Zoeken

Poëziewedstrijd Stad Oostende

De inschrijvingen voor de 10de poëziewedstrijd zijn van start gegaan! Creatievelingen met een vlotte pen, een spraakmakende woordenschat en een portie lef kunnen zich van hun beste kant laten zien met een zelfgeschreven gedicht.   Wie graag zijn meest intense gevoelens, diepste gedachten of een tussendoor-verhaaltje wil neerschrijven, kan zich uiten in een zelfgeschreven gedicht. Laat de woorden vloeien, je klavier rammelen of je pen spetteren en neem deel aan de tiende editie van de poëziewedstrijd. Tot 1 oktober 2017 kan iedereen één of twee ongepubliceerde Nederlandstalige gedichten -met een maximale lengte van een A4-pagina- inzenden bij de dienst Cultuur. Krijg met jouw gedicht een plaatsje op onze hall of fame en maak kans op enige roem. Bovendien ontvangt de laureaat 3.000 euro, de tweede prijs bedraagt 1.500 euro en de derde prijs telt 750 euro. De jury bestaat uit Frank Decerf, Hester Knibbe, Koen Stassijns, Lies Van Gasse, Ivo van Strijtem, Geert Van Istendael en Koen Vergeer. De voorzitter van de jury is Ivo van Strijtem. De schepen van Cultuur is ere-voorzitter. Martine Meire, directeur-cultuurbeleidscoördinator, is secretaris van de jury. Blaas deze kenners van hun sokken en verbaas hen met jouw eigen stukje poëzie. De Proclamatie vindt plaats in januari 2018. Het reglement is te verkrijgen bij de dienst Cultuur of je kan het hieronder in pdf downloaden. Gedichten kunnen conform het reglement verzonden worden per e-mail naar poeziewedstrijd@oostende.be of per post naar Poëziewedstrijd, dienst Cultuur Oostende, Stadhuis, Vindictivelaan 1, 8400 Oostende. Meer info bij de dienst Cultuur, T 059 56 20 16, poeziewedstrijd@oostende.be Een organisatie van de dienst Cultuur in samenwerking met Bibliotheek Kris Lambert.

Poëziewedstrijd Stad Oostende
0 0

Woordenlakens

ik ben een beddichter mijn lakens vormen een tent waarin ik woorden plooi zinnen verzinsels hersenspinsels hele verhalen of beelden die me die dag verveelden   de slapende kat terwijl ik als een zombie mijn knusse nest twijgje per twijgje afbrak ze vangt graag vroege vogels maar aan nachtraven raakt ze niet   ik deed alsof het doordeweekse slaaptekort niet meer was dan de vlek die koffie op mijn pasgewassen kussen had gemorst vervelend maar afwasbaar onder de douche net zoals die blauwe wallen eigenlijk best verdoezelbaar   alweer lieg ik mezelf voor dat mijn bed een slaapburcht is beschermd tegen wifi en Netflix waar ik de beste koopjes fiks met Klaas Vaak een prima handelaar vermoeidheid kun je inruilen voor dromen en gele korrels op je traanheuveltoppen   helaas ligt de oude man op sterven hij rochelt het strand in een treurig lied op het behang een klare blik nette pyjama's en een kopje onmorsbare koffie dingen waar ik wel van maar niet over droom   dus plooit mijn eivol hoofd woorden in de lakens zinnen verzinsels hersenspinsels beelden of hele verhalen die zich onmogelijk in nachtrust kunnen vertalen ze ademen warm uit op mijn wakkere huid een pikzwart vederkleed zoals dat bij nachtraven heet om die reden wegen mijn dekens 's ochtends zo zwaar en word ik overdag achtervolgd door een spoor van teleurstelling en zwarte pluimpjes   ik ben nu eenmaal beddichter chronisch koffiemorser hartgrondig huisdierbenijder en voortdurend in de rouw om mijn zandman met wie ik ooit de lakens deelde

Amaryllis
0 0

Julie's blues

  terwijl de wind de granen streelde hebben ze mij gevonden in een koekoeksnest   ze hebben mij meegenomen als een reuzengnoom voor een hottentottenkinderboerderij   gejaagd door hun tijdelijke kerstboombossen mijn veren en mijn kleren behangen   met hun herinneringen vogel- griep misschien ik was kapot ik sliep levend beefde nog   heel even zag ik twee konijnen in een pijp gevangen werd ik wrang genepen in een bocht   ze hadden steden wrede wasem veelvraatstank en smog hing rond de dichtgegroeide oren   af te tellen dagen vroegen om een einde sneltreinwielen om wat plat te rijden   ik denk nog vaak terug aan Gordon the moron die me duwde op die derde donderdag van   september de septische put zat vol met dolle aaltjes weet je dat ik graag zwem in open water   veel later en nog steeds was ik niet losgelaten door die mensen met hun brij my sweet Julie heeft nog lang gehuild   ik zat daar voorbarig mezelf bijna van kant te maken onder een niets vermoedende zon als een zondaar   zonder schuld snippers kanttekeningen betrappen konden ze mij niet zij daar met hun lelijke weelde   levereendjes lelijke ploezes sandwiches bouwkranen sanitaire stank en krankenhuizen het was   die rauwe lust hun rechte wortelen in folie gewikkeld werd een laatste wens de witte pens van een dakloze   lag in het gras wat wel meeviel was dat ik haar ooit gevonden had zij met haar meesterlijke krullen   behaard was de poes met een geitebaard wij zijn het echt dachten we zo vrij als eendjes van plastiek   drijvend in een vijver of een navel- putje ik ging naar de vleesbiecht in haar schoot kon ik dacht ik   mij verbergen lichtjaren eenzaamheid vergeten de jonge merels zaten op een draad vol stroom en de   ontlading stierf in stilte heeft ze die ochtend bij die verse dageraad de cellen koel ontboden   zich niet langer nog te splitsen nam om kwart voor zes   een mes om mij te doden         uit de reeks  'Waanhoop'  

Bernd Vanderbilt
1 0