Zoeken

Waardevolle scherven

Daar lag ik dan. Op mijn rug te midden van de velden, met mijn roze BMX bovenop me in een vreemd dorp waarvan ik ben vergeten hoe mijn klasgenoten heetten. De ooit witte turnpantoffel gekneld tussen spaak en vork, ver weg van het huis met de zwarte kolenkachel en de plastieken badkuip waarin niet ik - maar hij - verzoop, kneep de huid van mijn wreef ruw en nat tot een drukkende voet de fantoompijnen uit mijn hoofd rukte. Het was hem gelukt, dacht hij. Althans voor even, leefde hij in een wereld met enkel vaste lijnen die eenvoudig konden doorgeknipt en de ongeopende brieven op de tafel naast de kerstcadeautjes uit het klooster waar ik mijn geloof verloor. Te vroeg wellicht, hoewel ik de weken voordien nog op dinsdag- en donderdagochtenden voor schooltijd als misdienaar achter de priester zelf het belletje rinkelde.Het kwam pas later binnen. Of toen mijn zus en ik op kousenvoeten langs de stoep wegliepen tot we gegrepen werden door een overmoedige voorbijganger die ongetwijfeld het beste met ons voorhad. We wisten heel goed waarom we daar waren, maar vergaten het te zeggen want dat kon niet. Het verlies van de ontsnapping zou te veel pijn doen. Net zoals de verdwenen speelse taferelen die ik pas op latere leeftijd terugvond met mijn eigen kinderen, nadat ik de woede weer onder ogen zag en niet zo nodig de wereld moest repareren vanuit een onverteerde honger naar schouderklopjes tegen vijandbeelden.Het stopt ergens. De bergen blijven overeind zonder sneeuw en met water in de kelder. En als de platgespoten velden weer de broeken worden waarin we met onze botten sprongen, leren we dat dit slechts een voetnoot was. Dat vergeten we te vaak als we er in klem zitten. Laten we er een boek van schrijven voor elke dag en de hoofdstukken die ons niet meer raken schrappen. Of beter nog: klasseren. Zodat we vertederd kunnen terugblikken en opnieuw de vlucht vooruit er af schrapen. De zaterdagen op het dak in gedachten aan de overkant zijn al lang voorbij,net als jij,ook al leef je nog verder in de scherpe trekken van mijn weerspiegelingik laat je losin waardevolle scherven          

Hernam
0 0

Iets onnozels met pompoenen

Als Grote Gele Eend haar bek opentrekt, spannen de rimpels van de vijver strak, spitsen de spitsmuizen de oren en staakt Lacherige Langpoot het lachen.    ‘De oplossing,’ zei Grote Gele Eend, ‘voor jullie kwakkelende verkoop, is vannacht tot mij gekomen.’ Kleine Kiet, de slimste kikker van de plas, tuurde kwijlend naar Grote Gele Eend. Dat Kleine Kiet op Grote Gele Eend zinde, wist iedereen en vandaag stonden zijn begerige ogen nog begeriger. ‘Wie van jullie uilskuikens ooit op het idee kwam, weten jullie vast zelf niet meer,’ ging ze verder. ‘Feit is dat er een berg maffe hoedjes en bezemstelen schimmelen onder de oude eik. Geen sufferd vindt jullie webshop, behalve die van Azerty, en zelfs die retourneerden hun pakket!’ Ze trapte, om haar woorden extra kracht bij te zetten, op een eikel die in de vijver plonsde.    ‘Dát weten we,’ sjirpte Kleine Kiet, ‘En dat moet je er niet opnieuw inwrijven. Ga je poseren met onze brol en pleuren we die foto’s online?’ Kleine Kiet trok zijn roodstreepbroekje recht. ‘Dat zou wel marcheren: Grote Gele Eend op Onlyfans, vijftien euro voor een exclusieve stream uit jouw douche.’ Lacherige Langpoot brulde zijn lach. ‘Tip van de dag, gegarandeerd!’    Grote Gele Eend schudde haar kont alsof ze zo Kleine Kiets vuilbekkerij van zich wilde schokken.     ‘Hou je kop, schuine kikker,’ kakelde Sjors Spikkelbeen, de dikste kip van de plas, ‘straks wil ze haar oplossing niet meer vertellen, en kan ik muggen blijven zuigen. Ik wil een rollende webshop, dan kunnen we kreeft eten in de Seychellen, of bungeespringen op Kreta, of, als ie echt lekker loopt, naar Disneyland in Orlando.’    ‘Disneyland,’ kwaakten de kikkers wild. ‘Bibberen in The Haunted Mansion!’    ‘Kreeft,’ mijmerde Kleine Kiet, ‘met champagne!’    ‘Jullie moeten het natuurlijk goed marketen,’ zei Grote Gele Eend, ‘niks verkoopt zichzelf. Goede backlinking, een beetje SEO, Adwords, Facebook pixels, de hele chickenbak...’ Ze strekte haar hals wat hoger, glom haar snavel en kuchte tweemaal. ‘De oplossing...’ zei ze, ’is geniaal eenvoudig.’    ‘Kom op,’ zei Kleine Kiet, ‘je speelt ermee.’    ‘Je maakt witte cijfertjes,’ zei Grote Gele Eend. ‘Nul Zes Acht bijvoorbeeld, die plak je op een groene jumpsuit, of een rode. Meer niet. En je tekent een witte cirkel, vierkant of driehoek op een zwarte schermhelm. Uitverkocht voor je halloweenfestijn kan zeggen.’    'Halloweenfestijn?’ vroeg Kleine Kiet.    ‘Iets onnozels,’ zei Grote Gele Eend, ‘met pompoenen.’ 

TonyCoppo
26 2
Tip

Soms droom ik

Soms droom ik van kasjmier, mijn langste benen, elegante zwanen, galante mannen, erudiete vriendinnen en saffraan op tafel. Soms droom ik van oranje en roze en alle oranje en roze daartussenin wanneer we wolken voorbijvliegen, onderweg naar Wenen of New York. Soms droom ik van gladgestreken hemden en gepoetste naaldhakken. Soms droom ik van velours, mahonie en marmer. Soms droom ik van op-maat-gemaakte tegels en geen keuken maar cuisine. Soms droom ik van schaak, golf of paarden, een onontdekte troef die uitgespeeld wilt worden. Soms droom ik van de stilte, zoek achter al dat glimmende. Soms droom ik van al dat glimmende op zoek naar stilte. Soms droom ik van eenvoud en van water. Gekoelde flessen tussen rijen appels, tomaten en kazen. Soms droom ik van olijfolie en haar velden. Soms droom ik dat ze uit Andalusië komen, maar als me dat niet verteld werd droom ik soms van de vlaktes nabij en hun vruchtbaarheid zonder regen. Tranen vloeien er. Soms droom ik van groene thee én olijfolie en ben ik tevree dat het me langer helpt leven. Soms droom ik dit alleen maar en droom ik van het tegendeel. Soms droom ik van het simpele. Soms droom ik van afgeknipte boeketten en het bloeien van tulpen en zondagen. Soms droom ik van lossere haren en een hand die door ze graait, op zoek naar een wonde nabij geheeld. Soms droom ik van mama en haar hand die twee seconden op me rust. Soms droom ik dat het er twintig zijn en voel ik me twintig jaar geliefd. Soms droom ik van dauwdruppels op het gras en soms op de daken. Soms droom ik van de sterren en vind ik ze overal. Soms droom ik van verdriet en pijn die in de controleerbare plooien van woorden vallen. Soms droom ik van de stilte in de woorden die op mijn lippen liggen. Soms droom ik van een nacht met wie ik vroeger was, ik zou haar beminnen zonder minachting. Soms droom ik van vandaag, hoe de plooien van het laken rond mijn benen vallen en hoe ik droom van een lach die me wakker kraait. Soms droom ik van amandelen, treinabonnementen en mensen die hun ramen op dezelfde dagen poetsen. Soms droom ik van voldoening, groei en daadkracht. Soms droom ik van doem en besef ik dat mensen op andere manieren naar buiten wandelen. Soms droom ik dat ik voel, beweeg en bibber. Soms droom ik van dromen en verhalen, vuren en vliegen. Soms droom ik van geuren, fris en vrijgevig, bloemig en sensueel. Soms droom ik van wit en soms droom ik van zwart en wat ze met elkaar gemeen hebben. Soms droom ik van donker en licht en hoe ze ons steeds twee stappen voor zijn. Soms droom ik van Tunesië, Tsjechië, Turijn of Tibet. Soms droom ik van Kaapstad, Kopenhagen, Kyoto of Kos. Soms droom ik van Zweden, Zaïre, Zakynthos of Zonnebloemdorp. Soms droom ik van alle onbekenden en bekogel ik hen met pennen — laat het klinken zeg ik ze — waar je vandaan komt, waar je staat, waarheen je je begeeft — troost me met antwoorden op vragen die ik je nooit zal kunnen stellen.

Aerin Thijs
310 1