Zoeken

Klein thema

De herhaling van situaties sluit niet veel meer uit, maar misschien wel het volgende: jezelf herkennen in hetzelfde. Mettertijd werd de lucht grijzer en de huizen klommen hoger.In de temperatuur merkte men een complete gelijkenis op met die van de dag ervoor.Alles was bezig zichzelf te zijn. Alleen jij werd afgezet in de tussenzone van waaruit je alles bekijkt. In de tussenzone is het stiller dan daarbuiten; lijkt niets groter dan wanneer er plots op de straathoek een silhouet zichzelf navolgt en een orgie aan woorden fluistert, het is een windvlaag aan sprekers die je afleidt van buiten uit naar binnen in. Tussen gratie en een fractie rolt de letter 'r' je oorschelp binnen en nestelt ze zich in plekken waar je lichaam nog nooit is geweest.  In een andere tussenzone gaat het net hetzelfde.In dat geval geef je er de brui aan, loop je jezelf tegemoet, lijk je op dat wat je doet dat dat jou maakt.  In de tijdzones waar het nieuws zich verspreidt holt men van hoek naar hoek om het proces te versnellen. Maar niets helpt als je tijd en ruimte met elkaar verwart.  Tussen de rook van mijn sigaret en mijn vingers cirkelt er tijd.Tussen de vingers in is er ruimte voor tijd.Tussen de tijd in is er sprake van ruimte. Gehele verwarring ontstaat als de epidemies zo uitbreken binnengewaaid van natuurlijk Oosterse contreien en niet ik was niet daar om niet naar mezelf te wijzen. Niet. Niets is nog authetiek als jij jezelf blijft. Verwar me steeds meer met je ruimte, dan zal ik de tijd wel verplaatsen.   

Dries Verhaegen
12 2

Onder invloed

Mijn zicht is bewerkt door de hand van veel te veel en glijdt traag over omstaanders, weet meer dan mij,  weet niets meer, maar meer dan mij, ik glijd weg.  Jouw lichaam is belachelijk verduisterd ver weg  als de kamer zich openbaar maakt, licht en overdreven beklemmend stap ik in een donker weg-zijn. Ik ben me bewust van aanwezigheid en  niet zo verzekerd van succes zonder jou. Mijn klieren werken tegen elkaar aan gedrukt  maar niet tégen elkaar en luiden de afvallige  luchtwegen om tot mijn sinus waar mijn zicht alles ziet eindigen bij het hoofd,  het uiteinde met ogen zonder uiteindes.Zolang ik er niet aan denk onder invloed zal ik niet sterven. Ik glijd weg maar nooit onder jou. Ik kan niet zonder invloeden nog langer oase zijn. Mijn hoofd leeft en schemert. In de uiteindes voelen de meeste dingen verkrampt aan, behalve de uiteindes: in kleine kamertjes schemert het ook, enkel stiller.Hier is alles stil, dus je luistert. Een frustrerend binnen en buiten zijn, pull and push systemen zonder ophouden.  De systematische aanval op je systeem, wordt pas ingezet  als je daar niet om vraagt. De systematische aanval op jezelf,  dat ben je zelf.  Roep liever mij om jouw hulp.In het binnenste krioelt het van lucht  die er niet uit wil. Alles wil er uit.  Andere dingen dan alles vergeet je.   In kleine woorden rondom je heen  hoor je leven leven.  Ook jij leeft, en daarom sterf je,  geleidelijk aan.  Omdat alles buiten je bezig is te sterven,  blijf je leven. Omdat je blijft leven, zal je sterven. 

Dries Verhaegen
6 1