Zoeken

Die eerste glimlach

We noemden jou ons geschenk uit de hemel. Het was een lange pijnlijke bevalling geweest waarbij je koppig naar de verkeerde kant bleef kijken - en de vroedvrouw zat te draaien en te wroeten in mijn lijf om je goed te draaien. Ook ik was koppig en duidelijk overmoedig om jou zonder epidurale uit mijn lijf te persen. En toen was je daar, het schoonste en meest kwetsbare wezen op deze planeet. De werkelijkheid verdween naar de achtergrond. De sneeuw en de koude buiten stonden in schril contrast met de gloed van warmte, licht en liefde waarin wij werden opgenomen toen jij ter wereld kwam. De gynaecoloog was nooit helemaal zeker van haar stuk geweest toen ze jouw geslacht bepaald had. Ook tijdens de echo's al had je een sterke wil getoond en was je niet van plan zomaar te tonen wat wij wilden zien. Dus toen de vroedvrouw jou in mijn armen legde, werd mijn blik automatisch naar de plaats tussen jouw benen getrokken en zag ik daar dat je zonder enige twijfel een jongen was. Mijn jongen, wat heb je ons vele slapeloze nachten bezorgd. Iedereen die op kraambezoek kwam in het ziekenhuis schrok van de felheid van jouw gekrijs. In de rest van de gang was het stil, op een kreetje van een enkeling na die honger had of een vuile luier. Jouw honger kon echter op geen enkele manier gestild worden en zelfs als je een verse luier droeg en dicht bij mij of jouw papa lag, bleef je vaak schreeuwen, uren aan een stuk. De meeste verpleegsters waren erg lief en behulpzaam, maar er was ook een harde tante bij die jouw papa en ik Cruella hadden gedoopt. Zij sprak ons vermanend aan alsof het onze schuld was dat je van geen ophouden wist. Eén keer wou ik jou een badje geven, maar dat was zonder Cruella gerekend. Zij trok jou uit mijn armen omdat zìj, degene met bakken ervaring, mij eens ging tonen hoe het moest. Wat was ik je toen dankbaar dat je het op een nog harder krijsen zette en je uiteindelijk toch een beetje kalmeerde toen ik je opnieuw in mijn armen hield. We deden er alles aan om je te troosten lieve jongen en eerlijk waar, op geen enkel moment verloren wij ons geduld. We werden het gewoon dat je het gros van de dag schreeuwend doorbracht, lieten je op onze buik slapen omdat dat de enige manier was om je even naar dromenland te laten vertrekken. We droegen je in een draagdoek omdat je rechtop zittend duidelijk minder last had van jouw maag en darmen - de oorzaak van jouw gehuil. We verloren ons geduld niet want jij was ons geschenk uit de hemel. Papa verloor wel heel wat van zijn haren en mijn rug werd steeds pijnlijker, maar we hadden het allemaal over voor jou, lieve schat. En op een keer, toen je me weer midden in de nacht gewekt had, ik de uitputting nabij was en op het punt stond om uiteindelijk toch mijn geduld te verliezen, toen krulden jouw twee mondhoeken zich naar boven en keek je me doordringend aan. Een warmte welde op in mijn hart en ik glimlachte terug naar jou, vol ontroering. Veel vroeger dan de gemiddelde baby maakte jij glimlachend contact met mij. Daarom dacht ik eerst dat het toeval was, maar toen je mijn glimlach beantwoordde met een mimiek die nog duidelijker was dan voordien wist ik dat jij niet alleen een geschenk maar ook een wonder was dat ik altijd zou blijven koesteren. 

Aline S
27 1

Valentijn niet van toepassing

‘Heb jij een vriendje?’ vraagt ze en flipt haar ellenlange blonde haren elegant naar achter.‘Neen, die heb ik niet.’ zucht ik een beetje wanhopig.Ik ben al een hele poos single en toch breekt mijn hart elke keer die vraag mij wordt gesteld.‘Zou je je dan niet haasten? Je bent al voorbij de dertig hoor,’ zegt ze met een volstrekt serieuze blik.Wie denkt dat ze een grapje maakt, heeft het mis. Dat maakt ze namelijk helemaal niet. Ze kijkt me onderzoekend aan alsof ze speurt naar de reden waarom ik gedoemd ben als single door het leven te gaan.‘Ach een man, dat is toch alleen maar miserie,’ zeg ik stoer, terwijl ik vanbinnen een beetje sterf. ‘Ik heb daar allemaal geen tijd voor.’‘Dat zal wel ja,’ antwoordt ze op een gemene toon en draait zich ostentatief om. Jammer genoeg is de net genoemde blondine niet de enige die mij bedenkelijk aanstaart nadat ik vertel dat ik alleen op deze wereld rondloop. Sinds ik de dertig gepasseerd ben, bevind ik me steeds vaker in dergelijke penibele situaties. Alsof je vanaf je dertigste als vrouw totaal abnormaal bent wanneer je geen man en kinderen in je huis hebt wonen. De blik van ‘jij zal wel een heel moeilijke zijn’ of ‘jij kiest er zeker voor om alleen te zijn’ zijn mij sinds een jaar of drie zeer vertrouwd. Het aller-pijnlijkst moment was misschien wel mijn laatste verjaardag. Goed geluimd trok ik ’s ochtends naar de kapper. Als je jarig bent, dan mag je jezelf wel eens trakteren op een nieuwe coupe, vond ik. Zoals dat gaat bij kappers, begon de coiffeuse een goedbedoeld praatje tegen me. Eerst over het weer, dan over de drukte in hun zaak, dan over de geplande vakantie om zo bij hun dochter Tasha uit te komen. Tasha ging dit jaar met hen mee op vakantie, want het was net uit met haar vriend. Dat was toch wel erg jammer, zo stelde de kapster, want nu was ze weer alleen en als je vierentwintig bent dan is het niet meer zo simpel om nog iemand te vinden.Ik zakte een beetje dieper weg in de kappersstoel, want ik voelde dat de gemeenste vraag der vragen weer in aantocht was.‘Heb jij een vriend?’ vroeg  de kapster terwijl ze een klodder anti-krulgel in mijn haar smeerde.‘Neen, ik ben alleen,’ glimlachte ik schaapachtig.‘Ach gut.’  Ze trok een pijnlijk gezicht. ‘En hoe oud ben jij?’’Drieëndertig jaar,’ zei ik alsof dat een zonde was.‘Oei’ siste ze en trok een gezicht alsof ze net een hele citroenboom had leeg gegeten.‘Het zal er wel een keer van komen zeker. Zoiets kan je niet forceren,’ probeerde ik een positieve noot in de situatie te brengen.‘Ja, ik weet niet hoor, als je zo oud bent. Het wordt er toch ook niet gemakkelijker op.’ schudde ze met haar hoofd. ‘Gewoon stijl zoals altijd?’‘Huh?’‘Je haar? Gewoon stijl gebrusht?’ vroeg ze met de haardroger al in de aanslag.‘Perfect’ knikte ik en beet een beetje sip op mijn onderlip.Het heugelijke feit dat ik die dag jarig was, durfde ik niet meer te vertellen.

Ans DB
0 0
Tip

Sorry

Ik merk dat het me steeds zwaarder begint te worden je te moeten missen. Ten eerste omdat ik nu al twee teksten op één dag moet schrijven om ze enigzins door te komen. Ten tweede voel ik dat het me echt uitput en me langzaamaan weer (permanent) ongelukkig maakt. Permanent kan natuurlijk niet want dan zou ik me nooit meer gelukkig voelen, wat ik wel doe, maar enkel als ik bij jou ben. Ooit gaat dit weer over, nadat ik weer maanden liefdesverdriet over jou heb gehad en er al een andere jongen me wil troosten. Ik wil het zo graag ontkennen maar ik weet dat het zo gaat. Zo zal het altijd zijn.   Ik gebruik dit platform eerder als een digitaal dagboek en trek me dus niks aan van het niveau van mijn teksten. Als iemand ze toch zou lezen is dat oké maar het gaat snel vervelen. Daarom, als iemand dit nu zou lezen, het spijt me maar dit is gewoon pure therapie. Waarom ik het dan niet op privé zet? Geen idee, ten eerste kan ik het dan evengoed in Word typen en ten tweede, ook dit ontken ik niet, vind ik het helemaal niet erg om mijn zorgen met anderen te delen. Zielig hoor ik je denken, en geloof me dat is het ook. Ik voed me met het medelijden van anderen. Niet dat ik jou nu om medelijden vraag want daar heb ik helemaal niets aan, ik ben het gewoon gewoon om alles open met iedereen te delen. Tot hier mijn excuses die niet echt excuses zijn maar wel zo bedoeld waren.    Je moet weten dat ik al wat heb meegemaakt op vlak van liefde en vooral liefdesverdriet. Hoe bizar het ook klinkt uit de mond van een 17-JARIGE, ik meen wat ik zeg. Al meerdere keren heb ik niets liever gewild dan het gewoon op te geven en inderdaad, te sterven. Maar zelfs dat was me te veel moeite en dat is denk ik de reden waarom ik hier nu nog rondloop. Ook omdat ik "niet echt dood wou", ja die theorie heb ik ook al gehoord en dat kan zo zijn maar dat maakt het niet minder zwaar. Als ik op de momenten dat ik mijn zelfmoord plandde, had geweten dat ik ze nooit zou uitvoeren, had ik waarschijnlijk een andere snellere manier gezocht en misschien wel gevonden. Jammer genoeg of gelukkig, hangt af van welk moment ik het bekijk, kan ik niet in de toekomst kijken. Iemand anders kan dat wel. Ik geloof helemaal niet in waarzeggerij, ik vind mezelf niet bepaald goedgelovig maar dit is echt speciaal. Een paar maanden geleden ging ik voor het eerst bij een vriendin van mijn mama langs om voor de zoveelste keer te "praten". Ze vroeg me toen nog eens terug te komen en dat deed ik ongeveer een maand later. In die periode had mijn toenmalig vriendje/lief onze relatie beëindigd. Toen ik haar dit vertelde reageerde ze dat ze dat eigenlijk al sinds onze vorige ontmoeting wist. Ik was niet onder de indruk want dit kan natuurlijk iedereen zeggen. Toen ging ze verder en vertelde dat ze had gemediteerd voor ik kwam (mediteren zal ik altijd iets bizar vinden en zeker in deze context). Tijdens die meditatie werden haar "dingen doorgegeven", je weet wel, van engelen ofzo. Nog steeds was ik niet onder de indruk. Dat was ik pas toen een paar maanden later uitkwam wat ze me toen vertelde. Ik zou een nieuwe jongen leren kennen, die ouder was en het zou niet lopen zoals ik dat gewoon was of verwachtte en dit alles zou voor nieuwjaar beginnen. Ik hield dit wel in mijn achterhoofd maar dwong mezelf er niets van te geloven. Enige tijd later, ik heb geen idee meer hoeveel tijd exact, was er een leidingsfeestje waarop ik net iets te veel gedronken had en met één van de leiders naar buiten ging. Wat er gebeurde durf ik zelfs hier niet te zeggen (daar kan je je zelf wel al wat bij voorstellen). Ik wist niet wat te doen en was verbaasd (in de zeer negatieve zin van het woord) over waar ik toe in staat was. Dat was ik gewoon niet. Toch bleef hij door mijn hoofd spoken, dagen, zelfs weken later zag ik nog steeds beelden van die avond voor mij. Ik kon niet ontkennen dat dat me hielp om mijn ex-lief uit mijn hoofd te zetten, die voor de duidelijkheid nog steeds in mijn klas zat. Meer dan een maand na dat feestje, was er nog een gelegenheid waarop ik wel even alleen met hem kon zijn en stiekem hoopte ik daarop, ook al had het me de vorige keer zo verward. Ik zat de hele avond met hem in mijn gedachten en wou niets liever dan dat hij met mij zou praten en uiteindelijk even samen weg wou gaan. Ik besefte zelf ook wel dat het mij enkel om zijn aandacht ging en niet om hemzelf, maar ik kon me niet bij hem vandaan houden. Op het einde van de avond lukte het mij dan bij hem te gaan zitten en wat in een groepje mee te praten. Uiteindelijk eindigden we samen aan de muziek en kon ik hem verbazen. Hij was zo onder de indruk dat hij die avond toch wel bij mij wou slapen, maar hij had wel enige overtuiging van mijn kant nodig. Achteraf gezien had ik daar natuurlijk spijt van want voor hem draaide het waarschijnlijk gewoon om de seks en dan is het normaal dat een jongen niet weigert als je hem vraagt of hij niet bij je wil liggen. Ik sliep verschrikkelijk slecht. De volgende ochtend was hij verward en zonder een woord te zeggen liep hij naar de grote zaal waar de anderen lagen te slapen en sliep daar gewoon verder. Mijn zelfvertrouwen kreeg een enorme deuk en ik snapte zijn reactie helemaal niet. Achteraf begon hij mij vaker berichtjes te sturen en sindsdien is onze "relatie" alleen maar geëvolueerd. De andere teksten op dit profiel gaan bijna allemaal over hem en mijn niet verdwijnende twijfel of hij me gewoon gebruikt of niet. There's more to the story ofcourse, maar dat schrijf ik wel eens op als ik nog eens veel tijd en zin heb. Als ik nu aan buitenstaanders vraag wat ze hiervan vinden is de conclusie overduidelijk dat hij me gebruikt. Dat neem ik niemand kwalijk. Maar laat ik je misschien toch nog even vertellen wat er daarna gebeurde. Ik weet niet meer wanneer ik hem de derde keer heb gekust (of iets meer dan dat) want dat is ondertussen alweer een paar maand geleden. Ik weet alleen dat er al veel vordering is gekomen in wat wij hebben. Het is enkel door hoe het begonnen is en door mijn eigen onzekerheid dat ik zo vaak aan zijn oprechtheid twijfel. Wie probeer ik eigenlijk te overtuigen? Het enige dat ik zoek is geruststelling en wie kan mij die geven? Enkel hij en ikzelf. Op nieuwjaarsdag stelde hij zelf voor om aan de rest van onze leidingsgroep toe te geven dat het misschien iets kon worden. Daaruit lijkt het mij dat hij er mee bezig is en het toch zou overwegen. Het enige probleem is dat het nog lang kan duren tot hij het officieel wil maken en ik weet dus niet of ik dat zo lang volhoud. Ik zou het hem misschien moeten vragen maar ik wacht tot ik het besproken heb met iemand die er meer verstand van heeft. Ik besef dat ik dit niet had moeten typen om me beter te voelen want dat doe ik nu niet en het enige dat ik geschreven heb is het negatieve. Ik heb niks verteld over die ene keer dat hij twee uur lang gewoon naast me lag en met me praatte en lachtte en mijn arm streelde. Het spijt me.

Layla Clarke
0 0

Vos

Ik hoorde de kippen kakelen. Niet verontwaardigd zoals gewoonlijk, wanneer de ene de andere op de poot getrapt had. Of wanneer ze het allemaal op hetzelfde graantje gemunt hadden. Of wanneer de hond te dichtbij kwam. Mijn kippen waren steeds verontwaardigd. Maar deze keer niet. Ze kakelden eigenlijk ook niet. Ze krijsten. IJzingwekkend, zo midden in de vriezende nacht. De hond blafte. Ik rende de trap af en trok mijn laarzen aan. De sleutel had ik gelukkig op de deur laten steken, uit schrik dat het slot anders kapot zou vriezen, want ik beefde te hard om de sleutel er in te steken. Met een grote lamp rende ik naar het kippenhok. Ik gleed bijna uit, maar kon me vasthouden aan de omheining. Het gekrijs was opgehouden. Ik trok het hok open en zag mijn kippen, morsdood. Koppen afgebeten. Verontwaardiging in hun ogen. Achter me hoorde ik gejank. Ik draaide me om en scheen met mijn lamp op de vos. Hij had Tilly in zijn bek, de kleinste en zachtaardigste kip van het hok. De vos had een grote wonde tussen zijn ogen en miste wat vacht. Hij ademde snel, zag ik aan de wolkjes die uit zijn neus kwamen. Hij rende weg, onze weide in, richting het bos. Ik rende achter hem aan, maar hij was te snel. Ik gleed uit. Waarom had ik het ook geprobeerd? Wat had die vos mij ook misdaan? Het vroor nu eenmaal, en hij had vast honger. En zijn gehavende kop en vacht bewezen dat de kippen zich verweerd hadden. Maurice, de oude haan, had zijn dames vast goed proberen te beschermen. Waar was Maurice eigenlijk? Ik had hem niet gezien tussen de slachtoffers. Ik stond op en wandelde weer naar huis. En daar lag Maurice, dood in de weide, in stukken als de kalkoen die we nog niet zo lang geleden voor kerst aten. Voor het eerst in zijn leven keek hij niet verontwaardigd. Beschaamd eerder, dat hij hen niet had kunnen redden. Ik raapte op wat ik kon. Hij was een goeie jongen, onze Maurice. Ik wilde hen ’s ochtends begraven, maar wilde hen niet nog enkele uren daar in de kou laten liggen. Misschien kwam de vos wel terug. Ik nam een spade en probeerde die in de bevroren grond te duwen. Min twaalf, zo koud is het in geen jaren geweest. Ik bleef steken tot ik een diepe put had, ook al zou ik daarna nog twee weken stijf zijn. Ik legde hen zo dicht mogelijk bij elkaar in de put en gooide de bevroren stukken zand er weer op. Daarna nam ik een stoel, en bleef zitten bij hun graf. Min twaalf. Het zijn maar kippen, zei ik mezelf. Maar waren het maar kippen? Had ik hen als kuiken niet grootgebracht en een naam gegeven? Had ik geen emotie gezien in hun ogen, en gehoord in hun gekakel? Had Tilly niet keer op keer haar hoofd tegen mijn schouder gelegd, wanneer ik haar optilde omdat ze zo dom was om in de regen te blijven zitten? Had ik hen niet telkens bedankt voor hun eieren met een krop sla of een bloemkool? Hadden de kippen en ik dan geen band waarin we elkaar voedden? Een soort natuurlijke band? In de verte hoorde ik een vos keffen. Misschien was het wel de vos die Tilly meegenomen had. Misschien riep hij zijn kinderen wel. Of zij. Dat er eindelijk nog eens eten was, na dagen van ontbering en koude. Ik stond op en wandelde naar de rand van de weide. Misschien is de natuur wreed, maar bij min twaalf is wreedheid soms de enige manier om te overleven. Als mijn kippen en ik een soort natuurlijke band hadden, heb ik hen nu teruggegeven aan de natuur.

MDB
0 0

Plankgasboetes

Ik wil eens op padIn ‘t kot van de nachtIk wil dat ik wil datHeb ik al zo vaak gedacht Met een rokje tot onder mijn kontZorgeloos aan het wachtenAlsof er op mijn voorhoofd stondJa, mij moogt ge verkrachtenIk wil dan liggen op 't straatNeus naar het asfalt gerichtZien hoe het fout gaatMet groene verf op het rode lichtIk wil dan kei hard brullen:"De Sint bestaat niet moet ge weten"En mijn stem mag de straten vullen Omdat iedereen het uur is vergetenIk wil eens een keer eerlijk zeggenWat ik van een baby vindSchaamteloos uitleggenDat het lijkt op elk ander kindDat zijn ogen er maar raar bij staanHij kijkt een beetje scheelEn over zijn gewicht verdergaanMet 'is dat niet wat veel'De luchthaven laten trillenMet eendags Gilles De La Tourette Vol overgave gillen Allah Akbar, ik bom gezet Ik wil eens één keer diegene zijnDie het kind ermee confronteerdKijk 't is misschien niet zo fijnMaar ge zijt geadopteerdEn negentig jarige man Die sla ik uit zijn loodMet 'amai jong, dan..zijt gij bijna dood.' Elk dreigement op de ritArrogant afkraken Met ' pas op of ik zal van uw gebit.... eens een puzzel maken.'Een kleuter in noodVan het antwoord staven Ja, uw hamster is doodIk heb dat levend begraven Een onbekende vrouw geef ik een briefOver de seks die ik met haar man hadVond je het nu niet een beetje naïefSorry 'ik heb hoofdpijn schat'?Ik wil eens een familiefeest onderbreken Met getik op mijn glasZeggen dat ik toen ze niet keken Aan het masturberen wasGewoon om eens te zien Wat dat geeft qua rampenNonchalant een stuk of tien Joden omver stampen Zonder make-up in 't openbaarOp 'dat ik er wat ziek uitzie'Zeggen 'ja, 't is waar'Aids, griep en een kanker of drieBij mijn Mc Donalds-stopVraag ik weinig beleefdEen eurodeal en of ze de jobVan haar dromen gevonden heeftHet laatste dat ik onthulIs mijn dag als een ventWaar ik rondzwaai met mijn lulAls een volwaardig zedendelinquentSssst  Zit daar nu niet te verkrampenVermomd als kei beleefdGe wou ook al eens iets omver stampenOm te zien of het nog leeft    

Lot
0 0

Zo? Of, meer zo?

Blijkbaar praat ik te veelEn ontbreek ik een paar beleefdheidsvormenNu wil ik me echt wel geheelAanpassen aan andere normenMaar ik leerde meer dan alleenFietsen, stappen en pratenIk leerde kennen, houden vanRoepen en haten Ik leerde te lijkenOp mijn omgevingIk leerde te kijkenEn van wat ik opving Van de plaatsen die ik zagIk leerde blijven of te gaanVan elke slechte dagIk leerde bestaan Van de onbekende mensenDie me aanspraken op de busVan de reactie op mijn nieuwjaarswensenVan de eerste niet-mama-kus Van wat ik goed deedEn vooral van wat foutIk heb muurtjes stukgeslagenEn af en toe heropgebouwd Van wat ik zagVan wat ik kon horenVan elk uur op elke dagDat ik ooit heb verloren Er is een redenWaarschijnlijk een detail, zo kleinWaardoor mijn wilde harenNiet elke dag gekamd zijn Mijn mama treft geen schuldDie deed ze elke dag netjes bij mekaarMet een kam en oneindig veel geduldStoomde ze haar prinsesje klaar En toen kwam ik misschien iemand tegenEn werden knopen plots mijn dingHet maakte me op geen enkel moment verlegenDat het verward op mijn schouders hing Ik ben volwassen voor de wetMaar ben daarom nog nietHelemaal vastgezet Maar ik ben niet zacht meerIk ben een gedane zaakIk neem geen keer Ik zeg al zo lang watIn plaats van wabliefIk ben arrogant en gevatSoms gewoon assertief Ge zijt ergens nog zo kleinEen kind dat een puzzel vraagtOm gewoon juist te zijn Maar, ik zie weinig gelukWant er is geen mens die een kindLaat wroeten aan een stukOmdat hij het juiste niet vindt De puzzel moet maar meebuigenOok al lijkt de wolk een driehoekGe moet er niet op zuigenGa maar verder op zoek Want de man met drie benenStaat met zijn hoofd in een wolkEn dat kindje zal wel wenenZonder mama tussen het volk Ik ga nooit minder woordenGebruiken dan ik wilIk laat alleen de dagen mij vermoordenAlleen de tijd krijgt mij stil Ik ben uw puzzelstukDat ge tot passen verplichtMaar als ik mij erover bukVind ik het geheelAbsoluut geen zicht.

Lot
0 0