Zoeken

De droom komt terug

Die nacht had ze al weer gedroomd. Bij elke stap kleeft haar lange rok aan haar enkels, nat van de ochtenddauw. Ze kijkt op naar het prachtige dier, zijn donkere huid, de warme en glanzende neusgaten.  Zachtjes aait ze zijn neus bovenop de witte bles. Het lijkt of de donkere ogen diep in haar ziel kijken. In het zadel zit Jakub, zijn sterke arm strekt hij uit om haar op te tillen. Wanneer ze haar ogen sluit voelt ze zich even gewichtloos in de ruimte tot ze voor bij hem in het zadel zit. Hij houd haar in een stevige greep, ze kan amper bewegen, vallen is onmogelijk. Ze voelt zich veilig. “Gaan we?”, fluistert hij in haar oor. “Ja” fluistert ze terug. Hij brengt het paard in galop en ze gaan vooruit, verder en verder weg van het bloed, de gewonden, de doden, de oorlog. Aan de horizon de robuuste bergen met een deken van groene zuivere bossen. Diep snuift ze geuren in die haar zo beroeren, het paard, haar vriend, de aarde.  Wanneer ze wakker wordt is ze nog even ademloos van de schoonheid en bevrijding die ze ervaart. Totdat ze tot het besef komt dat ze het gedroomd heeft. Een droom van een diepe wens.  Ze tast naar haar kleren in het donker. Haar moeder slaapt nog. Eenmaal buiten  helpt een klein sikkeltje maan haar om haar weg te vinden. De maand augustus zeer warm, maar zo vroeg in de ochtend is de lucht nog koel van de nacht. Behendig omzeilt ze de wachtposten, nu is er  minder waakzaamheid. Ze gaat voorbij aan de wasplaats aan de rivier waar ze zo vaak komen. Daar verderop, aan de bosrand, hoort ze doffe slagen van hoeven, zacht gehinnik. Daar is het, ook de geur van de paarden wordt steeds sterker. Ze  staan in groepjes bij de bomen. Ze weet precies wat ze zoekt. Haar tengere lichaam beweegt zich licht en onopvallend, hooguit klinkt er af en toe wat onrustig paardengesnuif. De bekende witte bles licht op in het dunne licht van de maan, daar staat hij! Op dezelfde plek zoals elke keer. Uit een klein zakje  haalt ze enkele korrels haver en legt deze op haar geopende hand. Het paard vindt zijn weg naar dit voer en pakt de korrels behendig op met de lippen. Ze streelt hem over de neus, de bles en buigt zich naar voren om haar hoofd in zijn warme hals te verbergen. Even staan ze roerloos, het is alsof hij haar begrijpt, een soort volkomenheid. Vlak naast de boom is een plekje met mos en droge bladeren, ze krult zich op om daar in te liggen… ze heeft nog heel even, dan moet ze snel terug voor haar moeder merkt dat ze weg is. Maar ze valt in slaap. Met een kreet schrikt ze wakker! Ze voelt twee ijzersterke armen die haar tegen de grond drukken, haar paard hinnikt ook van de schrik. “Rustig, rustig” hoort ze een stem zeggen. De stem die haar vast heeft. Het paard kalmeert, maar zij niet. Hij tilt haar op en kijkt haar verbaasd aan. Een jong meisje?! “Wat doe je hier” zegt hij boos. Ze heeft haar stem verloren en kijkt hem aan met grote ogen van de schrik. Ze kijkt in het gezicht van eén van de huzaren, geen gewone soldaat, want hij draagt een roodbruin jasje met emblemen, aan zijn zijde een pistool, koud en hard. Voorzichtig kijkt ze hem aan. Een donkere jongen met dezelfde zachte bruine ogen als zijn paard.  “Wat doe jij bij mijn paard? Je mag hier niet zijn!”  Ze kan geen woord uitbrengen van de schrik. Het enige wat haar lukt is te wijzen naar het dorp waar ze vandaan komt. “Woon je daar?” Ze hoort haar stem met een rare pieptoon ja zeggen. “Je moet weg, te gevaarlijk hier. Ik dacht verdomme dat je een spion was!” Ze knikt en zonder de droge bladeren van haar af te schudden trekt ze zich schuw terug, om via een omweg terug naar huis te geraken. Dat was hun eerste ontmoeting. Verbaasd kijkt Jakub haar na. Hij is zelf ook geschrokken, wat als hij haar iets had aangedaan? God zou me dat zeker niet hebben vergeven. Hoe kon dit meisje toch zo dicht bij de paarden geraken? Het hele dorp en daarbuiten ligt vol met soldaten en aan alle kanten staan er opzichters. Een geluk voor haar dat hij het was die haar vond. Hij kent genoeg soldaten die haar pijn zouden hebben gedaan of erger nog.. Hij zal morgen eens uitkijken naar de moeder om haar daarvoor te waarschuwen, die zou echt beter moeten waken over haar kind.  Hij zadelde zijn paard en nam het mee naar het veld verderop om te oefenen. De zon kwam inmiddels al op boven de horizon, man en paard maakten een lange schaduw. Magdalena volgde haar moeder naar de wasplaats samen met enkele andere vrouwen. Zij droeg het wasbord en het kostbare stuk zeep, haar moeder het wasgoed samengebonden in een groot laken. Eenmaal bij de rivier zocht ieder zijn eigen plekje om de was uit te pakken en onder handen te nemen. Enkele soldaten waren mee om toezicht te houden. Op deze plek, aan de zuidzijde van het kamp was het momenteel het veiligst. Verderop en ook aan de overkant van de rivier waren huzaren aan het trainen met hun paarden. Vooruit, stilstaan, keren, linksom en rechtsom. Ook met het zwaard werd er geoefend, vooruit stilstaan, zwaaien met het zwaard, keren , linksom en weer terug. Magdalena’s moeder probeerde haar dochter tot werken aan te sporen, maar zoals altijd werd haar aandacht afgeleid door de manoeuvres van de paarden met hun berijders. Gefascineerd keek Magdalena toe, in haar fantasie bereed zij zelf haar eigen paard, en deed ze alle oefeningen mee. Sommigen van de huzaren passeerden vlak bij de plaats waar zij aan het wassen waren. Magdalena schrok, was dat niet de jongen die haar deze morgen had betrapt? Van schrik keerde ze haar hoofd weg, maar het was al te laat, hij had haar al  gezien. Hij keek nog een tijdje hun kant op en daarna verdween hij weer tussen de andere paarden.  Magdalena’s moeder schrok ook. Voor elke prijs wilde ze haar dochter zo veel moglijk behoeden voor contact met de soldaten en officieren. En deze jongen had wel heel hard naar hen gestaard. Ze nam zich voor om eens uit te zoeken wie hij was.  Jakub had goed gekeken naar de vrouwen. Lotta zag hij onmiddelijk. Een stukje verderop zag hij een glimp van het meisje, die plots de andere kant op keek. Naast haar, dat zou haar moeder kunnen zijn. Een knappe blonde vrouw die met krachtige bewegingen lakens aan het uitwringen was. Bedachtzaam, met een rimpel op haar voorhoofd, keek zij terug. Haastig wendde hij zijn paard en volgde zijn groep.  Wie is die jongeman? vroeg ze Lotta. Die wist onmiddellijk wie ze bedoelde. “Ja, een mooie jongen, he, amper 20 jaar. Hij is anders dan de anderen, ik heb gehoord dat hij de jongste zoon van de dominee van Bikfalva is. Vandaar dat hij altijd zo beleefd is. Maar zijn hoofd vind ik niet in orde, hij heeft het altijd maar over strijden en winnen, wil niets weten van verliezen, ook al ....” ze maakte haar zin niet af. “Daarin gelijkt hij weer wel op veel anderen. Verder is hij heel betrouwbaar want ik krijg altijd mijn geld.” Majka luisterde aandachtig naar Lotta. Ze was al wat meer gerustgesteld, haar dochter was misschien toch nog veilig. Dan heeft ze het zich misschien allemaal verbeeld, en keek de jonge man alleen naar haar buurvrouw. “Maar jij had toch geen plannen met mannen?” vroeg Lotta een beetje achterdochtig. “Nee, nee, helemaal niet, ik ben vooral bezorgd om Magdi”. “Kleine meisjes worden ook groot”, zei Lotta. Ze legden de was te drogen op het veld en zouden deze aan het eind van de middag afhalen. Nu terug naar huis, om te koken voor ik weet niet hoeveel man.  Die nacht lag Magdalena onrustig te slapen. Weer was ze wakker bij het ochtendgloren, maar daarheen, dat durfde ze niet meer nu die ellendige jongeman haar daar had betrapt. Bovendien had hij haar ook bij de wasplaats herkend, daar was ze zeker van. Laat ik een paar dagen er mee wachten, en dan zal het wel weer kunnen, besloot ze voor zichzelf.  De dagen daarop was het hele kamp volledig in beslag genomen door een grote veldslag die had plaatsgevonden. De deenheid wilde een linie doorbreken, hadden stand gehouden, maar niet kunnen doorbreken. Ze hebben wel veel verliezen kunnen aanbrengen bij de vijand. Maar zij zelf ook. Het water bij de wasplaats kleurde rood van het vele gewassen bloed. De mannen op scherp, de gewonden en doden in de handen van de vrouwen. Magdalena en haar moeder konden zich alleen inbeelden hoeveel mannen er nu in de geïmproviseerde ziekenboeg  in de kerk bij waren gekomen. Zij haalden daar alleen de was af, en hoefden zich niet te bekommeren om de zieken en doden. Wanneer ze in de buurt kwamen hoorden ze het hevige gejammer van die arme gewonde mannen. Dokters zijn er en verplegers waren daar, maar er was maar weinig wat ze voor hen konden doen. Er was altijd plaats voor nieuwe gewonden, want alleen de sterksten overleefden het ziekbed.   De oorlog was nu al bijna een jaar volop aan de gang. Ze raakten er aan gewoon, het ging al maanden zo. Eerst de onrustwekkende berichten, dan werden alle jongere en ook oudere mannen opgetrommeld, vertrokken naar de verschillende legers die nu overal in het land waren. Dan was het stadje maandenlang bijna leeg, maar nu, sinds een week, het hele dorp verpletterd door de aanwezigheid van soldaten en legeraanvoerders. Maar of ze nu wonnen of verloren, er waren altijd die vele doden en gewonden.. en altijd maar zorgen maken over de voorraden voedsel die nu heel snel opraakten. Toch gingen Magdalena’s gedachten voortdurend uit naar haar paard. Ze hield het wachten niet meer vol. Had hij deze strijd overleefd? Ze moest en zou naar hem toe. Deze keer zou ze vlak na het slapen gaan, er was voldoende maanlicht. Haar donkerblonde haren droeg ze los, zodat ze niet zomaar weer voor een jonge spion zou worden aangezien. Eenmaal bij de paarden, was ze even in twijfel. Iets verder dan waar ze hem verwachtte te zijn, was hij daar. Haar hart gloeide van geluk, hij leeft nog! Ze hield nog wat afstand, want ze zag dezelfde jonge man van eerder naast het paard. Natuurlijk, het was zijn paard. Maar hij huilde, bijna geluidloos. Ze had nog nooit een man zien huilen. Dit had ze niet verwacht. Maar nu ze eenmaal hier was na al die moeite, wilde ze ook niet meer weggaan. Ging hij maar weg. Het huilen stopte, hij draaide zich om alsof hij voelde dat ze daar stond. ”Rozalia?!” riep hij vol verbazing uit. We stonden aan de rivier de Somes aan de rand van het stadje Jibou. Achter ons in de verte de trotse toren van de oude gereformeerde kerk. Voor ons keken we uit op oneindig grote velden met gele golven van overrijpe zonnebloemen, graan en mais, tot aan de bosrand. Het was 20 augustus. Was dit de plek vandaag 175 jaar geleden? We konden het haast niet geloven, alles zag er zo prachtig uit, zo sprookjesachtig mooi.  We hadden een verre reis gemaakt. Wat een contrast met thuis! In Brussel opgestapt op het vliegtuig en geland in Cluj napoca/Kolozsvar. Voor het eerst van mijn leven zette ik voet in Roemenië, het land van mijn grootmoeder. Een taxi bracht ons naar ons hotel. Het was 3:00 in de nacht, ons vliegtuig had enorme vertraging opgelopen. Er was juist een groot festival aan het eindigen, vertelde onze chauffeur trots, dus er was veel verkeer. We hoefden niemand te wekken in het hotel, we konden met een automatische deurcode naar binnen. De volgende dag na het ontbijt spraken we af met mijn nicht Ilana en haar man B.. Zij hadden een auto, vanaf hier was het maar een kleine twee uur rijden tot aan Jibou/Zsibo in noordwestelijke richting. Ilana had zich goed voorbereid. “Het kleine stadje van toen bijna 1000 inwoners was bezet door bijna 9000 Hongaarse militairen die door het land trokken. De officieren waren ondergebracht in het Wesselényi kasteel, aan de rand van het dorp. Duizenden anderen per 2 of 3 man of meer gepropt in de kleine huisjes en schuren van de gezinnen. De rest in tenten en wagens denk ik. Elk gezin van het dorp droeg bij aan het leveren van een of meerdere slaapplaatsen en voeding tot het leger weer verder trok.”  Het was moeilijk om mij daar iets bij voor te stellen in dit idyllische landschap.  Van grote veldslagen weet ik van mijn bezoeken aan de But de Lion die de slag bij Waterloo herdenkt. Ook daar is het heel moeilijk je voor te stellen dat daar ooit nog een veelvoud aan manschappen moet hebben gevochten, 10-duizenden zelfs. Nu zie je weinig anders dan heuvelachtige landbouwgronden of de moderne stadsrand van Waterloo en omliggende gemeentes.   “Deze Hongaarse legereenheid was rond 13 augustus hier in dit stadje neergestreken en, na nog een laatste grote veldslag waar ze notabene nog wonnen, hebben ze amper twee weken later de wapens moeten neerleggen, op bevel van de Hongaarse  legerleiding. De tegenstand was veel te groot wanneer het Oostenrijkse leger hulptroepen had gehaald bij de buurlanden.” “Dit bevel werd aangekondigd op 24 augustus, in het kasteel van Wesselényi dat je hier aan onze rechterkant ziet. Een groep van officieren waren woedend vanwege de overgave en wilden doorvechten. Maar tevergeefs, de volgende dag werden de wapens neergelegd. De Oostenrijkers hebben de overgave gekregen, maar nog was dat niet genoeg. Ze vreesden dat er opnieuw opstanden zouden kunnen uitbreken wanneer ze niet heel hard zouden ingrijpen, en dat hebben ze ook gedaan. Tal van generaals en hoge officieren kregen onmiddellijk de doodstraf door ophanging en velen zijn gevangen gezet voor jaren, gevolgd alsnog door ophanging. Het trauma duurt nog voort, ook na 175 jaar. Daar zijn de Fransen en Nederlanders veel beter vanaf gekomen in die periode.” “En hoe is onze voorouder Bong Ferenc om het leven gekomen?” Dit keer gaf B. het antwoord. “Hij heeft zichzelf voor de kop geschoten uit protest tegen de overgave van het Hongaarse leger. Hij en een grote groep mede-officieren, hier in Zsibo.” Ik ken het verhaal eigenlijk, maar ik blijf onder de indruk. Wat een daad van protest, het ultieme verzet tegen de vijand.  “Zouden ze hier begraven zijn?” vroeg ik. “Wel, we kunnen eens gaan zoeken, maar de chaos in die tijd moet zo groot geweest zijn dat er amper tijd was om de doden degelijk te begraven, net zoals in Waterloo.” Ja dat weet ik ook. Er zijn toen verbazingwekkend weinig overblijfselen gevonden van al die overleden soldaten en officieren. Toch hoop ik dat we daar iets vinden, al is het maar een klein spoor. Woedend was hij, teleurgesteld, gefrustreerd. Waarom moesten ze vechten tegen juist deze mannen, die hoorden hier niet eens thuis in zijn land. Ze stonden tegenover Serven, Kroaten, ja zelfs Russen. Zijn de Oostenrijkers zelf te laf om hun eigen mannen te sturen? Ja, ze hadden hen deze keer verslagen, voor een hoge prijs, maar het werd moeilijker en moeilijker om hun posities te kunnen behouden. Zijn paard Barat had het goed gedaan, en hij ook. Maar hoe lang kunnen ze dit nog volhouden? Het kan toch niet waar zijn dat dit allemaal voor niks zou zijn geweest? Hij leunde met zijn gezicht tegen de warme hals van zijn betrouwbare vriend. Een ongelooflijk gevoel van vermoeidheid en heimwee naar thuis overspoelde hem plotseling, hij kon zich niet meer inhouden en liet zijn tranen de vrije loop. Plots voelde hij dat iemand naar hem keek. Hij draaide zich om en dacht plots zijn zus Rozalia op 12-jarige leeftijd te zien. "Rozalia!" Even voelde hij voelde zich weer als de 5-jarige die in haar armen wilde rennen op zoek naar troost en bescherming. In een tweede oogopslag zag hij dat ze het niet was. “Ik heet niet Rozalia, ik ben Magdi”, fluisterde haar stem. Hij herkende het meisje dat hij eerder had betrapt en ook bij de rivier had gezien. De twee jonge mensen, stonden tegen over elkaar, elk met verschillende verwachtingen.  “Ik zag je bij de wasplaats”  fluisterde hij terug. “Waarom heb je niet naar mij geluisterd?” “Ik wilde weten of alles ok was met Ga..” ze kon zich nog net inhouden, ze had bijna de naam die ze had gegeven aan het paard verklapt.” Hoe heet jouw paard?” “Barat, hij is mijn beste vriend, hij heeft de strijd weer overleefd, zonder een schrammetje” zijn lachje klonk niet heel natuurlijk. “Waarom laat hij jou bij zich? Er is niemand anders die hij toe zou laten.” “Weet ik niet” ze haalde haar schouders op. Ze kwam dichterbij en streelde het paard. “Zie, hij aanvaard mij. Maar ik voel ook dat hij nog van streek is.” “Ik breng je terug” besloot hij “ik volg je op 20 passen achter je, tot je veiliger bent.” Magdalena nam afscheid, de vergoten tranen aan de hals van het paard gingen in haar over. Zwijgend en met een zwaar hart ging ze op pad. Ze zou hen niet meer terugzien. Jakub zag het meisje verdwijnen in de verte en hoopte dat ze nu veilig bij haar moeder zou zijn. Hij keerde terug naar zijn paard om de laatste nacht met hem door te brengen. In zijn droom bereed hij zijn paard en nam Magdalena met zich mee. Ver weg van hier. Naar de vrijheid, zijn toekomst in een vrij land.    

Marie Jos
29 1

Ontwaken is bijsturen omdat het niet anders kan

In de file, jaren geleden, staarde ik nukkig over m’n stuur  naar de uren die vergleden, knikte gelaten naar m’n buur die zich al even opgesloten voelde, tot staan gebracht een laadwagen met zijn vracht kroop me traag voorbij Eerst zag ik alleen maar blauw bleek dat het kratten waren  tot aan de nok toe volgestouwd met….leven… met LEVEN!  met bruine en witte veren met zorgelijke kraaloogjes  die toch immer nieuwsgierig en door levenszin gedreven  de onbeweeglijke rij van wielen, staal en ergernis bekeken onwetend dat deze file hen een uurtje extra LEVEN had gegeven Achter mijn autoraam deden zon en onrecht me koken  onmacht spatte in tranen uit elkaar op mijn stuur overstuur ook ik was gevangen in een wereld waar dit normaal werd geacht dieren gemarteld geslagen verkracht gevild vermoord  ongehoord en niemand die erover sprak  Op school waar we ‘s morgens in de les de natuurpracht loven,  waar we trouw aan liefde, god en respect beloven  worden ‘s middags massaal barbaars geslachte kippenbotjes afgekloven Wat moet ik dan geloven Kijk eens echt naar eender welk dier en zie  wat wij nog allemaal kunnen leren dankbaarheid in hun mooie ogen, voor het leven hoe zij zonder nadenken zonder rekenen alleen maar geven hoe vacht en pluimen zomaar zacht en prachtig zijn zonder ernaar te streven Dat wilde ik aan die duizenden kipjes in hun blauwe kratten vertellen wanhopig trachtte ik onze gezamenlijke onmacht te breken maar die poging zou naast hun leed en angst in het niets verbleken Die middag achter mijn stuur besloot ik om te spreken de stilte te verbreken voor die kippen voor alle dieren voor elk levend wezen  zodat het er gewoon mag zijn  zonder dat er economisch nut moet zijn bewezen Laat hen leven laat een hen leven laat de hennen leven laat hen allen leven    

Woordenwalvis
36 3

Bij Olaf.

De loop van het geweer raakte mijn slaap. Ik riep niet, niemand. En toch liepen er mensen in de Carnotstraat. In het hotel moest jij zo nodig schieten. De heroïne hielp daarbij. Veel later pas gaf ik het een naam. De kracht in het woord verkrachting had ik niet, de kracht om je aan te geven, om het een ander toe te vertrouwen. Geen mens was op de hoogte, mijn slaap leed eronder. Ik moet een jaar of elf zijn geweest. Op jouw studiekamer bekeek je mijn rapport, onderaan een prachtige handtekening. Je hand slank, de pen erin niet vet. Toen ik het bureau verliet, keek je onder mijn uniformrokje.  Open kon ook, zo open was ik nooit geweest. Mijn vulva, aars, mond vol genot. Jouw zware wenkbrauwen wogen plots niet meer door, ik kon er het voetpad niet meer mee keren. Liefde verblindt! Ik kon de stroom in mijn lichaam niet volgen, amper geloven dat ik het was die de liefde voelde. Haar amputeren leek een oplossing. Ik verliet je. Je was single. In de brieven die ik schreef las je mijn twijfels. Je hield van de stijl van mijn teksten. Jij, een dichter. Ik, een hond. De shirt die je droeg? Om aan te snuffelen! Het lichaam waar jij in sliep zag ik als een bed met een plek voor mijn lichaam. Het vibreerde. Ik gaf je weg aan een andere vrouw. Zij kon het lieve dier 'erotiek' zonder angst benaderen, strelen en liefkozen tot zijn lid, zijn pels neerzeeg, voldaan en met een gloed op het gelaat. Een broer die ouder is? Ik kon mij beschermd voelen. Ik mocht dekking zoeken in zijn woorden, daden, armen. Om zijn kunsten uit te voeren hing ik als een vleermuis aan de hoogste buis. De schommel maar ook de mat bleken ideaal om het optreden voor te bereiden. Ik werd zijn voltijds assistente, werd maar al te graag uitgedaagd. Op een avond, misschien was het middernacht, werd er op mijn deur geklopt. Help mij, help mij! In zijn groot bed lag durf en lef om mij ook daar eens uit mijn tent (slipje, ik was mager) te lokken. Wanneer mijn hand op zijn lid lag voelde ik een wortel. Ik kon konijn worden of het niet doen. Heb je er zin in? Hij vroeg het met ogen die van me hielden. Verlangen bracht ons in beweging, in een gemoedstoestand die ons liet glanzen als nieuwe glazen. Ik was verliefd dus in contact met de liefde die ik zelf ben. Waar angst is kan geen liefde zijn, dat las ik ergens. Ik was bang en hij verliet mij. Tijdens een telefoongesprek vernoemde je tantraseks. Ik vond dat straf, kende je van haar noch lid. In een gedicht opnieuw jouw lid dat je beschreef. Alles in het licht van jouw lid. Nog even en ik kon lidgeld betalen. Als ballonvaarders konden we eindelijk vrijen, in een kleine + grote ruimte terwijl we ons hoogtepunt benaderden.      

Ingrid Strobbe
57 0

De bretellen man. De jaren 60 tig. a

"BEKEN!" brulde de man me toe."Wat bedoelt u?" vroeg ik bedeesd."Je drugsgebruik," verduidelijkte hij. De man leek te zijn weggelopen uit een Franse politieroman: een dikke pens, bretellen en het zweet op zijn voorhoofd. De gezondheidsbrigade?De man merkte mijn flauwe glimlach op en reageerde alsof hij persoonlijk werd beledigd. "Verf, lang zul je niet meer lachen," siste hij vol opgekropte woede. "Breng haar binnen!"Een vriendin werd binnengesleept; we hadden jaren daarvoor een kortstondige maar hartstochtelijke relatie gehad. Ze zag er verschrikkelijk uit. Ondertussen las 'de Bretel' een verklaring voor: "U hebt samen met deze persoon op die dag, op dat uur en in die omstandigheden drugs gebruikt."Ik had nooit met haar drugs gebruikt. Zij was de dochter van een kleinburger, en die kringen hielden mij altijd ver van hun experimenten. Bovendien zat ik op dat bewuste moment als dienstplichtige in het leger."Wat zegt u nu? Je weet toch dat het niet waar is?" stamelde ik. In mijn onvaste stem en haar betraande ogen lag nog een glimp van onze puberliefde."Ik heb het niet gewild," sprak ze me toe. De lichte zweem van hysterie in haar stem verraadde haar uitputting. Met haar laatste restje kracht zei ze: "Ik trek mijn verklaring in."De man met de bretellen leek niet eens verbaasd. Even later stond ik weer op de keien in de middagzon. Alle vermeende medeplichtigen werden vrijgelaten. Ze hadden mijn vriendin zo onder druk gezet dat ze elke naam die ze kende had opgegeven: in totaal werden dertig mensen beschuldigd van iets wat ze nooit hadden gedaan.Dertig jaar later kreeg ik een kaartje van haar met slechts één woord: sorry. Ze had drie decennia lang met een enorm schuldgevoel geleefd. Jaren later hoorde ik dat ze was overleden. De laatste tien jaar van haar leven was ze ziek geweest. Anorexia. Ze had de schuldgevoelens op zichzelf geprojecteerd. De gruwelijke War on Drugs. de war on drugs / oorlog tegen medicijnen.                                                 “Waanzin is steeds opnieuw hetzelfde doen, en dan verschillende uitkomsten verwachten” Albert Einstein (1879-1955) ooit zal iemand zich daar ooit voor moeten excuseren.       FOTO GALLERY verf ed https://www.2dehands.be/q/verf+ed+/ Rond 1995 heb ik dat werk gemaakt. Ik noem het "altaar der culturen."Links ziet men een tv, onze gemeenschappelijke identiteit valt van het - silicium - glas - zand.De gemeenschappelijke informatiebronnen zijn verdwenen.De wijzen van vroeger opgevolgd door radio en uiteindelijk als laatste de tv die een ongeveer gemeenschappelijke boodschap uitdragen is niet meer.De informatie is versplinterd.Rechts ziet men een gietijzeren kandelaar daar in een mensenhoofd in papier. Stukken teksten. Krantenpapier "De encyclopedische mens".Gietijzer = nationalistenKandelaar = religieIn het midden staat de hedendaagse mens. Opgesloten. "de encyclopedische mens".Dit deel is gemaakt van een reclame voor lippenstift.Regeneratie KosmetikIn de dubbele wand gaan luchtbellen in het water de hoogte in.In die dubbel - transparantie - plexiglas zit diezelfde "encyclopedische mens".Het geheel staat op dunne platen, glas = chips = zand = silicium.Het geheel steunt op een gietijzeren pilaar = industriële cultuur.De gietijzeren plaat staat op de grond = landbouwcultuur.HET ALTAAR DER CULTUREN. Ik woonde toen in de Aalmoezenierstraat in Antwerpen. De jaren 90 tig. http://www.anamorfose.be/verf/misc-images/verf-t-i-r-e

verf ed: Contemporary interdisciplinair ArtTIST, nen tjolder, nen prutser. BIO.
19 0

1302. Immigranten van tijdens de Hollandse periode en omvolking. a

1302: Immigranten uit de Hollandse periode en de ironie van ‘omvolking’Namen als De Wever, Van Grieken en Dewinter: het zijn van oorsprong geen Vlaamse namen, maar afgeleiden van Hollandse immigranten die zich in België vestigden. Mijn eigen familienaam werd daarentegen al in de middeleeuwen opgetekend. Ik ben een trotse Vlaming, maar de heren en dames die zich vandaag de dag in de Vlaamse vlag hullen, vertegenwoordigen mij niet.Ik maak vaak de bedenking dat de voorvaderen van de bovengenoemde heren in 1302 waarschijnlijk Hollandse slavenschepen aan het optuigen waren, terwijl mijn Vlaamse voorouders – zij aan zij met Walen – vochten tegen het Franse ridderleger. Die strijd in 1302 had overigens een enorme geopolitieke impact: doordat de Franse elite in Kortrijk werd vermalen, kon de Franse koning zijn belofte aan zijn Schotse bondgenoot niet nakomen. Hierdoor kreeg Engeland vrij spel en werd Schotland uiteindelijk opgeslokt in het Verenigd Koninkrijk.Het is ironisch: deze nazaten van Hollandse migranten claimen nu de Vlaamse identiteit. Ze spreken over ‘omvolking’, maar in feite zijn zij het die Vlaanderen op een Hollandse leest willen schoeien. Na de Val van Antwerpen in 1585 leden we een bittere nederlaag tegen het katholieke Spanje; nu lijken de protestanten terug, vermomd als Vlaams-nationalisten. Een wolf in schapenvacht.Ik ken ze, die Vlaams-nationalisten. Ik zat vroeger met hen in de jeugdclub in Izegem, de plek waar ze gekweekt worden. Tijdens mijn puberteit werd ik zelf even beïnvloed door hun retoriek. Denk aan het verhaal van de gebroeders Van Raemdonck: twee Vlamingen en een Waal die samen stierven in een laatste omhelzing — in zekere zin een Belgisch 'LGBTQI+ avant la lettre'. Of de verhalen over de taalgrens op het slagveld van de Eerste Wereldoorlog, waar Vlamingen de dood vonden omdat ze de Franstalige bevelen niet begrepen.Als puber vond ik die dramatiek aangrijpend. Maar die fase duurde niet lang. De komst van de Beatles, de Rolling Stones en de bevrijdende geest van de jaren zestig maakten een einde aan dat enge nationalisme.  … PEACE en LOVE …..  Eén van mijn toenmalige vrienden, de zoon van een collaborateur, werd naar de katholieke universiteit gestuurd. Ik, als zoon van een arbeider, had geen keuze: ik moest de fabriek in om te produceren voor het nieuwe ‘herenras’. Dat was niet zo vreemd, want tijdens Operatie Gutt schonken veel collaborateurs hun fortuin aan de Kerk, hoogstwaarschijnlijk in ruil voor de belofte hun kinderen hoogstaand onderwijs te bieden.Er moet blijkbaar nog een horde genomen worden: België moet worden vernietigd.Mijn toenmalige goede vriend bleef tot ver na zijn dertigste aan de universiteit studeren — de eeuwige student, gefinancierd met ons belastinggeld. Terwijl ik vanaf mijn veertiende in soms vuile fabrieken werkte en dus belastingen betaalde, financierde ik indirect de studie van die 'goede vriend'. Toen hij eenmaal hooggeschoold aan het werk ging, sluisde hij zijn inkomsten door naar buitenlandse rekeningen onder het motto: "Geen geld voor het corrupte België."Door zijn toedoen moesten ik en vele anderen juist méér belastingen betalen, terwijl we er minder voor terugkrijgen. Denk maar aan het laagste pensioen van West-Europa voor de hardwerkende Belg. Het kan hem niets schelen; hij heeft zijn schaapjes immers op het droge.Zijn broer bakt het nog bruiner. Als ambtenaar binnen de federale administratie werkt hij in een kantoor dat met ons belastinggeld wordt betaald. Hij besteedt daar echter slechts 10% van zijn tijd aan de federale overheid; de overige 90% werkt hij voor zichzelf, in een firma die hij zelf oprichtte. Het verbaast mij enorm: zijn er daar dan geen controles? Of zijn er medeplichtigen? "Anders gaat mijn belastinggeld toch maar naar de geldverspillende Walen," is zijn verdediging. Maar eigenlijk bedoelt hij het seculiere deel van België.Anders gezegd: de zogenaamde strijd tussen Vlamingen en Walen blijkt in werkelijkheid een strijd tussen het Vaticaan en de Franse Revolutie — tussen het katholieke en het seculiere. Dat is de kern van de zogenaamde Vlaamse strijd: Vlamingen 'omvolken' tot Hollanders. Helaas voor hen staat het protestantse Nederland helemaal niet te wachten op het katholieke Vlaanderen; ze lachen erom. Vlaams-nationalisten zijn in hun ogen waarschijnlijk gewoon een goede grap.Ondertussen zijn de hardwerkende Vlamingen nodig om de buitenlandse rekeningen te spijzen. Toen Louis Tobback destijds de politie afstuurde op iedereen die een joint gebruikte, werden er zonder enige moeite miljarden als 'Vlaams-nationalistische oorlogskas' naar het buitenland versluisd. Eerst naar Luxemburg, daarna naar het eiland Man (er staat een verhelderende film over dit soort praktijken op Netflix: The Spider's Web). Tegenwoordig zitten ze in Zuid-Afrika te feesten en lachen ze al die Vlamingen uit die wel correct hun belastingen betalen. Foto VERF ED 1995 Mechels plein antwerpen Video https://youtu.be/EmCOjISsvsg?si=U9HXfgstwGuXb8EJ erotic, bad boy at night antwerpen, youtube VERF ED FOTO GALLERY verf ed https://www.2dehands.be/q/verf+ed+/ Rond 1995 heb ik dat werk gemaakt. Ik noem het "altaar der culturen."Links ziet men een tv, onze gemeenschappelijke identiteit valt van het - silicium - glas - zand.De gemeenschappelijke informatiebronnen zijn verdwenen.De wijzen van vroeger opgevolgd door radio en uiteindelijk als laatste de tv die een ongeveer gemeenschappelijke boodschap uitdragen is niet meer.De informatie is versplinterd.Rechts ziet men een gietijzeren kandelaar daar in een mensenhoofd in papier. Stukken teksten. Krantenpapier "De encyclopedische mens".Gietijzer = nationalistenKandelaar = religieIn het midden staat de hedendaagse mens. Opgesloten. "de encyclopedische mens".Dit deel is gemaakt van een reclame voor lippenstift.Regeneratie KosmetikIn de dubbele wand gaan luchtbellen in het water de hoogte in.In die dubbel - transparantie - plexiglas zit diezelfde "encyclopedische mens".Het geheel staat op dunne platen, glas = chips = zand = silicium.Het geheel steunt op een gietijzeren pilaar = industriële cultuur.De gietijzeren plaat staat op de grond = landbouwcultuur.HET ALTAAR DER CULTUREN. Ik woonde toen in de Aalmoezenierstraat in Antwerpen. De jaren 90 tig.   http://www.anamorfose.be/verf/misc-images/verf-t-i-r-e   http://www.anamorfose.be/verf/misc-images/verf-t-i-r-e

verf ed: Contemporary interdisciplinair ArtTIST, nen tjolder, nen prutser. BIO.
19 0

a.m.a.d.a. amadezen en p.v.d.a. a

Een paar jaar geleden sprak ik met een topman van de PVDA, een voormalig lid van AMADA. Hij vond mij een anarchist. Ik zei hem dat zij niet wisten hoe een arbeider echt denkt. Hij verweet mij op zijn beurt dat ík het niet wist. Ik heb hem toen eens goed uitgelachen; ik heb immers van mijn 14e tot mijn 60ste in fabrieken gewerkt en als vrachtwagenchauffeur. Hij had ooit een paar maanden in een fabriek gestaan en vond dat "de mooiste tijd van zijn leven". Ik niet.Hun naam was "Alle Macht Aan De Arbeiders". Toen ik voor het eerst met die naam geconfronteerd werd, moest ik even slikken. Ik dacht aan mijn collega’s in de fabriek. Het idee dat zij opeens alle macht zouden verwerven... ik werd er niet goed van. Ik denk dat het vanaf het ogenblik dat in de Sovjet-Unie de arbeider in de drukkerij besliste wat de schrijver moest schrijven, gedaan was met de USSR. In 1968 was ik 16 jaar oud en werkte ik al twee jaar in de fabriek. De "Amadezen" vonden me in de jeugdclub en vroegen of ik mee de arbeiders wilde overtuigen van de voordelen van een revolutie, die volgens hen nabij was. Een week later stond ik naast een student voor een arbeider die zijn auto aan het wassen was voor zijn sociale woning. De student, wiens vader in een veel grotere wagen reed en in een immens huis woonde, droomde van de revolutie. Hij minachtte die arbeider blijkbaar. Ik dacht: hier klopt iets niet. Later besefte ik dat die student de functie had van politiek commissaris: hij controleerde mijn verhaal.Controle, daar draait het bij hen om. Dictators en massamoordenaars als Stalin en Mao zijn hun vriendjes. Van de dictaturen in Cuba en Venezuela zijn ze superfans. Het is zeer eigenaardig: ze zeggen dat ze tegen het kapitalisme zijn, maar in een van hun grote heldenstaten, China, zijn na de invoering van het kapitalisme miljoenen mensen uit de armoede gehaald. Het zijn dus ook leugenaars. China is ondertussen de grootste kapitalistische dictatuur ter wereld. Maar u kent de natuurwet: dictaturen vallen altijd. De Amadezen werden de PVDA, nog even gehersenspoeld als vroeger. Tijdens een SKEPP-etentje in Hasselt was er weer een; hij stond buiten in de kou te wachten om ons te overtuigen. Nog even volhardend. Pier Paolo Pasolini zei over die studenten die op de universiteiten letterlijk op politieagenten sloegen: "Die agenten zijn de zonen van arbeiders uit de lagere klasse." De zonen van de hogere klasse sloegen dus op de zonen van de lagere klasse. Het was een bloederig feestje van de elite tegen het volk. Ironisch genoeg zeiden die rijke zonen dat ze streden voor de arbeiders. Het feest duurde niet lang: een paar jaar later waren die revolutionairen aandeelhouder in de fabriek van hun vader. Ze werden junkies of yuppies. Toen kon de uitbuiting door deze "vroegere revolutionairen" pas echt beginnen, op de dag dat Ronald Reagan het feest inzette.De studentenromantiek van die tijd spreekt over "napalm in de morgen". Ha! Het was eerder kots, Duvel, wiet en heroïne (ook wel S.M.A.K. genoemd). Napalm? Alleen in hun dromen. Stalin, de stalinisten en hun "nuttige buitenlandse intellectuele idioten" zijn verantwoordelijk voor de repressie tegen communistische partijen wereldwijd. Zij zijn erin geslaagd de boodschap van Vrijheid, Gelijkheid en Broederschap te verkrachten. Nergens in de nalatenschap van de Franse Revolutie staat "dictatuur" geschreven.Voorstanders van Stalin zeggen ter verdediging dat hij de samenleving in snel tempo de industrialisatie heeft binnengeleid. Het Westen is die nieuwe tijd ook ingegaan, maar dan zonder massamoorden op de eigen bevolking. Daarom kan een dictatuur onmogelijk links zijn. Miljoenen Amerikanen hebben tijdens de Cubacrisis in doodsangst onder tafels leren schuilen voor kernraketten die op hun steden gericht stonden. De dictaturen in Cuba en Venezuela waren uiteindelijk zelfs de oorzaak van de winst van Jair Bolsonaro in Brazilië.   Foto VERF ED 1995 Mechels plein antwerpen Video https://youtu.be/EmCOjISsvsg?si=U9HXfgstwGuXb8EJ youtube VERF ED erotic, bad boy at night antwerpen, FOTO GALLERY verf ed https://www.2dehands.be/q/verf+ed+/   Rond 1995 heb ik dat werk gemaakt. Ik noem het "altaar der culturen."Links ziet men een tv, onze gemeenschappelijke identiteit valt van het - silicium - glas - zand.De gemeenschappelijke informatiebronnen zijn verdwenen.De wijzen van vroeger opgevolgd door radio en uiteindelijk als laatste de tv die een ongeveer gemeenschappelijke boodschap uitdragen is niet meer.De informatie is versplinterd.Rechts ziet men een gietijzeren kandelaar daar in een mensenhoofd in papier. Stukken teksten. Krantenpapier "De encyclopedische mens".Gietijzer = nationalistenKandelaar = religieIn het midden staat de hedendaagse mens. Opgesloten. "de encyclopedische mens".Dit deel is gemaakt van een reclame voor lippenstift.Regeneratie KosmetikIn de dubbele wand gaan luchtbellen in het water de hoogte in.In die dubbel - transparantie - plexiglas zit diezelfde "encyclopedische mens".Het geheel staat op dunne platen, glas = chips = zand = silicium.Het geheel steunt op een gietijzeren pilaar = industriële cultuur.De gietijzeren plaat staat op de grond = landbouwcultuur.HET ALTAAR DER CULTUREN. Ik woonde toen in de Aalmoezenierstraat in Antwerpen. De jaren 90 tig.   http://www.anamorfose.be/verf/misc-images/verf-t-i-r-e  

verf ed: Contemporary interdisciplinair ArtTIST, nen tjolder, nen prutser. BIO.
113 0

Afscheid van de geobsedeerde seks. a

  Het was op een ochtend dat ik met een barstende kop van de avond ervoor — ik was straalbezopen mijn bed in gekropen — aan de ontbijttafel zat. Terwijl ik kusjes uitdeelde, ontwaarde ik plotseling een van de Zweedse mannen naast me: Björn, met zijn zongebruinde lijf en vlezige lippen. We praatten wat in ons hakkelende Engels en de hele dag door communiceerden we, soms van een afstand, dan weer dichtbij, tot we ’s avonds onze lichamen lieten spreken.Dan was er Willempje, met wie ik een hele avond danste, door wie ik opgewonden raakte en die de hele nacht bij me bleef. De eerste avond, de discoavond, wilde ik zo graag iemand versieren dat ik uiteindelijk stomdronken en alleen onder de lakens kroop. Toen ik me de volgende dag met een zware kater weer bij de groep voegde, besefte ik dat het onmogelijk was om iemand ‘het bed in te slepen’ in een sfeer waar iedereen constant samen was.Als je iemand wilde leren kennen of iemand lief vond, dan ging je samen eten, deed je de afwas, wandelde je en praatte je; kortom, je lééfde samen. Als ’s avonds de muziek speelde, danste je. En als de herkenning wederzijds was, vree je ook samen. De dwingende barsfeer van ‘moeten versieren’ was verdwenen. Het was gewoon samenleven.Zoals met Pierre uit Lyon, mijn vriend die ik de eerste dag al in zijn blootje had zien rondlopen. Ik bracht twee nachten heel dicht bij hem door, pratend. Er was geen verplichting tot seks, maar wel de behoefte om hem echt te leren kennen en te voelen wie hij was en wat hem bezighield.En Pierre uit Parijs, die ik de eerste dag nog als een leuke bedpartner beschouwde. De nacht daarna dommelde ik zachtjes in zijn armen in, in een roes van Armagnac en Ricard. Enkele dagen later zocht hij me op, overmand door een nog onuitgesproken verliefdheid; zijn betraande gezicht bracht mij ook bijna aan het huilen. Maar ik kon niet meer, het was op.En Mathias, die lieve Nederlander. Op een dag dat ik diep in de put voor me uit zat te staren, nodigde hij me uit om koffie te gaan drinken in een van de omliggende dorpjes. Daar voelde ik weer de afkeer van de buitenwereld tegenover ons expliciete homoseksueel-zijn; mijn nagels waren gelakt en mijn ogen opgemaakt. Toen we het café binnenstapten, voelden we de priemende blikken en hoorden we het gegiechel van de klanten. Het gezicht van de waard versomberde naarmate hij ons langer bekeek.Tot slot was er Eef, de lieve man met wie ik de terugreis maakte. Twee dagen lang kickten we langzaam af en begeleidden we elkaar in het terugvinden van ‘onze plek’ in de ‘normale’ wereld. Ik herinner me de paranoia die in het begin van het kamp velen bang maakte voor onvriendelijke dorpelingen of een politie-inval. Maar ik herinner me ook onze solidariteit toen we de huisbaas de deur uitwerkten omdat hij de sfeer verpestte.Deze fragmenten waren momenten van intens leven. Ik vertel niet alles, want dat zou ik niet kunnen. Het was een ervaring van veertien dagen vol herkenning met iedereen in het kamp, waardoor ik gesterkt terugkeerde in de fallocratische maatschappij. Een plek waar ik me opnieuw realiseerde dat mijn homoseksualiteit een kans is om te experimenteren met mezelf en de mensen om me heen. Sindsdien ervaar ik mijn homo-zijn als een constante verrijking, als individu in een groep die altijd in beweging is.     FOTO verf ed BLOEMENKLEUREN poppy in het veld foto gallery VERF ED https://www.2dehands.be/q/verf+ed+/

verf ed: Contemporary interdisciplinair ArtTIST, nen tjolder, nen prutser. BIO.
0 0

Yoga. a

Yoga uit de jaren zestig: Twee lessen voor een lichter levenDe yoga die ik ken, ontdekte ik in de jaren zestig via een boekje van uitgeverij Desclée de Brouwer. Twee technieken die ik sindsdien bewust gebruik, hebben mijn leven een stuk aangenamer gemaakt. Ik deel ze graag, omdat ze ongetwijfeld ook voor u van waarde kunnen zijn. Het gaat om twee verrassende onderwerpen: de stoelgang en concentratie. StoelgangWie moeite heeft met zijn behoefte, heeft vaak de neiging om hard te persen. Hierdoor kan de darmwand naar buiten worden geduwd, wat resulteert in aambeien. De yoga-methode gebruikt de geest om de ontlasting op gang te helpen. Het werkt als volgt: zodra je op het toilet zit, ontspan je volledig. Oefen geen enkele fysieke druk uit op het onderlichaam. In plaats daarvan visualiseer je de meterslange darmen waar de inhoud doorheen moet glijden. Je wacht rustig af. Dat kan even duren, maar de verlichting die volgt wanneer de natuur zijn weg vindt, is onbeschrijfelijk. ConcentratieDit sluit nauw aan bij het voorgaande: het visualiseren van je eigen lichaam vereist focus. Deze concentratie kun je trainen, bijvoorbeeld door voor een brandende kaars te gaan zitten. Probeer de vlam met je geest te omvatten. Doe dit geleidelijk: de eerste dag één seconde, de tweede dag twee seconden, enzovoort. Op die manier leer je alle andere gedachten weg te duwen tot enkel het beeld van de kaarsvlam overblijft.Na verloop van tijd zul je merken dat je focus aanzienlijk verbetert. Deze oefening is bovendien ideaal bij slaapproblemen. Wie niet kan slapen en deze methode toepast, zal merken dat de slaap veel sneller vat krijgt. Lig je te woelen? Concentreer je dan op een denkbeeldige kaarsvlam, duw andere gedachten weg en... slaap. slaap……….slaap……….slaap……….   FOTO verf ed BLOEMENKLEUREN poppy foto gallery VERF ED https://www.2dehands.be/q/verf+ed+/

verf ed: Contemporary interdisciplinair ArtTIST, nen tjolder, nen prutser. BIO.
3 0