Zoeken

What Happened, Mister America

Nina Simone had gelijk!  Onlangs zag ik de pakkende Netflix documentaire What Happened, Miss Simone? In een interview zegt Nina Simone: "There aren't any civil rights." "What do you mean?" vraagt de interviewer. "There is no reason to sing those songs. Nothing is happening. There's no civil rights movement. Everybody's gone." Zij speelde haar politieke nummers op een gegeven moment niet meer, men boycotte haar en het haalde niets uit, zoals ze in het citaat omschrijft. Nu verschijnen ze terug op LP en vind je de songs op YouTube, waar ze meer dan ooit worden afgespeeld. Maar ergens had ze gelijk, want is er veel veranderd? Wat met de burger- en mensenrechten nu? Geweld en vooroordelen   Geweld en vooroordelen zijn nog steeds schering en inslag. Alleen verbergt men het misschien beter nu, men veegt het met de borstel onder de mat. Tot de sociale media viraal gaan en niets het nog lijkt tegen te houden, waarbij vaak emotioneel en vol frustratie gereageerd wordt. Zie maar naar de geweldpleging op de zwarte Amerikaan George Floyd (25/05/20) wanneer een politieman hem wurgt door zijn knie op zijn keel te zetten. De man was ongewapend. Hij smeekte om losgelaten te worden: "I can't breathe." Hij stierf. Zwart Amerika kreeg en krijgt het nog steeds hard te verduren. Protesten lopen her en der uit de hand en van de chaos wordt misbruik gemaakt. Nieuwe leiders Er is nood aan een nieuw soort leider. Een Trump bijvoorbeeld kan zo iets niet aan en dreigt het alleen maar erger te maken. Doordat hij een atypische president is krijgt hij echter wel wat bijval. Maar dit soort leider reageert bij voorkeur impulsief en zegt wat hij denkt dat zijn aanhang (niet zijn volk, enkel zijn selecte clubje) wil horen. Schijnbaar zonder verder na te denken over de consequenties, tenzij het in zijn eigen voordeel is. Zulk een leider verliest zichzelf in egokwesties, oppervlakkige populistische uitspraken en kijkt naar belangen die enkel hem dienen. Terwijl andere echte prioriteiten worden genegeerd. Nu vel ik in zekere zin een oordeel op wat ik verneem vanuit de media en vanuit wat ik zelf al ervaren heb, maar ik zie het meer als een zeer verontrustend gevoel dat me bekruipt met een soort van déjà vu. Wat de rol van de mainstream media hierin is, is me nog niet duidelijk. Zij tonen nu eenmaal vaak het meest sensationele en nuances vind je nog zelden terug. Wel wordt het duidelijk dat Amerika eerder verdeeld is dan verenigd. En als dit niet goed aangepakt wordt, zal dit zich als een nieuw virus verspreiden. De kiem voor een burgeroorlog en voor onrusten wereldwijd. Toch heb ik hoop want ook vele mensen verenigen zich nu. Er komt solidariteit vanuit diverse hoeken: zoals een buschauffeur die weigert demonstranten te vervoeren naar een cel, zoals agenten die zelf knielen voor de demonstranten uit medeleven en respect. Er zijn ook vele vreedzame reacties vanuit heel de wereld tegen racisme en voor gelijkheid. Wat doet dan een goed leider? Een leider verbindt en brengt het volk samen. Zo simpel is dat. Een goed leider vertegenwoordigt zijn volk, neen beter nog, is het volk! Het luistert naar alle geledingen die er zich afspelen van de top tot de onderbuik, wat verstopt is en niet naar boven durft te komen is eens zo belangrijk. En dat zal deze leider - of het politieke systeem - samenbrengen tot een gezond evenwicht. Een moeilijke balans waarbij extremen steeds zullen trachten de leider in diskrediet te brengen, maar een goed leider doorziet dit en weet die balans te behouden en op de juiste manier erover te communiceren. Duidelijk, helder en zonder vooroordeel, in het licht van een volk dat de kans krijgt om zich te ontwikkelen.Daarmee keer ik even terug naar Nina Simone, deze grand dame van jazz, blues en klassieke muziek, had ook haar fouten en enkele extreme kantjes, maar zij kanaliseerde die in haar muziek, dat mensen raakt en samenbrengt. Wat engagement betreft is zij alvast een voorbeeld voor de generatie van nu. Haar songs klinker luider dan ooit. Wanneer leert de mens echt? Als er iemand luid roept? Als het te laat is, dan voor even? Of als iemand net op de juiste plaats op de juiste manier, luistert en je echt iets te vertellen hebben? Wanneer staat er dan een nieuwe Simone op of een Martin Luther King of een Gandhi of ... ? Of zijn wij het, de gewone mens, de leraar, de verzorger, de kunstenaar, de arbeider, de bediende, de zelfstandige: zij die hard werken en dit doen vanuit passie voor het vak en vanuit liefde voor de naaste? Zo, die mensen dus, zij die echt luisteren en een krachtig menswaardig signaal geven, zonder bloedvergieten, vanuit het hart spreken en zachtheid brengen in een wereld met individuen die niet meer durven zien welke eigen weg, samen te kunnen gaan.

Bart Vermeer
44 0

Wat een stervend vogeltje mij leerde

Als kind ging ik vertrouwd om met de subtiele magie des levens. Ik hanteerde mijn hooggevoeligheid constructief en speels. Maar ergens in mijn groeiproces ben ik gaan denken dat mijn gevoelige aard een last was in plaats van een zegen. Hoe vaak heb ik er wel niet naar verlangd om onverschilliger te zijn. Er werd mij dan ook dikwijls gezegd dat ik het mij allemaal niet zo erg moest aantrekken. En ik wou dat ook echt kunnen. Het overweldigende voelen probeerde ik te vervangen door te overdenken. Ik dacht afstand te kunnen nemen van de dingen door ze te analyseren. Maar in feite nam ik alleen maar afstand van mijn authentieke zelf. Op een bepaald moment wees alles erop dat ik te ver was afgedwaald. Ziekte bracht me tot stilstand. Ik ben zo vaak kwaad geweest omdat ik het niet begreep. De verantwoordelijkheid voor mijn lijden lag natuurlijk bij mezelf. Ik werd streng voor mezelf. Ik deed altijd wel iets verkeerd. Het was nooit goed genoeg. Het kleine meisje in mij moest niet huilen, ze moest flink zijn. Ze moest diëten, sporten, mediteren, minder denken en beter ademen. En als ze haar best niet deed, dan was het haar eigen schuld dat ze gebukt ging onder de pijn. Dan moest ze het maar opnieuw proberen en nog meer haar best doen. Ik ben nu op een punt gekomen dat ik niet meer mijn best wil doen. Het is mooi wat ik allemaal geleerd en bereikt heb, maar ik besef dat ik gerust wat milder kan zijn voor mezelf. Dat ik mezelf graag kan zien te midden van mijn geploeter. Ik wil mijn eigenliefde niet sparen voor wanneer ik zogezegd iets bereikt heb. Hier en nu is alles meer dan goed. Het is perfect zelfs. Dat besef komt in verschillende gedaantes bij mij binnen gesijpeld. Kleine dingen met grote symboliek openbaren zich aan mij. Ik zie ongetwijfeld veel over het hoofd, maar wat ik zie maakt echt indruk. Die indruk wil ik in deze tekst vastleggen. De dingen en situaties rondom mij, weerspiegelen wie ik ben. Als ik ergens ongevoelig en oppervlakkig mee omga, dan is dat tevens de manier waarop ik mezelf behandel. Het was een stervend vogeltje dat me hier onlangs aan herinnerde. Al te vaak heb ik me uit zelfbescherming verscholen achter negatie en ontkenning. Uit angst natuurlijk. Angst om diepgaand te voelen en ingenomen te worden door dat gevoel. Zo draaide ik ook mijn rug toen ik zag dat mijn zachte vriend Loki zichzelf aankondigde met een vogeltje in zijn bek. In een oogopslag zag ik dat het nog leefde, maar de dood nabij was. Ik wenste dat hij het snel zou doden, wat hij niet deed. Terwijl Loki afgeleid werd door een snack uit de keukenkast, bedacht ik wat te doen met het weerloze wezen op mijn tapijt. Ik wou dat ik op mijn knieën was gaan zitten en het vogeltje in mijn handen had genomen. In de plaats daarvan greep ik naar het vuilblik waar ik het naar adem snakkende diertje voorzichtig op veegde. Ondanks mijn afkeer en tegenzin, bekeek ik het in detail. De verwondingen moesten intern zijn, aangezien er langs de buitenkant niets te zien was. Het hield zijn oogjes gesloten en het kleine bekje ging langzaam open en dicht. Misschien moest ik het uit zijn lijden verlossen en op één of andere manier doden? Een mogelijkheid die ik snel weer liet varen. Uiteindelijk legde ik het vuilblik met het vogeltje in een doos die ik met een handdoek bedekte en ergens in een verre hoek plaatste. Pas laat op de avond dacht ik terug aan het vogeltje. Zou het nog leven? Maar ik ging niet kijken. Ik liet het kleine dier aan zijn lot over, mezelf sussend dat dit de natuurlijke gang van zaken was. Het vogeltje stierf moederziel alleen. Wanneer ik de handdoek van de doos haalde, bewogen er enkele donsveren op zijn hoofdje door de luchtverplaatsing, wat me op een confronterende manier vertederde. Het was pas de dag nadien dat er een opening kwam in mijn gevoelswereld. Opeens herkende ik mezelf in het vogeltje. Gewikkeld in het nieuwe deken dat mijn moeder mij had gegeven, ging ik tussen de bomen zitten. Het deken pluisde enorm en al gauw hingen er overal losse stukjes wol. De manier waarop de wol in de wind flapperde, deed me denken aan de donsveren van het vogeltje. Het besef dat ik met mezelf omging zoals ik het vogeltje had behandeld, schoot als een bliksemschicht door mijn lijf. Het verdriet begon te stromen en ik voelde zoveel spijt. Ik weet en voel al langer dat kleine handelingen een grote energetische waarde kunnen bevatten. Ik wou dat ik me over mijn angst heen had gezet en het vogeltje liefdevol in mijn handen had genomen toen het lag te sterven. Ik wou dat ik het lieve geruststellende woorden had toegefluisterd. Ik wou dat ik meer compassie en liefde had getoond. Al was het maar heel even. Fysiek gezien had dit alles geen verschil gemaakt, maar gevoelsmatig (en dat is waar het allemaal om draait) zou ik authentieker gehandeld hebben. In zulke kleine subtiele dingen huist spiritualiteit en verbondenheid. De schoonheid van mystieke ervaringen komt je nooit recht in het gezicht gevlogen, ze vraagt om een fijngevoelige kijk op de dingen. En de fijngevoeligheid die mij eigen is, wil ik niet verloochenen. Ik wil (mijn) kwetsbaarheid niet langer de rug toekeren. Voortaan ga ik op mijn knieën en zet ik de tijd stil voor de broze dingen van het leven. Ik wil mijn innerlijk kind niet aan haar lot overlaten en uit zelfbescherming veinzen dat ik een harde tante ben. Ik vergeef mezelf voor de hardheid tegenover mezelf en het vogeltje. Eigenliefde laaft zich sowieso aan een oneindige bron van vergiffenis. Uit respect en dankbaarheid wil ik de inzichten en bijbehorende gevoelens die het vogeltje mij bracht niet weg rationaliseren of vergeten. Want niets dat gevoel opwekt is onbenullig. Ps: En ja, ik overweeg om Loki een kattebelletje om te doen ;)

KarolienDeman
34 0

Het brein en ik

Vanaf het moment dat het tot mij doordrong dat er een wezenlijk verschil bestaat tussen mijn brein en mijn ware ik, begon er veel te veranderen. Het was een cruciaal inzicht dat nodig was om de oneindigheid van mijn mogelijkheden te kunnen vatten. Ik zag in dat mijn ware ik uit een oneindig creatief bewustzijn bestaat, dat vanuit liefde handelt. Mijn brein daarentegen, staat in voor mijn fysiek zelfbehoud en klampt zich daarom graag vast aan gewoonte en routine. Alles wat het brein herkent als veilig of plezierig, wil het zich eigen maken. Uitdagingen buiten de comfortzone zijn voor het brein alles behalve aanlokkelijk. Het neemt niet graag risico’s en blinkt uit in het overdrijven en panikeren. Veel mensen zijn slaaf van hun brein, zonder dat ze het beseffen. Dat komt dan ook omdat ze zichzelf identificeren met hun brein. Ze denken dat zijzelf de impulsen van hun brein zijn en dat ze handelen vanuit keuze. Over het al dan niet hebben van een vrije wil, is doorheen de geschiedenis al veel gezegd geweest. Voor mij het is het alleszins duidelijk dat ik, het bewustzijn of de wilskracht achter het brein, de gewoontes en patronen van mijn brein kan veranderen. Ik kan mijn brein dingen afleren en aanleren. Dit gaat vaak gepaard met weerstand. Soms drama. En vooral het begin is moeilijk. Maar als ik écht iets wil en blijf volharden, dan komt er gegarandeerd resultaat. En dat zet dan deuren open naar nog meer mogelijkheden. Zelfvertrouwen is onontbeerlijk in het proces der zelfontwikkeling. Als ik geen vertrouwen heb in mezelf, in mijn kracht en transformatie, dan saboteer ik mezelf. Enkel een vanzelfsprekend vertrouwen in het tot stand komen van mijn visualisaties, is de brandstof waarop mijn creatieve vermogens draaien. Het zogezegde ‘boetseren’ van het brein en van de identiteit is wat ik als zelfontwikkeling zou omschrijven. Je ontwikkelt jezelf tot de best mogelijke versie van jezelf. Het bewustzijn kan creëren, maar kan evengoed loslaten en enkel observeren. In beide gevallen wordt er ervaring opgedaan. En dat is uiteindelijk het enige dat telt. De aard van de ervaring krijgt geen oordeel toegeschreven. Niets is ‘goed’ of ‘slecht’. Het ‘is’ gewoon. Maar wie in de mogelijkheid is om het bewustzijn aan te spreken, kan zijn realiteit scheppen. Als jij nu deze tekst aan het lezen ben, dan is dat omdat je jezelf eraan herinnert dat dit mogelijk is. Dat jij de creator bent van jouw levensverhaal. Het individu dat je denkt te zijn, heeft geen vaste vorm. Je kan zijn wat of wie je wil zijn. Maar weet dat het scheppingsproces, net als een geboorte, niet altijd even pijnloos verloopt. De beloning is echter groot.

KarolienDeman
28 0

Authenticiteit

Authentiek zijn wil zeggen dat je geheel jezelf bent. Dat je ondanks de invloed van externe elementen trouw blijft aan jezelf. Hiermee heb ik eigenlijk niets concreet gezegd. Want wat houdt jezelf zijn in? En kan die zelf überhaupt afzonderlijk gezien worden van omgevingsfactoren? Zijn wij niet de som van alle ervaringen die we opdoen? Bij deze laatste stelling wordt er vanuit gegaan dat we als een onbeschreven blad geboren worden en dat alle externe elementen ons vormen. Anderzijds ben ik er ook van overtuigd dat we geboren worden met een zekere uniciteit. Met een persoonlijkheid. Als ik bijvoorbeeld kijk naar een nest pasgeboren katjes, dan valt het op dat sommige katjes nieuwsgieriger of banger zijn dan andere. Ze lijken elk reeds over een uniek karakter te beschikken. Ondanks dat alle katjes van dat nest onderhevig zijn aan dezelfde omgevingsfactoren, zijn ze toch allemaal verschillend. Je authentieke zelf is meer dan de som van externe factoren. Alvorens er enige ervaring op je heeft kunnen inwerken, heb je van bij de geboorte al een ‘aanleg’ voor bepaalde eigenschappen. Zo kun je bijvoorbeeld een aanleg hebben voor hoogsensitiviteit. Het verloochenen van die aanleg brengt heel wat moeilijkheden met zich mee. Authenticiteit is een uniek standpunt of perspectief van waaruit het leven ervaren wordt. Om dat specifieke perspectief optimaal te exploreren, is het van belang dat je jezelf kent en aanvaardt. Authenticiteit openbaart zich via de gevoelswereld. Zelfkennis kan niet rusten op louter ratio. Waar je je gevoelsmatig tot toe aangetrokken voelt, dat is waar de authenticiteit ligt. En het kan goed zijn dat je daar rationeel gezien niet mee akkoord gaat. Want misschien ben je wel opgegroeid met het idee dat jouw authentieke verlangens ongehoord zijn. Of misschien lijkt jouw unieke persoonlijkheid niet te rijmen met de wereld waarin je je bevindt. En dan is de kans groot dat je uit zelfbehoud voor een leven kiest dat in essentie niet strookt met je authenticiteit. Wat interne spanning veroorzaakt en je ongelukkig maakt. Om van het leven te kunnen genieten, om zogenaamd gelukkig te zijn, moet je authentiek kunnen zijn. En handelen naar je unieke gevoelswereld vraagt vaak om enige durf. Uit een natuurlijk soort zelfbehoud willen we graag aanvaard en geliefd zijn door zoveel mogelijk mensen. We zitten er dus mee in wat anderen over ons denken. Resoluut voor jezelf kiezen impliceert de kans op afwijzing. Een authentiek leven dat afwijkt van de norm brengt risico’s met zich mee. Jezelf authentiek opstellen wordt daarom gelinkt aan kwetsbaarheid. Maar het alternatief waarbij je jezelf zoveel mogelijk probeert te conformeren met externe verwachtingen is in feite nog veel slopender en pijnlijker dan afgewezen worden door anderen. Wie niet authentiek durft te zijn, stelt zichzelf teleur. En als je dat minder erg vindt dan anderen teleurstellen, dan is er sprake van een gebrek aan eigenliefde. Eigenliefde en authenticiteit gaan hand in hand. Dit is het fundament van een verzadigend leven. Eigenliefde is de brandstof die je nodig hebt om je vruchtbaar door het leven te bewegen. Specifieke keuzes gemaakt vanuit eigenliefde, met andere woorden authentieke keuzes, werken als het ware magnetisch op externe liefde. Daarmee wil ik zeggen dat authenticiteit aantrekkelijk is. Een authentiek iemand is veel aantrekkelijker dan iemand die zichzelf niet durft te zijn en vanuit angst anderen probeert tevreden te stellen. Daarom is het juist zo paradoxaal dat velen authenticiteit denken te kunnen inruilen voor de liefde van anderen. De meest constructieve beweging is die van binnen naar buiten. Van eigenliefde naar naastenliefde. En niet omgekeerd. Dat de kern en oorsprong van liefde in onszelf terug te vinden is, neemt niet weg dat er een fundamenteel verlangen bestaat naar connectie met anderen. Een diepe en oprechte connectie kan alleen bestaan wanneer er ruimte en appreciatie is voor authenticiteit. Schaamte en schuldgevoelens zijn giftig en doet authenticiteit en eigenliefde verschrompelen. Je authentieke zelf volledig ontplooien is een leerproces en gaat zodus met vallen en opstaan. Zo beschouw ik het opflakkeren van bepaalde ziektesymptomen als een teken dat er ergens iets niet strookt met mijn authenticiteit. Door de jaren heen heb ik geleerd dat er soms een verschil bestaat tussen wat ik denk te willen en wat ik gevoelsmatig eigenlijk écht wil maar niet meteen wil aanvaarden of durf te benaderen. ‘Gelukkig’ slagen de moeilijkheden des levens mij telkens weer op het juiste spoor als ik te ver dreig af te dwalen van mijn authentieke pad.

KarolienDeman
13 0

De Aarde doet het niet

De Aarde verdeelt niet in goed en kwaad. Dat doet de mens of was het God? De Aarde ziet niet, schuld of onschuld. Ze juicht niet bij overwinning, noch joelt Ze bij nederlaag. Dat doet de mens. De Aarde haat niet, noch heeft Ze lief. Dat doet de mens. De Aarde weet niet. Dat doet de mens. Zij leeft gewoon, Ze zet zich continu in evenwicht. Ze weet niet dat ze geeft, noch dat Ze neemt. Ze voelt niet dat Ze de gastvrouw is, de Enige, voor het leven in al zijn vormen. Neen, de Aarde neemt geen wraak. Ze zoekt evenwicht. Ze herstelt, steeds opnieuw en weer en nog … één keer? Wat doen de mensen intussen? Ze dromen weer, van groen en van hemelsblauw, van geel en koraalrood, van appelblauwzeegroen en zelfs van alle tinten grijs. Ze dromen weer van dansen en zingen, van samen eten en drinken en ze zouden lachen en iedereen die wil, doet mee. De anderen kijken en zouden zien dat dit ook goed was. Ze dromen weer van ‘gewone’ overstromingen, van ‘gewone’ hete zomers, van ‘gewone’ strenge winters, van ‘gewone’ natte herfsten. En mogen die ‘gewone’ grillige lentes ook terug? Alle seizoenen op hun plaats, op de wereldbol en in tijd. De rivieren meanderen weer. De vissen maken zich klaar, onwetend, waarvoor ze bestaan. De mensen dromen weer van de olifant, de vos, de haas en de giraf, de fazant, de wezel, het everzwijn, de slang en zelfs de vieze dikke spin. Dat die allemaal weer een plaats hadden, hun eigen plaats. Ze dromen, die mensen, dat ze zelf plaats genoeg hebben. Er was toch nog altijd elkaar! De kinderen, ze mogen zíjn, lachen, springen, ontdekken. Ze zien geen verschillen, die kinderen, ze zijn veilig. Ze dromen verder van de bomen en de struiken, de planten, de bloemen. Die mogen weer, zelfs het onkruid krijgt plaats. De groenten doen mee en al die kleuren fruit. Ze blijven maar groeien en geven en geven De mensen dromen nog verder, ze zouden weten wat ze moeten weten, vanzelf, zomaar. Er zou genoeg zijn voor iedereen. Ze delen, ze nemen, ze geven, wat ze nodig hebben, wat overbodig is. En de mensen dromen verder, dat ze weer kunnen leren. Dat ze weer weten, echt weten. Ze durven zelfs te dromen van knuffels, van handgeven, van hand-in-hand-in-hand-kringen en -slingeren, inhaken bij elkaar, van zoenen, van vrijen, van ravotten, van troosten. Ze ontdekken hun eigen kunnen weer en gaan, lopen, fietsen, trammen, treinen. Sommigen zwemmen zelfs. Ayla, het aardkind en Aarde wisten zich toch ook met elkaar te verzoenen. Ze wisten niet, ze kenden niet, ze dachten niet Het was gewoon zo. En de mensen dromen van nederigheid en dankbaarheid. Van verzoening. De mensen ontdekken alleen nog in traagheid verre landen. Al het groen en andere kleuren, de dieren, de zeeën, de lucht, de zon en maan én zijzelf. Ze zouden genoeg zijn. Maar nu, nu dromen ze nog.

Anemos
0 0
Tip

Brief aan de buitenkomers

Als je mij twee maand geleden had gezegd dat er een moment zou komen waarop de mensheid mijn bloeddruk nog harder de hoogte in zou jagen dan reeds het geval was, had ik je verteld dat dat onmogelijk was. Het begon nochtans allemaal zo schoon. Toen de eerste paar longen het begaven in ziekenhuizen waarvan we ons de binnenkant voor de geest konden halen zonder camerabeelden, sijpelde het stilaan door tot in de meeste huiskamers, of er nu glazen wijn, blikken bier of flesjes River-cola op de salontafel stonden. Niemand zou onveranderd blijven door deze dreiging. Hoe contradictorisch ook, dit ding zou ons, door mensen weg te rukken, harder dan ooit verbinden met elkaar. Dus we hingen vlaggen uit voor de zorgverleners, die we hiervoor misschien nooit voldoende naar waarde geschat hadden. En we zetten beertjes voor ons raam om de kinderen, én – geef maar toe – volwassenen, toch even aan iets anders te laten denken. En een tijdje voelde het aan alsof het EK al begonnen was en we met 11 miljoen allemaal voor hetzelfde team supporterden. Ik weet dat ik niet de makkelijkste mens ben om je rond te bewegen. Ik maak me druk om dingen die anderen niet opmerken. Ik erger mij kapot aan mensen die hun gsm niet op stil zetten, waardoor ik elke toetsaanslag, elke Instagramstory en elk binnenkomend bericht mee moet ondergaan. Ik stoor me mateloos aan mensen die de pijlen in de Colruyt niet volgen, maar doen alsof jíj́ hen de weg verspert. En ik wil mijn haar uittrekken elke avond wanneer dat nerveuze ventje op de trein de twee vrije stoelen voor me negeert en naast mij komt zitten – hij wordt misselijk van tegen de richting in te rijden – om dan z'n krant op het tafeltje vlak voor mij – míj́n tafeltje, waar míj́n iPad staat! – te leggen, vervolgens z'n dagelijkse stuk fruit – een overrijpe banaan – begint weg te smakken, tussendoor z'n zenuwtrekjes kucht, in zichzelf praat en mij minstens vijf keer per rit met z'n knie of elleboog aanraakt, ook nadat hij onhandig over mijn benen naar het vuilbakje heeft gereikt om er zo de stank van de bananenschil voor de rest van de reis in mijn neusgaten te parkeren. Misschien is dat de hoogsensitiviteit. Misschien mijn slechte concentratievermogen. Of misschien ben ik gewoon een onverdraagzame eikel. Mijn conclusie is dat andere mensen gewoon onnoemelijk irritant zijn. Het was dan ook een verrassend aangename ervaring om eerst twee weken in quarantaine thuis te zitten en de dagen dat de griepsymptomen verzwakt waren, in alle rust te lezen, Netflixen en ongestoord introvert te kunnen zijn. Toen ik terug buiten mocht, leek ook de buitenwereld een vredigere plek dan dat ik me haar herinnerde. Motorgeluiden hadden plaatsgemaakt voor vogelgezang. Verkeerslichten aan het drukste kruispunt van de buurt veranderden van kleur zonder getuigen. Mensen wandelden en fietsten rond alsof de auto een futuristisch speeltje voor de allerrijksten was, wat, hoewel ik in Heist-op-den-Berg woon, ervoor toch anders was. En dan begon het. Al snel bleek dat elke Belg een hiervoor nooit ontgonnen passie voor wandelen, lopen en fietsen in zich droeg. Ik wil niet weten hoeveel niet-essentiële verplaatsingen er de laatste weken bij mekaar 'gesport' zijn. We moeten allemaal in ons kot blijven en er was nog nooit zoveel volk op de been. Sweet, sweet irony. Maar goed, we moeten mentaal gezond blijven en fysieke inspanning kan dat alleen maar bevorderen. Tot daar ben ik akkoord. Maar sommigen snappen het blijkbaar nog altijd niet. Zo leerde ik in de tijd uit m'n kot dat de 1,5-meter-afstandsregel blijkbaar niet geldt voor fietsers. Het maximum aantal dat in de broodjeszaak tegelijk binnen mag, telt niet voor die flapdrol die elke week z'n twee broodjes op voorhand bestelt. Met een ander koppel op je dakterras barbecueën mag, zolang je onze achterburen bent. Vorig weekend nog, wandelde ik langs een achtertuin waar zes mensen lustig aan het buurtfeesten waren, de glazen cava nog op tafel. Om maar te zwijgen van de vierkoppige groepjes wielrenners. Zelfs als ik rondkijk in m'n straat zie ik hier voordeuren vlotjes opengaan en mensen binnenlaten alsof het 2019 is. Als dat allemaal gezinnen zijn, is polygamie duidelijk een pak meer mainstream dan ik dacht. Ik begrijp het, hoor. Het is niet fijn om je aan opgelegde regeltjes van wereldvreemde grootverdieners in kostuums of experten in V-halstruien te moeten houden. Zeker als we daarvoor moeten inboeten aan onze oh zo vanzelfsprekende vrijheden. Maar het gaat hier nog altijd létterlijk om levens. Kunnen we dus alsjeblief nog even doen alsof er een virus onder de mensen hangt dat al 7.500 slachtoffers eiste en dat opnieuw zal doen als wij te eigenzinnig zijn om onze dagdagelijkse futiliteiten ervoor te laten? Ik snap dat je 't niet voor mij doet. Maar doe het dan voor je ouders. Voor je grootouders. Voor je kinderen in het derde, vierde en vijfde leerjaar die hun vrienden ook de komende weken nog zullen blijven missen. Voor je kleinkinderen. Doe het voor de zorgverleners die al zeven weken hun leven op het spel zetten in de meest traumatische omstandigheden die ze ooit beleefden. Voor de koerier die jou tegenwoordig voorziet van zowat álles, en je de eerste week wc-papier bracht omdat elke winkelbezoeker permanente diarree verwachtte te krijgen. Doe het voor de horeca-uitbaters die kortademig worden als ze naar hun omzet en hun vaste kosten kijken. Doe het gewoon. Dan kunnen we binnenkort allemaal onze familie nog 'ns vastpakken. En dan kan ik mij terug dood ergeren aan dat nerveuze ventje op de trein, omdat er geen grotere, levensbedreigende problemen zijn om mij mee bezig te houden.

Hans Verhaegen
186 6

De man in mijn bed

Als je mij tot je opneemt vind ik mijn weg, stroom ik door je aders, doorheen je hele lichaam reis ik af naar je hoofd. Ik doe het niet met opzet; het is een fysiologisch werkingsmechanisme. Ik heb er geen baat bij als jij mij neemt. Het laat me koud als je mij links laat liggen. Ik ben simpelweg aanwezig en als ik er ben weten wij dat je mij wilt. Als je mij laat, zal ik jou laten. Ik, jouw drug. Jij denkt dat ik je wereld op haar kop zet, maar in realiteit neem ik je wereld over. Ik word je wereld.   Sommigen zeggen dat ik niet goed voor je ben. Anderen vinden mij net zo betoverend zoals jij mij vindt. Er is geen consensus over; je twijfelt. Er zijn momenten waarop je besluit dat het beter is om mij te laten, maar je weet dat als ik terug in je buurt kom, je mij niet zal kunnen weerstaan. Wanneer ik bij je ben leef je. Alles in mijn wereld is leuk. De wereld is steeds leuk voor jou, want zo ervaar je het, maar wij weten dat de wereld gewoon bestaat. De wereld maakt het niet uit of jij haar leuk vindt. De wereld is gewoon. Als ik weg ben word je kleurenblind. Het leven gaat zijn gang, het is geen ramp, maar je mist de bril die ik je op doe zetten.   Ik ben je wereld en het maakt me niet uit of je in me bestaat. De wereld is groot, zij voelt niet. Zij heeft botsingen gevoeld, zij heeft vuur gevoeld, maar tegenover jou voelt zij niet. Zij ziet je niet, enkel je schaduw en mogelijks de voetsporen die je achterlaat. De wereld is een narcist. De wereld wordt graag onderhouden, maar is onverschillig over wie deze taak uitvoert. Als jij het niet meer doet, zal iemand anders het wel doen. De wereld bespeelt niet: je kiest zelf om erin te leven. De wereld teistert je niet, zij is gewoon. Jij wilt erin leven. Jij wilt haar vruchten plukken, in haar zonlicht leven. De storm, de hitte, neem je erbij. Het voelt alsof zij je leven geeft, maar ze heeft je niets gegeven. Zij is.   "Je bent verslavend. Ik ben blij dat je gestuurd hebt," zei de man in mijn bed.   

Probeersels
9 0

Wie weet

Een zoveelste bespiegeling over het coronavirus. Over quarantaine en hoe de mensheid uit alle macht vecht tegen een onzichtbare vijand. Er bestaat geen eerlijke oorlog, maar deze is toch wel héél oneerlijk en wreed. Een straf van de natuur volgens sommigen. Anderen insinueren een chemische oorlog, terwijl nog anderen het een vorm van natuurlijke selectie noemen.Zoveel vragen, zoveel theorieën. Niemand weet het. De wetenschap wroet met de handen in het haar naar een remedie, terwijl we met lede ogen moeten toezien hoe honderden de verstikkingsdood sterven. Wij, beschaafd, geciviliseerd, gedistingeerd, hoffelijk, keurig, distinctief, net, urbaan, voorkomend, welgemanierd, wellevend, welopgevoed en hoog intelligente maatschappij. Middeleeuwse taferelen die doen denken aan de zwarte dood komen ons tegemoet. Wij die onoverwinnelijk waren. Wij die elke dag de files indoken om twaalf uur per dag te zwoegen om te kunnen genieten van enkele uurtjes luxe. Wij die dachten dat luchtvervuiling zich wel zou oplossen op een beschaafde manier. Wij die dachten een gesofisticeerde oplossing te vinden voor het plastic waar we zo gulzig uit eten en drinken. Wij die dachten dat we konden blijven rotzooien met de oceanen, zeeën, wouden, de biotoop van onze geliefde dieren. Wij die dachten dat de wetenschap en onze intelligentie dit wel zouden klaren. Vaak hadden we het zelfs te druk om hier bij stil te staan. Te druk met vroeg opstaan en in een rotvaart de kids aankleden voor school of de opvang, om daarna in allerijl op tijd op het werk aan te komen en na een lange stressdag hetzelfde in omgekeerde volgorde te moeten doen. Kids ophalen, boodschappen doen, eten maken, tv kijken en weer slapen gaan. En dit vijf dagen per week. Vlug tussendoor een vakantie boeken en in het weekend de file weer in richting kust, het pretpark of de dierentuin, omdat we ons verdomme niet meer kunnen amuseren in ons kot. Nu zitten we met de gebakken peren. Nu moeten we in ons kot blijven en ons daar leren amuseren. Back to the basics. Helemaal op onszelf teruggeworpen. Verplicht stilstaan. Verplicht rust vinden, terwijl buiten een virus raast dat ons angstig maakt. De domper op onze spontaniteit om zomaar even naar buiten te lopen voor een boodschapje of een koffie in de stad. Vandaag geen zin om te koken? Dan maar op restaurant. Hoe we het allemaal als vanzelfsprekend vonden. Niks meer van dat alles. Kook maar zelf en draag handschoenen en een zelfgeknutseld mondkapje als je naar buiten moet. Gedaan met shop till you drop. Ineens lijkt een kleerkast vol kleren zo nutteloos. Een Vuiton of een Zeemannetje. Wat maakt het in gods naam nog uit. Het wordt ons in het gezicht gewreven dat gezond zijn echt zo belangrijk is. Bezorgd checken we onszelf. Elk kuchje, elk niesje. Zou het de vijand zijn? Hoe namen we onze gezondheid als vanzelfsprekend. We aten en dronken of er nooit een einde aan onze overvloed zou komen. Nee ik wijs geen vinger. Naar wie wel. Naar mezelf misschien. Omdat ik meegedaan heb, net zoals iedereen. Meegedaan met doorleven zonder misschien dat tikkeltje extra bewustzijn over de echte waarden in het leven. Mag het virus van deze bewustwording rijkelijk woekeren. Wie weet verandert dit onze wereld in één van gezondheid en voorspoed… wie weet…

Heidi Schoefs
54 0

53 bedenkingen tijdens mijn week in quarantaine

Godverdomme. Je moet het die Klootzak wel geven dat Hij gevoel voor humor heeft. Moest ik in Hem geloven, alleszins. Soit, een paar weken nadat ik nog jaloers was op de marktwaarde van de eerste Belg met corona, belandde ik zelf een week in quarantaine met griepsymptomen. Of het corona is, weet ik niet en zal ik waarschijnlijk ook nooit weten. Maar ik weet wel zoveel andere dingen nu. Dit zijn mijn 53 bedenkingen, lessen, vragen … na een week thuisgevangenis. Teleshopping bestaat nog. Ik had mijn laptop gisteren wél moeten meenemen op het werk. Darth Vader is de vader van Luke?! Marc Van Ranst staat echt goed met oranje. Na 4 uur en 32 minuten is de batterij van mijn PlayStation-controller leeg. De stang van onze gordijnen is, ondanks het uitzicht, niet gemaakt voor optrekoefeningen. Er liggen nog 29 ongelezen boeken in huis. De buurvrouw oefent sinds kort elke avond een operavoorstelling in met haar nieuwe vriend. Ik heb een bruin vlekje onderaan mijn rechtervoetzool. Het langste gesprek dat ik met Siri kan voeren duurt 21 minuten. Marc Van Ranst staat ook goed met paars. ‘3 keer 1 per dag, niet 1 keer 3? En wat maakt jou de Grote Paracetamol-Expert?’ Siri vindt 8,5 centimeter wél groot. Dus daarvoor dient dat knopje op de microgolfoven. Pornhub-zoekresultaten stoppen niet na 10 pagina’s. Ook niet na 50. ‘Kortademig? Ja. Maar dat kan ook zijn omdat m’n voorraad koffiebonen vandaag onder de 40 gram is gegaan.’ Na de zesde keer is er een beetje bloed bij. Was dat lichtje naast de webcam ook al aan voor ik op de link in die mail klikte? Die Harry Potter wordt wereldberoemd, geloof mij! Er liggen nog 22 ongelezen boeken in huis. Social distancing voor altijd, maar dan zonder crisis en doden! Groetjes, een introvert. Het kost een spin (met acht poten) 183 minuten om van onze achterdeur naar de voordeur te geraken. Voor elke mail die ik delete, komen er twee nieuwe binnen. Dankzij Pornhub’s ‘Aanbevolen voor jou’ weet ik dat ik blijkbaar onbewust altijd al een stiefzus wou hebben om respectloos murw te neuken. Spinnen wandelen niet sneller als je er een blokje kaas voor houdt. Gilles De Coster is de mol, de bewijzen staan in m’n thesis van 300 pagina’s. Van al m’n toetsen zijn de F en de J het vuilst. Fok Joe naar die gast op HLN die beweert dat ik niet kan spellen. Dat hij zichtbaar is in foto’s, bewijst écht niet dat Alex Callier geen vampier is. Nobody puts Baby in a corner. Was dat het laatste velletje wc-papier? Stiefzussen vinden niks opwindender dan puisterige stiefbroers met nektattoos en missende tanden. ‘Wat ook exponentieel stijgt, Goedele, is mijn mentale gezondheid, voor elk uur dat ik geen nieuws volg.’ Ha kijk, er staat een tekstje in Gmail als je inbox leeg is. Fuck, twee nieuwe mails. Muggen zijn niet vatbaar voor corona. We konden maar hopen. Netflix zelf heeft geen eindcredits. Stop! Met! Jeuken! En toch had ik zombies cooler gevonden. Marc Van Ranst gaat de V-hals terug in de mode krijgen. Gelukkig beseffen die asociale idioten niet dat vochtig toiletpapier 1.000 keer awesomer is. Oké ja, maar denk ook eens aan hoe eenzaam mensen met ‘Free Hugs’-bordjes op dit moment moeten zijn. Als je een stiefzus laat kiezen tussen uitslapen of al pijpend gewurgd worden, kiest ze sowieso het laatste. Een snor?! Dus da’s niet gewoon Lambik zijn mond? Willy Vandersteen tekende antisemitische cartoons tijdens WO II. Hugo Boss maakte uniformen voor de nazi’s. Wikipedia is de shit. Radionieuws, voor iedereen die twijfelt of Johny Voners het laatste half uur nog niet is heropgestaan. Er zijn meer wolken die op Jacky Lafon in een kinderwagen lijken dan je denkt. Temptation Island, maar dan alleen met stiefzussen. Hier met die Emmy Award! Marc Van Ranst is de nieuwe Chuck Norris. Fuck, ik moet nog een week langer in quarantaine blijven. Dat we de komende weken allemaal een beetje meer Chuck Norris mogen zijn. Blijf binnen, blijf positief en blijf lachen, al is het met flauwe humor als de mijne. Hou jullie sterk, lieve lezers.

Hans Verhaegen
113 3