. We gaan winnen tegen de Russki! Het centrum van Kiev zullen ze nooit bereiken! Een stelletje baydyky kan onze stad nooit vernielen. Wat stuk is ruimen we op. Winkels en appartementen. Dat is alles! Kiev gaat de dans ontspringen. De overwinning ligt voor ons. De Russki durven geen stap meer verder… “ Oksana: “Ben je niet te positief?” Radoyaka: “Er staat een stralende zon aan een blauwe hemel! Lekkere vitamine D, gratis ter beschikking! Iedereen is meteen naar buiten gekomen. De mensen maken allen een toffe wandeling, wat ik ook gedaan heb. De rekken in de winkels zijn tot de nokken gevuld en de bakker om de hoek verkoopt nog steeds de beste koffiekoeken in de hele wereld! Zelfs in België hebben ze niet eens zulke lekkere patisserie. Kiev gebak, dat smelt op ieders’ tong. Je weet wel, zoals M&Ms. Superlekker!”

Autisme Storm
6 0

There are no Russians in Kiev: aflevering 5

Vier hoog in een straat in Kiev wonen Radoyka Rakovich en Oksana Alina al tientallen jaren naast elkaar. Ze ontmoeten elkaar vaak in het trappenhuis om de laatste nieuwtjes uit te wisselen. Oksana: “Dag Radoyka. Zou er snel een wapenstilstand komen? Er zijn vandaag weer nieuwe gesprekken online voorzien met de Russki.” Radoyka: “President Putin had nooit gedacht dat we zo eensgezind achter Zelensky zouden staan. Een president die heeft gezegd ‘desnoods te willen vechten tot de laatste druppel’. De Panji dachten dat wij met bloemen in de straten zouden staan en gingen applaudisseren als de Russische tanks voorbij zouden komen. We zijn broederlanden, maar anderzijds ook al acht jaar in conflict met elkaar in het oosten. Oekraïne is enorm veranderd sinds 2014 en dat hebben ze in Moskou niet begrepen. Putin leeft in een sprookjeswereld zonder besef van een Oekraïens volk en een Oekraïense natie. Maar we vechten als leeuwen voor ons land en onze vrijheid.” Oksana: “Elke dag bombarderen de Russki ons land meer en meer in puin, dorp na dorp, stad na stad moet eraan geloven. Niemand is waar dan ook nog veilig tegen bommen, tanks en soldaten. Niemand gaat ons volk herinneren…” Radoyka: “De ene boek na de andere zal verschijnen met verhalen over onze heldhaftigheid. Hoe gewone burgers Russki танк tegenhielden door er simpelweg voor te gaan staan. Hoe president Zelensky, de barmhartige, de genadevolle, de onweerstaanbare nu de heerser, beschermer en vormgever wordt van het Oekraïense volk. Hoe hij en zijn vrouw het aanbod van president Biden tot evacuatie naar Amerika weigerden om bij hun volk te blijven. En hoe de Oekraïense verdedigers op Slangeneiland een Russisch oorlogsfregat dat tot overgave opriep beantwoordde met een vette ‘fuck you!’. Of onze acteur Pasha Lee, 33 jaar, die kinderen uit hun huis hielp evacueren in Irpin. De evacuatie die de Russki bemoeilijkten door beschietingen. Pasha trok zijn kogelvrije vest uit en gaf het aan een kind om dit te beschermen. Hij was de stem van de Lion King en The Hobbit en werd gesmoord door een Russki m’yach. Een kogel doodde een leeuw. Deze narratieven zullen eeuwig meegaan!” Oksana: “Je bent wel erg positief, intussen worden al onze gebouwen en steden aan puin geschoten en beginnen mensen honger te lijden… “ Radoyka: “Amerika gaat nog 200 miljoen dollar aan wapens sturen. Dat is 1,2 miljard dollar militaire steun van president Biden de voorbije maanden.” Oksana: “Waarvan we nu al weten dat deze wapens via smokkel bij allerlei groeperingen terecht gekomen zijn, binnen en buiten Oekraïne, van neonazi’s tot terroristen die de islam misbruiken om een islamitisch kalifaat te stichten. Er is totaal geen controle meer wie die zbroyi momenteel in bezit heeft en wat die of zijn hrupa er mee gaan doen… De Duitsers stuurden 1.200 bommen, waarvan 900 in de prullenmand moesten omdat er zoveel schimmel opstond dat onze soldaten speciale pakken dienden te dragen om niet ziek te worden. De wereld wordt echt geen betere plaats met al die zbroyi die ze nu naar Oekraïne sturen. Ze moeten praten, niet vechten!” Radoyka: “Putin kan het hele land kapot bombarderen, maar hij zal nooit de harten van ons volk kunnen veroveren of onze eigen wil breken. Onze eendracht, onze harmonie kan niet kapot.” Oksana: “Ons land is zlamanyy!”. Radoyka: “We bouwen het weer op!” Oksana: “Maar eerst een wapenstilstand!”

Autisme Storm
10 1

Terug naar de Ardennen

Na het afscheid van mijn maatje waren er ineens veel dingen waar ik een beslissing over moest nemen. Of ik wilde of niet. Eén daarvan was de caravan die wij hebben in de Ardennen. Wat wilde ik daar mee. Mijn eerste ingeving was; “die ga ik verkopen, ik ga nooit meer naar de Ardennen.” Ik was bang dat daar veel te veel herinneringen zouden liggen. Te veel mooie dingen meegemaakt, samen met mijn maatje. Het was zijn plekje, hij was daar gelukkig. Niet dat hij dat thuis niet was, maar dat plekje zat toch wel heel stevig in zijn hart. Achteraf gelukkig, verliep het verkopen van een Nederlandse caravan in de Belgische Ardennen niet zo snel als ik had gedacht. Het was ook niet echt het juiste seizoen. Er ging een aantal weken overheen en ik begon wat meer rust te vinden en wat meer mijn eigen draai. En ik merkte dat ik toch wat anders ging denken over een aantal zaken. Want waarom zou ik niet proberen een keer terug te gaan naar de camping. Stef had het daar ook altijd enorm naar zijn zin. En ik ken daar veel mensen. Mensen die ook nu vaak contact zoeken om te vragen hoe het met me gaat. Alleen dat plekje, helemaal in de middle of nowhere, waar wij samen ‘alleen op de wereld’ konden zijn. Dat was wel heel erg eenzaam. Nu is er op die camping ook een gedeelte dat Het Dorp wordt genoemd. Niet direct aan het water maar wel wat drukker bevolkt en dichter bij het chateau en de taverne. Tijdens de wateroverlast van vorig jaar is een aantal caravans ook daar vernield en sommige mensen hadden toen de moed of zin niet meer om opnieuw te beginnen. Wie weet. Misschien was er een plekje voor mij. Na overleg met de eigenaren kon ik zelfs kiezen uit een aantal nieuwe plaatsjes. En die keuze was snel gemaakt. Er is een nieuw beukenhaagje geplant en zij zetten mijn caravan zelfs voor mij op zijn plek. Ok, het is kleiner en niet naast de rivier, maar ik ben er wel heel erg blij mee. Want ik ga me daar denk ik wel veiliger voelen. Zo in mijn uppie. Tenslotte vind ik het sowieso al rete-eng om terug te gaan. Niet zozeer uit praktisch oogpunt maar toch wel om alle herinneringen. De foto van mijn maatje ligt al klaar, die gaat in ieder geval ook mee.    

Machteld
7 0

There are no Russians in Kiev: aflevering 4

Vier hoog in een straat in Kiev wonen Radoyka Rakovich en Oksana Alina al tientallen jaren naast elkaar. Ze ontmoeten elkaar vaak in het trappenhuis om de laatste nieuwtjes uit te wisselen. Radoyka komt aangelopen in de trappenhall van het gemeenschappelijk appartement. “Hebt je het gehoord over die spion?”, werpt ze op. Oksana: “Over Putin, die voor de KGB gewerkt heeft, bedoel je?” Radoyka: “Nee, niet over die koude Rus. Over Denys Kireev, die onderhandelde namens Oekraïne in het team van president Zelensky. Parlementslid Oleksiy Honcharenko zei mij dat de geheime dienst GUR hem bij zijn arrestatie heeft doodgeschoten: twee kogels door het hoofd. Hij werd verdacht van hoogverraad met Rusland door de GUR. Ze hadden duidelijke bewijzen, ondermeer afgeluisterde telefoongesprekken.” Oksana: “Echt?” Radoyka: “En ook twee andere top-ambtenaren van het Ministerie van Defensie van Oekraïne zijn doodgeschoten. Ook verdacht van spionage en liepen in de kogelbaan van de geheime dienst: Ivanovich Alexei en Valery Chibineev.” Oksana: “Het Azov bataljon maakt overuren in de geheime dienst.” Radoyka: “Volgens de nationale televisie hebben we in de strijd tegen de Russki’s twee tanks, gevechtsvliegtuigen, twee helikopters en hun schoppen vernietigd. We hebben ze teruggedreven en omsingeld in hun tanks. Vannacht hebben we ze vergif laten drinken en Vladimir Putin’s soldaten een lesje geleerd dat de geschiedenis niet zal vergeten. Echt waar.” Oksana: “De zeer gewaardeerde president Zelensky heeft drie tv-stations van de oppositie gesloten op grond van de ‘nationale veiligheid’. Een oppositiepoliticus werd vorig jaar onder huisarrest geplaatst op beschuldiging van verraad. Is dit niet het soort dingen dat Putin doet?” “Waarom maken wij in ons land vol Russen het Russisch een tweederangstaal? Russen die er decennia lang gelukkig woonden, werden onder druk gezet om het Oekraïense staatsburgerschap aan te nemen en Oekraïense versies van hun christelijke namen aan te nemen. De scholen propageerden een nationale held, Stepan Bandera, aan wie de Russen een sterke hekel hadden en die als een terrorist werd beschouwd. En ze onderwezen geschiedenis die vaak een anti-Russisch tintje had. Misschien is er wat waarheid dat de Russen zich door dit beleid in het nauw gedreven voelden. Waarom konden we ze niet gewoon met rust laten?” Radoyka: “President Zelensky zei gisteren dat we de Russen verslagen hebben. Als God het wil, zal hij jou en mij meer informatie geven. Hij zweert bij God en zegt dat zij die in Moskou verblijven, deze huurlingen in een crematorium hebben gegooid.” Oksana: “Ik weet het allemaal niet met onze Oekraïense en westerse media. Herhaal de leugens van de leugenaars niet. Word niet zoals zij. Wees zeker van wat u zegt en speel niet zo’n rol. Zoek naar de waarheid. Laten we elkaar dingen vertellen en dit zelf te verifiëren en kritisch te zijn. Er waren ook geen massavernietigingswapens in Irak! Er zijn media die nu hun uiterste best doen om ons te waarschuwen voor fake news en ons zo willen laten denken dat alleen zij het echte onvervalste nieuws brengen. Iedereen met Russische roots en die op geen enkele wijze deel uitmaakt van deze oorlog, zouden we onze excuses moeten aanbieden voor de belachelijke heksenjacht die gaande is wereldwijd op de Russische medemens.”  

Autisme Storm
8 0

There are no Russians in Kiev: aflevering 3

Vier hoog in een straat in Kiev wonen Radoyka Rakovich en Oksana Alina al tientallen jaren naast elkaar. Ze ontmoeten elkaar vaak in het trappenhuis om de laatste nieuwtjes uit te wisselen. Oksana ziet haar buurvrouw en begint: “President Biden zegt dat president Putin Rusland gaat binnenvallen? Rusland??? Hij loofde de moed en vastberadenheid van het Oekraïense volk en zei dat Putin nooit het hart en de ziel zou winnen van het Iraanse volk”. Die Amerikaanse president stapelt de ene na de andere verspreking op of is hij dement aan het worden? Radoyka reageert: “Gelukkig hebben we president Zelensky!” Oksana: “Waarvan Putin zegt dat hij de minderheden in zijn land als drek behandelt en er een puinhoop van maakt… En net nu trekt Ikea zich terug uit Rusland, nu hun leider een vijs is verloren…” Radoyka: “Niets nieuws onder de zon. Maar bij gebrek aan beter moeten we het daarmee doen.” Oksana: “Maar buurvrouw, wij hebben toch geen echte wapens of moeten we het met de nieuwste tankvernietiger van de Oekraïense Boerenbond doen?” Oksana: “En dan onze buurman Aleksandr van beneden, die zojuist beroofd werd bij het tankstation en meteen de politie belde. Ze vroegen wie het gedaan had en hij antwoordde ‘pomp 2’… De prijzen gaan als een gek in Oekraïne! 33 grivna (1 euro) voor een litertje brandstof!” Radoyka: “De Russen…” Oksana: “Putin is een bandiet. Niet de Russen. De gewone Rus kan hier niets aan doen! Leon Trotski, de marxistische revolutionair, zei ooit ‘Jij mag dan geen belangstelling hebben voor oorlog, oorlog heeft wel belangstelling voor jou’. Europa en onze president zijn ongelooflijk naïef geweest!” Radoyka: “Het Oekraïense volk is gelukkig creatief. Toen Russische soldaten de lift namen naar het kantoorgebouw dat zij vanaf het dak wilden controleren, sloten de Oekraïners de elektriciteit af. De soldaten kwamen vast te zitten in de lift.” “In Velyka Dymerka zou een Russische soldaat in een vat coca cola zijn gevallen. Oekraïense arbeiders van de fabriek vonden hem pas uren nadien terug. De militair was intussen al helemaal opgelost en alleen zijn gebit werd nog teruggevonden.” Radoyka is strijdvaardig: “We geven ze een echt lesje vandaag. Gigantisch is niet de juiste omschrijving van het aantal slachtoffers dat we hebben gemaakt. We zullen die oplichters, die huurlingen terug in het moeras duwen. Ons land in bezit nemen? Bij God, ik denk dat dit erg onwaarschijnlijk is. Dit is maar geklets. Zodra ze de poorten van Kiev bereiken, zullen we ze belegeren en afslachten. Waar ze ook heengaan, ze zullen omsingeld zijn.” “Ze zijn niet eens binnen 100 kilometer afstand van Kiev. Ze zijn op geen enkele plaats. Ze hebben geen plaats in Oekraïne. Dit is een illusie … ze proberen een illusie aan de anderen te verkopen.” “Ik kan zeggen, en ik sta in voor wat ik zeg, dat zij begonnen zijn zelfmoord te plegen onder de muren van Bagdad. We zullen hen aanmoedigen om snel meer zelfmoorden te plegen.”

Autisme Storm
10 0

There are no Russians in Kiev: aflevering 2

Vier hoog in een straat in Kiev wonen Radoyka Rakovich en Oksana Alina al tientallen jaren naast elkaar. Ze ontmoeten elkaar vaak in het trappenhuis om de laatste nieuwtjes uit te wisselen. “Heb je onze president gehoord op de televisie?”, vraagt Oksana Alina aan haar buurvrouw. “Hij is een held!”, antwoord Radoyka zonder blikken of blozen. Oksana: “De Russen zeggen dat hij 1,2 miljard dollar op rekeningen heeft staan in Amerika en een villa in Miami heeft. Goed betaald voor wat sketches te spelen als president…” Radoyka veegt een onbestaande snottebrel weg onder haar neus en is klaar voor de repliek. “Panje troepen kunnen niet zomaar een land van 45 miljoen mensen binnenvallen en hen belegeren! Zij zijn degenen die belegerd zullen worden. Dus wat die ellendige Putin ook heeft gezegd, hij had het in werkelijkheid over zijn eigen troepen. Nu hebben onze helden zelfs het commando belegerd van die Rote.” “Maar de Russki…”, wil Oksana opwerpen. Radoyka reageert als een waterval: “Moskou heeft zijn soldaten in het vuur gegooid. Ze zijn gevlucht. De Panje pummels vluchtten. De lafheid van de Russki soldaten is verbazingwekkend. Niemand had dit verwacht.” ‘God zal hun magen roosteren in de hel door toedoen van onze soldaten!’, zegt onze president. Ze probeerden een klein aantal tanks en soldaatjes binnen te brengen via de Krim en het oosten, maar ze werden omsingeld en de meeste van hen liepen daarbij een te diepe snede aan de keel op. Er zijn geen Panje in Kiev. Nooit! Mijn gevoel is dat ze allemaal zullen sterven. Nee, ik ben niet bang en dat zou jij ook niet moeten zijn. We zullen ze verwelkomen met kogels en schoenen.” Oksana: “Ik hoop dat de redelijkheid kan overwinnen en alles goed komt.” Radoyka: “Beslist!”

Autisme Storm
7 0

There are no Russians in Kiev: aflevering 1

Vier hoog in een straat in Kiev wonen Radoyka Rakovich en Oksana Alina al tientallen jaren naast elkaar. Ze ontmoeten elkaar vaak in het trappenhuis om de laatste nieuwtjes uit te wisselen. Oksana vraagt aan Radoyka of zij ook het nachtelijk gezoem heeft gehoord dat van buiten kwam en toen plots ophield na een flinke knal. Radoyka doet haar ogen ver open en begint haar relaas van de voorbije nacht. “Het was kwart voor drie vannacht, zag ik op mijn reiswekkertje. Echt geen uur om een mens wakker te maken met gezoem als een zwerm bijen in maart. Ik schoof de dikke gordijnen opzij en ging kijken op het balkon. Het irriterende gezoem kwam van een zweefvliegtuigje dat bleef hangen onder mijn appartement met groene, rode en witte lichten. Oksana: “Dat hou je toch niet voor mogelijk? Dat moeten beslist de Russen zijn geweest!” Radoyka: “Zo dacht ik ook. Dus ik snelde zo snel als mijn oude benen mijn oude lichaam konden dragen naar de bergkast en nam een grote pot augurken in de handen.” Oksana: “Een pot augurken?” Radoyka: “Nu speelde ik nog aardig basket samen met Olexandra Grbunova. Ze noemden ons Bdzjoli, ‘de bijen’, bij SC Meridian. Oksana: “Dat kan ik mij nog goed herinneren…” Radoyka: “Ik hield die zoemzoem in de gaten, wachtte tot hij stil bleef hangen en gooide toen die pot augurken tegen zijn kegel. Die zoemzoem kreeg zo een klap, echt niet mooi! De stukken vlogen eraf, er kwam rook uit en het onding stortte neer op ons voetpad drie lager.” Oksana: “Dus jij hebt vannacht even een Russische drone uitgeschakeld?” Radoyka: “Beslist! ’s Nachts moet een mens slapen en rusten. Russen of geen Russen.”

Autisme Storm
9 0

Angsthaas

In de ogen van dochterlief is de spanning te lezen. Alleen kan ik er niet in zien of het door de harde windhoos is die de takken onze stadstuin in blaast. Of door de opwinding. Omdat zij nog het minst blokjes te leggen heeft. Nog twee en zij wint. De winnaar mag een snoepje kiezen. En wat nog rest is voor de verliezer. In de blikken doos liggen de laatste twee lekkernijen die ons troost bieden op natte koude winterdagen. De zoete geur komt me tegemoet. Ook dat van haar lievelingssnoepje. De blokjes van het gezelschapsspel vullen de eettafel. Netjes gerangschikt in rijen van opeenvolgende cijfers. Of in groepjes van drie dezelfde. Maar dan in een andere kleur. Het rangschikken zorgt voor rust. En afleiding. Want door het spelen merken we minder van de storm die al enkele uren huis houdt. Als kind was ik niet bang voor stormen of bliksem. En ook niet voor het donker. In de natuur zag ik geen gevaar. Bij haar is het anders. Hoe ik haar ook probeer te overtuigen – we zitten veilig in ons huis, alles wat weg kan waaien is vastgebonden en als de kerktoren omvalt is dat net niet op ons dak – niets stelt haar gerust. De wind fluit tussen de kieren en blaast zich een weg onder de deuren. Ik voel voor het eerst dat de luchtverplaatsingen me ook onrustig maken. Mijn adem zit hoog en maakt me duizelig. Samen met dochterlief is de angsthaas in mij geboren. Overal waar ik kijk zie ik gevaar. Niet voor mezelf maar voor haar. Net als ik de grond terug onder mijn voeten voel en denk dat de wind aan mijn aandacht is ontsnapt bonkt ze op het grote raam. De dakgoot van de buren raast door de tuin. De onrust bij dochterlief laait op. Nog één blokje te gaan. Zelf zie ik het niet meer goed komen. Met onze angsten en mijn tien blokjes op mijn spelbord. Ze legt haar laatste blokje tussen de vijf en zeven. Voor ik het besef is de sneeuwbal in haar mond verdwenen. Lachend biedt ze me de blikken doos met de cuberdon aan. De poedersuiker kleurt haar roze lippen wit en dwarrelt op haar zwarte trui. Sneeuwde het maar. Dan hadden we sneeuwengelen gemaakt en genoten van de stilte die over de wereld viel. Nu ging er alleen maar spanning in de lucht.

ZINinZICHT.
0 0

Dubbele oorontsteking

Hij had al een tijdje pijn aan zijn oren. Aan een kant was het wat meer dan aan de andere kant maar het bleef wel heel vervelend. Als hij schudde met zijn kop was het af en toe wel wat minder maar het kwam toch steeds terug. En het meest vervelende was nog dat als mensen zijn kop aaiden en zijn oren aanraakten, dat hij dan onbewust piepte. Daar schaamde hij zich toch wel een beetje voor. Het vrouwtje had het ook wel in de gaten. Ze had al een keer van dat vieze spul in zijn oren gespoten maar dat hielp ook maar één dag. Hij hoopte wel dat het snel over zou gaan. Hij had deze week ook nog niet veel mee gemogen. Ja, voor de wandelrondjes wel maar verder niet. Nou was het vrouwtje ook niet veel weggeweest maar toch. Maar nu ging ze dan toch zijn tuigje pakken, ah, ze gingen ergens heen. Hij sprong van de bank en hielp door vast zijn riem te pakken. Het vrouwtje lachte en ze gingen samen naar de auto. Het was maar een klein stukje hobbelen en toen zag hij waar ze waren. Bij dat grote huis waar ze echt heel veel hondensnoepjes hadden. Hij was er wel eens eerder geweest, ze hadden hier zijn behendigheidstuigje en dat stomme jasje gehaald. Kijken wat hij nu zou krijgen. Het vrouwtje ging even zitten, dat was wel een beetje raar, en na een tijdje gingen ze samen een hokje in. Toen rook hij het al, hij was weer voor de gek gehouden. Dit was de geur van die mensen die hem een zere poot hadden bezorgd en wel eens met van die rare dingen in zijn oren hadden gepord. Jawel hoor, hij moest weer op de tafel en daar kwam dat stokje weer. Hij wrong om los te komen maar het vrouwtje hield hem stevig vast. Dat hij er toch zo ingetrapt was. Maar ja, normaal ging het baasje altijd met hem naar zo’n huis. En nu was hij met het vrouwtje. Hij begreep er weinig van. Die dierenarts ging onderzoeken wat er uit zijn oor kwam. Bah bah, dat doe je toch niet. Hij vond het zelf al vies als hij met zijn pootje zijn oor schoonmaakte. Hmm, ze vond het toch niet goed, wat ze daarin zag. Dubbele oorontsteking, geen idee maar als dat was wat hij had, was het niet fijn. Pfff, het vrouwtje maakte een nieuwe afspraak voor volgende week. Moesten ze weer terug zeg. En er werd vieze smurrie in zijn oren gesmeerd. Jakkie. En hij mocht voorlopig niet zwemmen. Tsss, net of hij daar ooit een fan van was geweest. Hij was er weer mooi klaar mee.    

Machteld
1 0

Parabel van de Burn-out

Nog niet zo lang geleden werd J. Elle op de bergketen “Bergen van Werk” gedropt. Deze te ontdekken bergketen hield talloze beloften in. Het reisbureau “Ver weg van jezelf” vanwaar Elle steeds werd uitgestuurd zag dit als een unieke kans voor hen: “Dit past bij je karakter, good luck!” J.Elle is een echte avonturier, dus die ging er een beetje naïef en vol vertrouwen op in. Onbeantwoorde vragen zouden zich later wel vanzelf oplossen, dat was nu eenmaal een deel van de uitdaging. J. Elle mocht beginnen in het stadje “Ad. Ministratie” en kreeg er logement in hotel “OW, Overwerk”. Een deftig maar veel bezocht hotel met gratis vervoer naar werk en terug. Doordat het er zo druk was en Elle er moeilijk tot rust kwam werd het na enige tijd slopend: slapeloze nachten en dagen waarin cafeïne en vitaminepillen de verdoken pepmiddelen waren voor de marathon waaraan die meedeed. De kamer “Ploeteren” was te klein, te luidruchtig en dus vroeg Elle aan de baliedame, mevrouw Belletjes, of er niet elders in het hotel een rustiger kamer was. Mevrouw Belletjes vond op de zolderverdieping nog een kamertje “IK. Moeten” met een ruim bed en luxe bureau. Maar ook daar priemden geluiden en berichten door tot aan het dakvenster. Rust vond J. Elle niet. Op een gegeven moment besloot Elle om te vertrekken: “Dag dame Belletjes, je hoeft geen rekening meer te houden met me, ik zoek een ander hotel in een andere stad. Merci en tot nooit meer!”    Smoezen  Kordaat stapte Elle naar buiten, nam een Uber richting het nabije dorp en kwam zo terecht in “Smoezen”. Het leek er rustiger en er was een rivier met een grote brug “Klachten”. Er leefden twee soorten bewoners: de sarcasten aan de ene kant van de brug en de roddelaars aan de andere kant. Ze heetten J. Elle welkom, de enen met een korte strakke groet en de anderen met een praatje waar geen eind aan leek te komen. Ze nodigden die ook meteen uit voor de wekelijkse vergaderingen van het dorp.  Elle ging hier dankbaar op in. Wat die zich later nog zou berouwen. Niet ver van de dorpskern was een mooi gebouw met grote kamers, daar nam Elle intrek in de dure loft “Hou vol, en blijf in je hol”, dit ter beschikking voor tijdelijken die rustig wilden wonen en werken. Voor J. Elle het zelf goed en wel besefte was het nu meer dan drie jaar later en leek het avontuur in deze ontzettend grote bergketen oneindig. Maar dat zou niet blijven duren. Na lang aarzelen durfde Elle de vraag te stellen of diens werk wat meer afgebakend kon worden. Snel kwam er een boodschap van het reisagentschap: “Je werkt goed, doe gewoon zo voort, als beloning hebben we nog een extra project voor je met een korte uitstap naar een van de bergtoppen, zie bijlage.” Neen, zeggen vond Elle erg moeilijk. De uitdagingen leken wel steeds de moeite; ja hoor we gaan ervoor, forceerde diens gedachten. Zo werd J. Elle jaren aan een stuk van Kastje naar Muur gestuurd, de twee belangrijkste klanten. Tijdens de vrije momenten, die zeldzaam en dus kostbaar waren, nam Elle regelmatig de afvaart naar “Decadentie”. Een schijnbaar gezellig en aanstekelijk plaatsje met tafels bestaande uit gigantische houten hoofden waar het goddelijke drankje Meer is Beter rijkelijk uit spoot, terwijl artiesten zoals Geen Inkomen Meer en 'T Moet Hier Gedaan opzwepende ritmes uit hun lijf persten. Samen met lotgenoten trachtte Elle zich daar te ontspannen om tot slot op het eilandje “uitgeput” in de buurt te eindigen, vaak met een kater of ruzie met geliefde, K. Lontje, die al snel diens ex werd.   Nieuwe wending   Dit bleef zich herhalen tot op een dag oude vriend, B. Razernij, op bezoek kwam. Die zag hoe Elle veranderd was: kilo’s bijgekomen, wallen onder de ogen en een radeloze blik. Een normaal gesprek was met hen niet meer mogelijk. Razernij kon hier behoorlijk boos van worden en spijkerde Elle met geweld tegen de muur van de loft, die op losse schroeven stond, waarna het dure kamertje in elkaar stuikte. Razernij nam Elle uit het puin, sleurde die vanuit het dorp Smoezen naar rivier “Geen Excuses” en zette die op een vlot: “Verdwijn hier, laat je drijven naar Rondkomen en tracht via Nieuwe Wending tot bij standbeeld Zin Geven te geraken. Ik wil je niet meer zien voor je je herpakt en met me een redelijk gesprek kan aangaan!” riep Razernij nog na. Tijdens de zware tocht doorheen het gebergte op koud hout en met een kleine knapzak overschreed hen hier en daar de limieten, maar hield vol. Vooral de nachten waren kil en leken eindeloos. Toch bleef Elle peddelend op het vlot zoeken naar het standbeeld. Na lang dobberen zag die vanachter een oude kastanjeboom een beeld opduiken in de vorm van een omega teken. Dit moest het zijn, Nieuwe Wending! J. Elle meerde aan, tien kilo lichter ondertussen en een beetje verwilderd, maar de blik zachter, de ademhaling dieper en de ogen helderder. Terwijl die neerzat en wat noten at onder de boom, keek hen vredig om zich heen. Elle besefte voor het eerst sinds lang dat die genoot, dit was de avonturier die hen wilde zijn. Een zacht gezang steeg op. In de verte zag die een schim. Het had lange witte haren, een lang smal mosgroen gewaad en naderde voorzichtig. J. Elle keek op.“Wie ben jij?” “Wie ben jij?”, antwoordde het.“Ik ben, op zoek, en ik hou ervan om te zoeken, te ontdekken en verder te gaan. Ik ben ik, maar ik wil me niet meer zo lang verliezen.” “Ik ben Lot,” antwoordde het, “maar je mag me Lotte noemen. Ik kom uit het stadje In de Wolken, het is er kalm en aangenaam vertoeven. We zijn een nogal eigenzinnig volkje en werken aan dromen. We geven ze gratis weg en hopen in stilte dat de mensen uit de andere steden en dorpen ermee aan de slag gaan.” “Wat mooi!”, antwoordde Elle.  “Kan jij mij ook helpen?” Het knikte. “Ik kan je dromen meegeven, er iets mee doen ligt aan jezelf.” “Hoe?” “Daal hier wat naar beneden, voorbij Eenzame Vlakte, daar kom je uit op het snelstromend riviertje De Voeling, volg dit tot je op een stationnetje uitkomt. Midden in de natuur, station Focus. Wacht daar op de trein. Het zal niet lang duren. Je bent er klaar voor. Neem de trein en stel geen vragen, de bestuurder neemt je mee naar daar waar je op focust.” J. Elle dankte Lot, vulde de zakken nog met enkele kastanjes en vertrok.   Dromen  Enkele kilometers verder vond die de rivier en volgde deze voorbij de vlakte tot aan het station. Daar wachtte Elle geduldig, deelde er de momenten in met ademhalingsoefeningen, wat schrijfwerk en kleine tekeningen tot er puffend een oude trein aankwam. De machinist keek even uit het raampje en deed teken dat Elle mocht opstappen. J. Elle zou zich nu focussen op rust en op een nieuwe droom. Een nieuw avontuur waar die helemaal zichzelf kon zijn en blijven. De trein reed voorbij verschillende Bergen van Werk en pikte onderweg nog enkele passagiers op waarvoor hij stopte langs “Vergeten eilanden”, “Leegte” en “Herstel”. Dan nam de trein een grote bocht en denderde naar beneden voorbij "Ideeënstroom" om tot slot te stoppen bij “Passie”. Daar stapte Elle af en wandelde richting het huis van hun voorouders. Een wat verwaarloosde plaats met daarachter de tuin der aangename lusten en middenin de bron der gedrevenheid. Iets waar die nu tijd voor zou nemen om het te onderzoeken, af te bakenen en er ideeën te laten groeien.  Vanachter een hoge muur gezeten overdacht J. Elle de afgelopen periode, een beetje schuw en verdoken nog, want die voelde hoe het reisbureau “Ver weg van jezelf” en het bureau “Ad. Ministratie” hen nog op de hielen zat. Misschien moest Elle hun maar voorgoed verlaten en een eigen bureau beginnen of een bureau zoeken waar die zich beter voelde, samen met anderen.  Niet veel later verscheen ‘s nachts de witharige Lot voor diens ogen en fluisterde heel helder een droom in. Ja, juist. Daar moet J. Elle zijn.     NotaDeze parabel is genderneutraal geschreven. Als ik toch fouten gemaakt heb, mag je me corrigeren. Een schriftuur waar hij/zij vervangen wordt door hen/hun en die/diens. Ik ben zelf een kind van de jaren tachtig en merk dat de jongeren van nu veel bewuster omgaan met zichzelf en het genderaspect. Dat kan ik alleen maar toejuichen en zijn dingen waar ik rekening mee wil houden. Zeker als het een parabel is zoals deze. Iets waarvan ik hoop dat iedereen die het ooit meemaakte of erin zit zich herkent en mag erkennen. De inspiratie voor de parabel haalde ik uit een labo “Schrijven uit beleving”, gegeven tijdens mijn schrijfdocentenopleiding door collega Wim Vercauteren en het boekje “Zakatlas van de Belevingswereld.” Dit is Versie 2, na enkele kleine correcties. Met dank aan de feedback van Vitalski.

Bart Vermeer
129 2